Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2024076313 |
Gegevens van de aanvrager: | de heer Arne Heylen met als contactadres Verenigde Natieslaan 154 te 2660 Antwerpen en mevrouw Laure Heylen met als adres Lange Zandstraat 25 te 2860 Sint-Katelijne-Waver |
Ligging van het project: | Sint-Bavostraat 38 te 2610 Wilrijk (Antwerpen) |
Kadastrale percelen: | afdeling 42 sectie C nr. 101B3 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | verbouwen en uitbreiden van een meergezinswoning |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 21/05/2024: statusrapport.
Vergunde toestand
Er zijn geen vergunningen teruggevonden in de archieven;
Toestand bij inwerkingtreding gewestplan Antwerpen:
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
Bestaande toestand
- afwijkend.
Nieuwe toestand
- functie:
- 1 tweeslaapkamerappartement op het gelijkvloers;
- 2 eenslaapkamerappartementen op de bovenliggende verdiepingen (1 per verdieping);
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
Inhoud van de aanvraag
- uitbreiden van het volume;
- voorzien van een terrasconstructie op de eerste- en tweede verdieping;
- wijzigen van de voorgevel;
- isoleren van de zij-, achtergevel en het dak;
- wijzigen van de scheimuren;
- doorvoeren van interne constructieve werken.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen | 10 juli 2024 | 2 september 2024 | Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Water | 9 juli 2024 | 5 augustus 2024 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het bijzonder plan van aanleg BPA nr. 1-2 Sint-Bavostraat-Dr Donnyplein en omgeving, goedgekeurd bij ministerieel besluit van 23 februari 1993. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: zone c voor woningen.
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Bijzondere plannen van aanleg (BPA's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van het bijzonder plan van aanleg nr.1-2-st.-bavostraat-dr.donnyplein en omgeving op volgende punten:
- Hoofdstuk II Bebouwingsvoorschriften / Deel 1 Hoofdgebouwen:
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend punt:
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
(De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan u raadplegen via “https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving”)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatorische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing.
Er werd geen impactscore berekening aan het dossier toegevoegd. Na onderzoek kan echter in alle redelijkheid worden geconcludeerd dat de impactscore voor dit project de drempelwaarde van 1% niet overschrijdt. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het project is gelegen in een zone met een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat (score D).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).
Het project is gelegen in een zone met een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat (score D).
Het overstromingsveilig pluviaal peil bij een middelgrote kans toekomstig klimaat bedraagt 17,56 mTAW. Bij een middelgrote kans toekomstig klimaat bedraagt de pluviale waterdiepte die gemodelleerd wordt tegen het gebouw circa 30 cm. De vloerpas van de gelijkvloerse verdieping zit daarboven. Links en rechts van de inkomdeur zijn kelderroosters zichtbaar in het voetpad. De kelder loopt gevaar op instroming van overstromingswater met beschadiging van technische installaties tot gevolg.
Aangeraden wordt om de DWA- en RWA-afvoer te beveiligen met terugslagkleppen.
Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
(Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://www.vmm.be/water/overstromingen/hoe-je-woning-beschermen/
- Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Op het gelijkvloers wenst men een bestaande uitbreiding te regulariseren en deze beperkt te verhogen en uit te breiden. De uitbreiding wordt ingericht met een slaapkamer en een open keuken die aansluit op de leefruimte. Aan de straatzijde blijft de bestaande slaapkamer behouden. De gewenste wijzigingen zorgen voor een verhoging van de verblijfskwaliteit in het gelijkvloerse appartement en zijn bijgevolg stedenbouwkundig aanvaardbaar op voorwaarde dat de vrije hoogte in de slaapkamer wordt voorzien op 2,60 meter zoals opgenomen in de bepalingen van artikel 21 van de bouwcode.
De wijzigingen op de eerste en tweede verdieping beperken zich tot het toevoegen van kwalitatieve private buitenruimtes aan de achterzijde van het pand. Deze worden voorzien als een toegevoegde open stalen constructie. Het gebruik van staal benadrukt het gebruik van deze constructie waardoor deze aanvaard kan worden. De voorziene terrassen houden voldoende afstand tot beide buren waardoor er geen onaanvaardbaar privacy probleem ontstaat.
Achter de gelijkvloerse uitbreiding wordt een ‘tuinhuis’ voorzien. Het dossier bevat verder geen gegevens over deze constructie buiten een aanduiding op het plan gelijkvloers. Een tuinhuis op deze plek is aanvaardbaar op voorwaarde dat deze niet hoger wordt voorzien dan de aanpalende tuinmuur en in materialen conform de bebouwingsvoorschriften van het bijzonder plan van aanleg.
Visueel-vormelijke elementen
De bouwheer wenst de zij- en achtergevel te isoleren en te voorzien van imitatie-paramentafwerking.
Het na - isoleren van de zij- en achtergevel is vanuit stedenbouwkundig oogpunt aanvaardbaar. Door het energiezuinig renoveren van woningen wordt er bijgedragen aan de klimaatambities, wat wordt gestimuleerd.
De afwerking met (imitatie-)paramentafwerking is strijdig met de voorschriften van het geldende bijzonder plan van aanleg. Echter kan beoordeeld worden dat het imiteren van de bestaande toestand, na isolatie van de zijgevel, aanvaardbaar is in de omgeving op voorwaarde dat de kopse kant van deze isolatie aan de straatzijde wordt afgewerkt met een afwerking gelijk aan deze van de rest van de voorgevel. Ter hoogte van de tuinmuur dient dan ook geen (overbodige) plaat te worden toegevoegd.
Overeenkomstig artikel 4.4.1 van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening kan na het voeren van een openbaar onderzoek deze afwijking toegestaan worden.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Wanneer er zich in de bestaande toestand elementen van nutsvoorzieningen bevinden aan de gevel moeten deze na het uitvoeren van de werken opnieuw gemonteerd worden aan de gevel op een duurzame manier (eventueel met een achterliggende constructie). Deze elementen moeten te allen tijde kunnen hersteld worden of weggenomen worden. Indien nodig wordt hiervoor contact opgenomen met de dienst Openbaar Domein.
De aanvraag voldoet niet aan de verordening hemelwater. Tijdens de procedure is er contact geweest met de architect. Deze bevestigt dat de toiletten van verdieping 1 en 2 mee zullen aangesloten worden op de hemelwaterput. Dit om het hergebruik te optimaliseren en aftrek van 30 m² op de afwaterende oppervlakte te geven. Dit zal in voorwaarde worden opgenomen.
Het perceel is groter dan 120 m². De hemelwaterput moet overlopen in een (bovengrondse) infiltratievoorziening. Door de aansluiting van de toiletten van verdieping 1 en 2 op de hemelwaterput verkleint deze wadi naar een minimaal volume van 1251,69 liter en minimale oppervlakte van 3,03 m². Om effectief te zijn en drainage van het grondwater te vermijden, dient de infiltratievoorziening zich geheel boven de gemiddelde voorjaarsgrondwaterstand te bevinden. Enkel het volume en de oppervlakte van de infiltratievoorziening boven dit peil kunnen in rekening genomen worden. Er dient een open infiltratiesysteem (type wadi) aangelegd te worden. Een noodoverloop is toegestaan. Enkel het infiltratievolume en –oppervlakte onder de noodoverloop kunnen meegerekend worden in de dimensionering. Ook dit wordt in voorwaarde opgenomen.
Er worden geen toezichtsputten ter hoogte van de aansluiting van de leidingen met het openbaar rioolstelsel voorzien conform de bepalingen van artikel 41 van de bouwcode. Dit wordt in voorwaarde opgenomen.
Mits het naleven van de gestelde voorwaarden voldoet het pand aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3. De slaapkamer achteraan het gelijkvloers te voorzien van een vrije hoogte van 2,60 meter conform de bepalingen van artikel 21 van de bouwcode.
4. De kopse kant van de isolatie aan de straatzijde af te werken met een afwerking gelijk aan deze van de rest van de voorgevel en geen plaat te voorzien ter hoogte van de tuinmuur.
5. De elementen voor nutsvoorzieningen die zich aan de gevel bevinden in de bestaande toestand, integraal te verplaatsen.
6. De toiletten van verdieping 1 en 2 mee aan te sluiten op de hemelwaterput.
7. Een wadi te voorzien met een minimaal volume van 1251,69 liter en minimale oppervlakte van 3,03 m².
8. Toezichtsputten te voorzien ter hoogte van de aansluiting van de leidingen met het openbaar rioolstelsel conform artikel 41 van de bouwcode.
9. Het tuinhuis niet hoger te voorzien dan de aanpalende tuinmuur en in materialen conform de bebouwingsvoorschriften van het bijzonder plan van aanleg.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 3 juni 2024 |
Volledig en ontvankelijk | 9 juli 2024 |
Start openbaar onderzoek | 19 juli 2024 |
Einde openbaar onderzoek | 17 augustus 2024 |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 22 oktober 2024 |
Verslag GOA | 16 september 2024 |
Naam GOA | Wim Van Roosendael |
De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3. De slaapkamer achteraan het gelijkvloers te voorzien van een vrije hoogte van 2,60 meter conform de bepalingen van artikel 21 van de bouwcode.
4. De kopse kant van de isolatie aan de straatzijde af te werken met een afwerking gelijk aan deze van de rest van de voorgevel en geen plaat te voorzien ter hoogte van de tuinmuur.
5. De elementen voor nutsvoorzieningen die zich aan de gevel bevinden in de bestaande toestand, integraal te verplaatsen.
6. De toiletten van verdieping 1 en 2 mee aan te sluiten op de hemelwaterput.
7. Een wadi te voorzien met een minimaal volume van 1251,69 liter en minimale oppervlakte van 3,03 m².
8. Toezichtsputten te voorzien ter hoogte van de aansluiting van de leidingen met het openbaar rioolstelsel conform artikel 41 van de bouwcode.
9. Het tuinhuis niet hoger te voorzien dan de aanpalende tuinmuur en in materialen conform de bebouwingsvoorschriften van het bijzonder plan van aanleg.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.