Terug
Gepubliceerd op 23/09/2024

2024_CBS_07349 - Omgevingsvergunning - OMV_2023054128. Meir 89-97. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 20/09/2024 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Jinnih Beels, schepen; Annick De Ridder, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Karim Bachar, schepen; Peter Wouters, schepen; Elisabeth van Doesburg, schepen; Erica Caluwaerts, schepen; Tatjana Scheck, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2024_CBS_07349 - Omgevingsvergunning - OMV_2023054128. Meir 89-97. District Antwerpen - Goedkeuring 2024_CBS_07349 - Omgevingsvergunning - OMV_2023054128. Meir 89-97. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2023054128

Gegevens van de aanvrager:

de heer Cédric Bellande met als adres Prinsenstraat 8 te 1000 Brussel

Gegevens van de exploitant:

NV H & M HENNES & MAURITZ (0465925741) met als adres Prinsenstraat 8 te 1000 Brussel

Ligging van het project:

Meir 89-97 te 2000 Antwerpen

Kadastrale percelen:

afdeling 3 sectie C nr. 206L

waarvan:

 

-          20230417-0071

afdeling 3 sectie C nr. 206L (H&M Meir 89-97)

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen, exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van de aanvraag:

het vernieuwen van verouderde technische installaties naar nieuwe energetisch duurzame en akoestisch performante toestellen op het plat dak van de achterbouw en het verder exploiteren van een kleinhandel in kleding in deze achterbouw

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis  

-          9/06/2023: vergunning (OMV_2022144628) voor het plaatsen van gevelreclame;

-          8/09/2017: vergunning (20171478) voor het wijzigen van de voorgevel met aanvraag plaatsen reclame;

-          26/08/2016: vergunning (20161212) voor het verbouwen van een bestaande H&M-winkel;

-          10/02/2006: vergunning (20053742) voor het wijzigen van een gevel;

-          15/05/2002: vergunning (2002904) voor het aanbrengen van een personenlift in een winkelpand;

-          6/03/2002: vergunning (86#8725712) voor het opdelen van een winkelpand, wijzigen van vitrines en de nieuwe situatie in overeenstemming brengen met de brandveiligheidsvoorschriften (door onder andere het toevoegen van een vluchttraphuis);

-          29/03/2019: vastgesteld bouwkundig erfgoed: Le Lloyd Belge https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/5526;

-          02/03/1983: beschermd als monument: Kantoorgebouw Le Lloyd Belge: gevel en daken https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/6056.

 

Vergunde en bestaande toestand  

-          functie: kledingwinkel;

-          bouwvolume:

  • gevelbreedte van 5 traveeën;
  • voorbouw van 3 bouwlagen onder een pseudo-mansarde;
  • achterbouw van 2 bouwlagen met plat dak; 
  • perceel volledig bebouwd;

-          gevelafwerking:

  • monumentale lijstgevel met parement uit witte natuursteen;
  • gestapelde loggia’s en een afgerond balkon met consoles en ijzeren borstwering;
  • winkelpui in zwarte aluminiumkaders;
  • bovenliggend buitenschrijnwerk in hout, zwart geschilderd.

 

Nieuwe toestand

-          functie: kledingwinkel;

-          bouwvolume:

  • gesloopt stooklokaal;
  • ontmantelde HVAC installaties;
  • nieuw volume voor de nieuwe luchtbehandelingskamer van 13,35 m x 8,35 m x 4,80 m hoog, ter hoogte van de linker perceelsgrens;
  • nieuwe technische zone voor 3 nieuwe warmtepompen van 4 m hoog, ter hoogte van de linker perceelgrens, afgeschermd met akoestische panelen met een hoogte 3 m;

-          gevelafwerking: akoestische schermen en gevel van de luchtbehandelingskast in witte metalen gevelpanelen.

 

Inhoud van de aanvraag

-          slopen van het bestaande stooklokaal;

-          ontmantelen van de bestaande HVAC installaties;

-          voorzien van een nieuwe technische zone voor 3 nieuwe warmtepompen afgeschermd met akoestische panelen;

-          bouwen van een nieuw volume voor de nieuwe luchtbehandelingskamer;

-          vernieuwen van het leidingentracé van de nieuwe technische installaties naar de bestaande dakdoorvoeren.

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Op 27 juli 1995 nam het college akte van een melding ingediend door Cit Blaton voor de exploitatie van algemene aannemingswerken (AN1995/339).

 

Op 22 juni 1995 verleende het college aan Marks & Spencer Belgium nv een milieuvergunning klasse 2 voor de exploitatie van een kledingzaak (AN1995/196). De vergunning was geldig tot 22 juni 2015.

 

Het college verleende op 5 februari 2003 een milieuvergunning klasse 2 aan H&M Hennes & Mauritz nv voor het exploiteren van een groot- en kleinhandel in textiel (AN2002/675). De vergunning was geldig tot 5 februari 2023.

 

Inhoud van de aanvraag

De aanvraag omvat het verder exploiteren van een kleinhandel in kleding.

 

Aangevraagde rubriek(en)

 

Aangevraagde rubriek(en) H&M Meir 89-97
 

Rubriek

Omschrijving

Gevraagd voor

16.3.2°b)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van meer dan 200 kW;

351,69 kW

17.3.2.1.1.1°b)

opslag van gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt hoger dan of gelijk aan 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton als de inrichting niet hoort bij de woonfunctie van een onroerend goed dat hoofdzakelijk als woongelegenheid wordt gebruikt;

0,17 ton

  

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Aquafin

20 juni 2024

5 augustus 2024

Voorwaardelijk gunstig

De Vlaamse Waterweg - Afdeling Regio Centraal

20 juni 2024

20 augustus 2024

Geen advies

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

20 juni 2024

25 juli 2024

Voorwaardelijk gunstig

Agentschap Onroerend Erfgoed

20 juni 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

 

Water-link

20 juni 2024

5 augustus 2024

Voorwaardelijk gunstig

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Ondernemen en Stadsmarketing/ Business en Innovatie

20 juni 2024

10 juli 2024

Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Monumentenzorg

20 juni 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

  

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Binnenstad, goedgekeurd op 26 april 2012. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zones: artikel 4: zone voor wonen - (wo4) en artikel 5: zone voor centrumfuncties - publieksgerichte gebouwen (ce5).

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan op het volgend punt:

-          Artikel 2.1.13 Schoorstenen en technische installaties:

Technische installaties moeten in het maximaal toelaatbare bouwvolume verwerkt zitten zoals bepaald in punt 2.1.3. De warmtepompen en luchtbehandelingskamer worden voorzien op het platte dak van de 1ste verdieping van de achterbouw.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023.
De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.
 

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
(De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op het volgend punt:

  • Artikel 16 Technische uitsprongen:

Alle technische installaties worden bij voorkeur inwendig in het gebouw ondergebracht. Indien dit onmogelijk is, kunnen ze uitwendig aan het gebouw worden aangebracht en dit enkel op het hoogst gelegen dak en op voorwaarde dat deze technische zone, inclusief alle onderdelen, niet hoger is dan 2,50 meter ten opzichte van de kroonlijst en binnen een verticale hoek van 45° ten opzichte van alle gevelvlakken vertrekkend vanaf de bovenkant van de kroonlijst en binnen het toegelaten bouwvolume.

Klimaatbeheersingstoestellen en alle bijbehorende leidingen dienen volgens de regels geplaatst te worden: ze mogen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare ruimte, ze mogen niet uitwendig tegen voor- of zijgevels geplaatst worden, ze dienen op minstens 2 meter van de perceelgrenzen geplaatst te worden, de geluidssterkte van het klimaatbeheersingstoestel mag niet meer dan 43 dB(A) bedragen aan de perceelsgrens.

De warmtepompen en luchtbehandelingskamer worden voorzien op het platte dak van de 1ste verdieping van de achterbouw. De warmtepompen, de akoestische schermen en de luchtbehandelingskamer zijn respectievelijk 4 meter, 3 meter en 4,80 meter hoger dan de kroonlijst van het platte dak van de achterbouw.

 

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan u raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving besluit de toegevoegde project-MER-screeningsnota dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

-          Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag geen project is voor de exploitatie van een IIOA met één of meer stationaire bronnen van stikstofoxiden.

Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is.

Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing. De berekende impactscore is kleiner dan of gelijk aan 1%. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.

 

-          Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het voorliggende project is geheel gelegen in een zone waarvoor De Vlaamse Waterweg aangewezen is als adviesinstantie.

Het project is gelegen in een zone met een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat.

Het project is gelegen in een zone met een kleine fluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat.

Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

(Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht)

 

-          Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
 

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009. 
(De VCRO kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Functionele inpasbaarheid

Het vernieuwen en groeperen van de technische installaties bij een commerciële ruimte komt de uitbating ten goede en onder voorwaarden beperkt het de impact op de omgeving.

 

Schaal – ruimtegebruik – bouwdichtheid

Het perceel is volledig bebouwd over twee bouwlagen ter hoogte van de achterbouw en drie bouwlagen en een dak ter hoogte van de straat. Het maximale bouwvolume op het perceel is reeds bereikt waardoor het voorzien van technische installaties en volumes op deze platte daken principieel in strijd is met artikel 2.1.13 van het RUP Binnenstad en met artikel 16 van de bouwcode dat stelt dat alle technische installaties bij voorkeur inwendig in het gebouw worden ondergebracht. Ook de hoogte van de warmtepompen (4 meter) en de luchtbehandelingskamer (4,80 meter) overschrijdt de maximale hoogte van 2,50 meter volgens de bouwcode.

 

De aanvrager motiveert in de beschrijvende nota dat voorgestelde inplanting de meest gunstige is voor de omgeving zonder ingrijpende aanpassingen aan het recent verbouwde pand zelf. De technische installaties worden gegroepeerd ter hoogte van de linkse opgaande scheimuur van de gebuur waardoor de zichtbaarheid vanuit de omliggende panden wordt beperkt. Er wordt ingezet op een duurzame installatie zodat zowel het geluidsvermogen, als het energieverbruik voldoet aan de recente regelgeving. Overeenkomstig artikel 4.4.1 van de VCRO kunnen na het voeren van een openbaar onderzoek deze beperkte afwijkingen op de voorschriften worden toegestaan omwille van de verbetering van de impact op de omgeving.

 

Cultuurhistorische aspecten

Het gebouw is opgenomen op de lijst van bouwkundig erfgoed en de gevels en de daken zijn beschermd als Monument. Er werd geen advies gegeven door het Agentschap Onroerend Erfgoed binnen de termijn van 30 dagen waardoor hun advies wordt verondersteld gunstig te zijn.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Aquafin adviseert de aanvraag voorwaardelijk gunstig. Zij merken op dat volgens artikel 43 van de bouwcode de inhoud van de septische put voor dit gebouw minstens 13.470 liter moet bedragen (voor een bvo van 3.984 m² komt dit neer op 26,6 GE). Het volume van de septische put is onbekend. Aquafin adviseert dat als de huidige septische put een nuttig volume heeft van minstens 8.470 liter akkoord kan worden gegaan om deze te behouden. Indien deze meer dan 5.000 liter kleiner is dan vereist, dient deze tot minimaal 13.470 liter te worden uitgebreid. De voorwaarden uit het advies van Aquafin maken integraal deel uit van de vergunning.

 

Het advies van de brandweer is voorwaardelijk gunstig en moet strikt worden nageleefd.

 

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

 

H&M Hennes & Mauritz nv, kortweg H&M, is een kledingwinkelketen met 85 vestigingen verspreid over het land. De aanvraag betreft het verder exploiteren van het bestaande kleinhandel, gelegen aan de Meir 89-97 te 2000 Antwerpen.

 

Voor de exploitatie van de kleinhandel in kleding worden de volgende ingedeelde inrichtingen of activiteiten (IIOA’s) gevraagd:

- de exploitatie van warmtepompen (rubriek16.3.2°b);

- de opslag van diesel (rubriek 17.3.2.1.1.1°b).

 

Warmtepompen

De bestaande technische installatie voor koeling en verwarming voldoet niet aan de vigerende geluidsnormen. Momenteel staan de verschillende toestellen verspreid over het dak. De exploitant wenst enkele verouderde toestellen te vervangen en alle toestellen op één strategische locatie te plaatsen. De nieuwe technische zone wordt buiten voorzien op het dak van de achterbouw, bestaande uit twee bouwlagen. Het dak van de achterbouw wordt tevens vernieuwd en geïsoleerd.

 

De verouderde toestellen die veel geluid produceren en meer elektriciteit verbruiken, worden vervangen door een luchtgroep (100 kW) voorzien in een akoestische cabine en drie warmtepompen (3x 77,35 kW) in een akoestische behuizing. Daarnaast worden de bestaande drie warmtepompen C-1, C-2, C-3 (totaal 10,39 kW), waarvan twee zijn uitgerust met een geluiddemper en de derde opgesteld wordt binnen een omkasting, behouden. Ook de drie bestaande warmtepompen E-1, E-2 (totaal 8,27 kW), en warmtepomp F (0,98 kW) blijven in gebruik. Alle toestellen worden op het dak van de achterbouw geïnstalleerd.

Aan het aanvraagdossier is een akoestische studie toegevoegd (referentie: 2304-1744). Deze studie houdt rekening met de ‘worstcase’ belasting, waarbij alle installaties op volle capaciteit draaien. Uit de resultaten van de studie blijkt dat het ontwerp bij volledige capaciteit voldoet aan de geluidsnormen. Bovendien is gebleken dat het plaatsen van een akoestisch scherm rondom de installaties niet noodzakelijk is om aan de geluidsnormen te voldoen, hoewel het plaatsen van een scherm enige geluidsreductie en visuele afscherming kan bieden. De nieuwe installaties en warmtepomp C zullen worden voorzien van akoestische schermen.

 

Na de installatie moet gecontroleerd worden of te allen tijde aan de geluidsnormen, zoals bepaald in bijlage 4.5.4 van Vlarem II, wordt voldaan. Bij voorkeur wordt dit bevestigd door resultaten van effectieve geluidsmetingen, dit na opstart van de exploitatie van de warmtepompen. Indien blijkt dat niet aan de geluidsnormen wordt voldaan, dient de exploitant onmiddellijk de nodige constructieve maatregelen te treffen om de naleving te waarborgen.

 

Het totale CO2-equivalent van de warmtepompen bedraagt 116,47 ton. Het totale CO2-equivalent ligt ruim onder de 2.000 ton.

 

Een voorstel van de Europese Commissie geeft aan dat warmtepompen met een vermogen van meer dan 12 kW vanaf 2027 gevuld moeten zijn met een koelmiddel met een Global Warming Potential (GWP) van minder dan 750.

Uit het dossier blijkt dat de warmtepompen gebruik maken van de koelmiddelen R410A (GWP 2.088) en R454B (GWP 466). Het gekozen koelmiddel, R454B, heeft een GWP van 466, wat veel lager is dan dat van R410A. Het koelmiddel R410A heeft een hoog GWP. In het kader van duurzaamheid wordt gevraagd te onderzoeken of een koelmiddel met een lager GWP gebruikt kan worden.

 

Opslag van diesel

Er wordt diesel (0,167 ton) opgeslagen in een bovengrondse opslagtank van 200 liter voor de sprinklerinstallatie. De bovengrondse opslagtank is dubbelwandig uitgevoerd en voorzien van lekdetectie en overvulbeveiliging. De tank bevindt zich in de kelder (niveau -1) en wordt periodiek gekeurd door een erkende deskundige.

Een recent technisch verslag van de bovengrondse opslagtank, opgesteld door een erkend controleorganisme, is toegevoegd aan het onderhavig aanvraagdossier. Hieruit blijkt dat de tank op het moment van de controle technisch veilig is bevonden en conform de voorschriften.

 

Niet ingedeelde activiteiten

Het huishoudelijk afvalwater is afkomstig van de sanitaire voorzieningen en wordt met een maximaal debiet van 435 m3/jaar geloosd op de openbare riolering. Er zijn twee transformatoren aanwezig (500 kVA en 250 kVA). Deze olie-gebaseerde transformatoren zijn in een inkuiping geplaatst. In de kelder van de vestiging bevindt zich een sprinklerinstallatie. Het vermogen van de dieselpomp bedraagt 57 kW. In de opslagruimte achter de winkel wordt minder dan 10 ton textiel bewaard. Deze activiteiten zijn niet indelingsplichtig.

 

De aanwezige stookinstallaties worden verwijderd en volledig afgekoppeld van het gasnet. De verwarming en koeling zullen nu enkel via warmtepompen plaatsvinden.

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie strikt na te leven.

2. De specifieke en algemene voorwaarden uit het advies van Aquafin dienen strikt te worden nageleefd. 

 

Advies over de ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Mits voldaan wordt aan de algemene en sectorale vergunningsvoorwaarden, is deze aanvraag in overeenstemming met de Vlarem-wetgeving. Vanuit milieutechnisch oogpunt wordt positief advies gegeven de vergunning te verlenen.

 

Geadviseerde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Geadviseerd voor

16.3.2°b)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van meer dan 200 kW; (inrichting H&M Meir 89-97)

351,69 kW

17.3.2.1.1.1°b)

opslag van gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt hoger dan of gelijk aan 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton als de inrichting niet hoort bij de woonfunctie van een onroerend goed dat hoofdzakelijk als woongelegenheid wordt gebruikt; (inrichting H&M Meir 89-97)

0,17 ton

 

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

18 april 2024

Volledig en ontvankelijk

20 juni 2024

Start openbaar onderzoek

30 juni 2024

Einde openbaar onderzoek

29 juli 2024

Beslissing aanvaarding wijzigingsaanvraag

23 augustus 2024

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

3 oktober 2024

Verslag GOA

13 september 2024

Naam GOA

Katrine Leemans en Bieke Geypens


Wijzigingsverzoeken

De aanvrager heeft één of meerdere verzoeken ingediend om zijn oorspronkelijke dossier te wijzigen.

Minstens één van die verzoeken werd aanvaard, waardoor de aanvaarde wijzigingen mee beoordeeld worden.

 

Onderzoek

De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

 

Bespreking van de bezwaren

Geluid: de bezwaarindiener woont op slechts 40 meter van het onderwerp van de aanvraag en maakt zich zorgen over geluidsoverlast.

Beoordeling: Technische installaties dienen bij voorkeur intern of als dat niet mogelijk is, op het hoogste dak voorzien te worden.

Het inplantings- en inrichtingsplan werden toegevoegd aan het aanvraagdossier met vermelding van de locatie van de buitenunits van de warmtepompen. Tevens werd de technische fiche van de installaties toegevoegd aan het dossier. Volgens de bijgevoegde geluidstudie blijkt dat de geluidsnormen gerespecteerd zullen worden. De exploitant zal te allen tijde aan deze milieukwaliteitsnormen voor geluid in openlucht moeten voldoen.

Het bezwaar is ongegrond. 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:

 

-          de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;

-          het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

 

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

De algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie strikt na te leven.

2. De specifieke en algemene voorwaarden uit het advies van Aquafin dienen strikt te worden nageleefd.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

 

De vergunning omvat thans volgende rubriek(en):

 

Rubriek

Omschrijving

Gecoördineerd

16.3.2°b)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van meer dan 200 kW; (inrichting H&M Meir 89-97)

351,69 kW

17.3.2.1.1.1°b)

opslag van gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt hoger dan of gelijk aan 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton als de inrichting niet hoort bij de woonfunctie van een onroerend goed dat hoofdzakelijk als woongelegenheid wordt gebruikt; (inrichting H&M Meir 89-97)

0,17 ton

 

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.