Terug
Gepubliceerd op 30/09/2024

2024_CBS_07531 - Omgevingsvergunning - OMV_2024072886. Kempenstraat 116. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 27/09/2024 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Bart De Wever, burgemeester; Koen Kennis, schepen; Jinnih Beels, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Karim Bachar, schepen; Peter Wouters, schepen; Elisabeth van Doesburg, schepen; Erica Caluwaerts, schepen; Tatjana Scheck, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Verontschuldigd

Annick De Ridder, schepen

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Bart De Wever, burgemeester
2024_CBS_07531 - Omgevingsvergunning - OMV_2024072886. Kempenstraat 116. District Antwerpen - Goedkeuring 2024_CBS_07531 - Omgevingsvergunning - OMV_2024072886. Kempenstraat 116. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2024072886

Gegevens van de aanvrager:

de heer Jelle Roels met als contactadres Generaal Lemanstraat 55 bus 1 te 2018 Antwerpen, VVZRL Kempendok Ontwikkeling met als adres Generaal Lemanstraat 55 bus 1 te 2018 Antwerpen en de heer Peter De Decker met als adres Zandvoordestraat 465 te 8400 Oostende

Gegevens van de exploitant:

VVZRL Kempendok Ontwikkeling (0791343024) met als adres Generaal Lemanstraat 55 bus 1 te 2018 Antwerpen

Ligging van het project:

Kempenstraat 116 te 2030 Antwerpen

Kadastrale percelen:

afdeling 7 sectie G nr. 2403A

waarvan:

 

-          20240321-0027

afdeling 7 sectie G nr. 2403A (Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen, exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van de aanvraag:

bouwen van een woontoren (W2) met 92 appartementen, een reca-functie en het invullen van 2 ondergrondse bouwlagen, het exploiteren van warmtepompen, de opslag van gevaarlijke producten en het lozen van huishoudelijk afvalwater

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          08/02/2024: vergunning (20234040) voor het ziekenhuis: verandering door wijziging en uitbreiding;

-          12/05/2022: vergunning (2022191) voor het ziekenhuis Cadix: het regulariseren van stedenbouwkundige handelingen, het aanvragen van lichtreclame en het actualiseren van ingedeelde inrichtingen of activiteiten;

-          12/02/2021: vergunning (20203592) voor het oprichten van een toren (W2) met exploitatie van hotel en kantoorruimte

-          16/03/2018: vergunning (20173365) voor het regulariseren van wijzigingen ten opzichte van de afgeleverde vergunning 20152767 voor de nieuwbouw van het ziekenhuis ZNA Spoor Noord.

 

Vergunde toestand

-          2 ondergrondse bouwlagen ingericht als parking voor het ZNA plus casco ruimtes voor de toekomstige ontwikkeling van woontoren 2.

 

Bestaande toestand

-          tijdelijke loods in functie van de toegankelijkheid en waterdichting van de ondergrondse circulatiekern.

 

Nieuwe toestand

-          meergezinswoning met een gelijkvloerse reca functie plus 92 appartementen waarvan:

  • 5 eenslaapkamer appartementen;
  • 73 tweeslaapkamer appartementen;
  • 14 drieslaapkamer appartementen;

-          vrijstaande woontoren van 24 bouwlagen onder plat dak;

-          inrichting van bergruimtes en de gemeenschappelijke fietsenberging in de ondergrondse bouwlagen;

-          aanleg van een gemeenschappelijk zwembad voor de bewoners op de 11de verdieping;

-          afwerking van de gevels in lichtgrijze natuursteen met buitenschrijnwerk in donkerbronskleurig aluminium;

-          aanleg van de gelijkvloerse buitenruimte in hardsteen tegels uitgevoerd conform de aangrenzende bestrating.


Inhoud van de aanvraag

-          oprichten van een meergezinswoning;

-          vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 0 naar 92;

-          inrichten van de functies wonen en reca;

-          uitbreiden van het volume;

-          wijzigen van de voorgevel;

-          wijzigen van de scheimuren;

-          doorvoeren van interne constructieve werken.

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Op 12 februari 2021 werd er een vergunning (OMV_2020135689) verleend voor de exploitatie van technische installaties in functie van een hotel en kantoren in hoogbouwproject.

 

Aangevraagde rubriek(en)

 

Aangevraagde rubriek(en) Kempendok Ontwikkeling VVZRL
 

Rubriek

Omschrijving

Gevraagd voor

3.2.2°a)

het lozen van meer dan 600 m³/jaar huishoudelijk afvalwater, niet afkomstig van woongelegenheden, wanneer het lozingspunt gelegen is in een centraal gebied en/of een collectief geoptimaliseerd en individueel te optimaliseren buitengebied en/of buiten het zoneringsplan;

768,00 m³/jaar

12.1.1.1°b)

inrichtingen die wisselspanning opwekken, met een geïnstalleerd totaal elektrisch schijnbaar vermogen van 150 kVA tot en met 200 kVA als de inrichting volledig of gedeeltelijk in een ander gebied dan een industriegebied ligt;

165,00 kVA

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW;

163,60 kW

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van deze vermeld onder rubriek 48, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kg, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 liter en 5.000 kg of 5.000 liter;

500,00 liter

31.1.1°b)

stationaire motoren en gasturbines met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 500 kW, als de inrichting volledig of gedeeltelijk is gelegen in een ander gebied dan industriegebied;

377,50 kW

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

De Vlaamse Waterweg - Afdeling Regio Oost

20 augustus 2024

19 september 2024

Geen advies

De Vlaamse Waterweg - Afdeling Regio Centraal

20 augustus 2024

19 september 2024

Geen advies 

Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer - DGLV - Airfields

20 augustus 2024

11 september 2024

Voorwaardelijk gunstig

Fluvius System Operator

20 augustus 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

 

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

20 augustus 2024

25 september 2024

Voorwaardelijk gunstig

Proximus

20 augustus 2024

26 augustus 2024

Voorwaardelijk gunstig

De Lijn Entiteit Antwerpen

20 augustus 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

 

  

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Autonoom gemeentebedrijf voor vastgoed en stadsprojecten in Antwerpen (VESPA)

20 augustus 2024

17 september 2024

Ondernemen en Stadsmarketing/ Business en Innovatie

20 augustus 2024

2 september 2024

Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering

20 augustus 2024

4 september 2024

Stadsontwikkeling/ Klimaat en Leefmilieu

20 augustus 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

Stadsontwikkeling/ Mobiliteit

20 augustus 2024

30 augustus 2024

Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Ruimtelijke Planning/ Grond- en pandendecreet

20 augustus 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Ruimtelijke Planning/ SL

20 augustus 2024

23 augustus 2024

Stadsontwikkeling/ Team Stadsbouwmeester

20 augustus 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

Stadsontwikkeling/ Team Stadsbouwmeester/ Integrale Kwaliteitskamer

20 augustus 2024

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009.

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Eilandje, goedgekeurd op 1 september 2011. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: zone voor publiek domein-artikel 7.

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Zorgsite Kempenstraat, goedgekeurd op 23 april 2015. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zones: zone voor centrumfuncties-artikel 1-(ce1) en zone voor publiek domein-artikel 3-(pu1).

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een gebied voor ambachtelijke bedrijven of gebieden voor kleine en middelgrote ondernemingen. Deze gebieden zijn mede bestemd voor kleine opslagplaatsen van goederen, gebruikte voertuigen en schroot, met uitzondering van afvalproducten van schadelijke aard, (Artikel 8 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het bijzonder plan van aanleg BPA Stedelijk Park Spoor Noord, goedgekeurd bij ministerieel besluit van 29 juni 2005. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: zone voor stedelijke ontwikkeling westelijke kop.

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP's) en bijzondere plannen van aanleg (BPA's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan Zorgsite Kempenstraat.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend punt:

  • Er wordt een afwijking gevraagd op infiltratie.

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening toegankelijkheid op volgende punten:

  • Artikel 15: de gangen in kelderverdieping 2 zijn slechts 120cm breed en worden niet voorzien van de vereiste draaicirkels om de 10m en aan het begin en einde van elke versmalling.
  • Artikels 19 en 20: de verbinding tussen de nieuwe fietsenstalling en de nog in te richten circulatieruimte (via lift en trappen) naar de appartementen, loopt via een voorlopige, reeds bestaande trap. Er wordt ter plekke geen helling of lift voorzien.
  • Artikel 25: de deur van de gang naar de bergruimtes in kelderverdieping 2, bezit geen vrije en vlakke wand- en vloerbreedte naast de krukzijde.
  • Artikel 27: er worden geen aangepaste parkeerplaatsen voorzien conform artikel 27 van de verordening Toegankelijkheid.

-          Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023).
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 28 april 2014 en goedgekeurd bij besluit van de deputatie van de provincie Antwerpen van 9 oktober 2014.
(De bouwcode kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

  • Artikel 27 Open ruimte: de onbebouwde buitenruimte op het maaiveldniveau wordt volledig verhard en helemaal niet vergroend aangelegd of ingericht.
  • Artikel 29 Fietsstalplaatsen en fietsparkeerplaatsen: Het is onduidelijk of de fietsenstalling wordt voorzien van de vereiste elektrische oplaadpunten conform artikel 29 van de bouwcode. Daarnaast is de fietsenstalling vanaf de lift via de tussentrap (in plaats van een helling) niet optimaal bereikbaar.

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan u raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving).

De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving besluit de toegevoegde project-MER-screeningsnota dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

-          Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag geen project is voor de exploitatie van een IIOA met één of meer stationaire bronnen van stikstofoxiden. Het beoordelingskader uit het decreet is dus niet van toepassing en de opmaak van een passende beoordeling (artikel 28 decreet) is niet vereist. 

Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs geoordeeld worden dat voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Het beoordelingskader uit het decreet is dus van toepassing. De berekende impactscore is kleiner dan of gelijk aan 1%. De opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van SBZ-H is niet vereist.

-          Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het voorliggende project is geheel gelegen in een zone waarvoor De Vlaamse Waterweg aangewezen is als adviesinstantie.

Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat (score C).

Het project is gelegen in een zone met een kleine fluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat (score C).

Het project is niet gelegen in een signaalgebied.

Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

(Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)

-          Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan u raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009. 
(De VCRO kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Beoordeling afwijkingen van de voorschriften

De aanvraag voorziet niet in een infiltratievoorziening. Aangezien het nieuwe gebouw wordt opgetrokken bovenop een bestaande, eerder vergunde, ondergrondse parking bestaat er geen mogelijkheid te infiltreren.

De onbebouwde buitenruimte op het maaiveldniveau wordt volledig verhard en niet vergroend aangelegd of ingericht. De argumentatie in de beschrijvende nota wordt aanvaard en leest als volgt:

“Binnen het masterplan werd ervoor gekozen de buitenaanleg rondom het perceel te verharden. Deze aanleg is ondertussen uitgevoerd in kassei en blauwe hardsteen, waarbij de geplande onderdoorgang over het perceel reeds werd gerealiseerd. Binnen de optiek van het masterplan, en ook rekening houdend met de onderliggende reeds gebouwde parking, is ervoor gekozen om de openbare ruimte niet vergroend uit te voeren. Een groenzone zou op schaal van de site verwaarloosbaar zijn, en ook afbreuk doen aan de consequente uitvoering van de buitenaanleg.

Enkel ter hoogte van de verhoogde zone aan de westzijde van de toren is een kleine plantenbak voorzien, die als visuele buffer dient tussen deze zone en het openbaar domein. Gezien paragraaf 2 van artikel 27 vooral betrekking heeft op (privatieve) tuinen is deze afwijking te verantwoorden.”

In alle redelijkheid kan er dan ook een afwijking worden toegestaan.

 

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag maakt deel uit van de vooropgestelde visie voor het betrokken plangebied wat aan de basis lag voor de opmaak van het RUP Zorgsite Kempenstraat. De site bestaat uit een centraal ziekenhuisgedeelte, geflankeerd door twee torengebouwen waarvan het onderwerp van deze aanvraag de oostelijke toren betreft. Voorliggende woonfunctie is in overeenstemming met de geldende bestemmingsvoorschriften.

 

Voorliggende aanvraag werd ter advies voorgelegd aan de stedelijke dienst Ondernemen en Stadsmarketing / Business en Innovatie. Het voorwaardelijk gunstig advies leest als volgt:

“De aanvraag betreft een monofunctionele woontoren naast het centrumziekenhuis aan spoor noord.

Voor deze site werd al eerder een vergunningsaanvraag ingediend voor een gedeelde invulling 50/50 met een zorghotel en woningen. Deze aanvraag paste ook binnen de visie van de beleidsnota ruimtelijke economie inzonderheid verweving van functies. Dit is voor de voorliggende aanvraag vandaag niet het geval: de kleinschalige reca voorziening op het gelijkvloers maakt slechts 1% uit van het totaal.

Het project houdt ook geen rekening met de principebeslissing voor de ontwikkeling van het RUP innovatieve stadshaven. Hierbij wordt een deel van het Eilandje nog steeds voorzien voor bedrijvige activiteiten op land- en waterzijde.”

Het advies wordt bijgetreden, de voorgesteld functies zijn bijgevolg functioneel inpasbaar.

 

Schaal - ruimtegebruik – bouwdichtheid

Voorliggende aanvraag heeft betrekking op W2, maar zal een eenheid vormen met W3 die in een later stadium zal worden aangevraagd.

Het nieuwbouwvolume van W2 voldoet aan het maximale profiel zoals opgelegd in het RUP.

De geleding van de toren is afgestemd op de volumetrie en geleding van het ziekenhuis en de ‘Doktoren’. Zo wordt er een volumetrische verspringing/verdraaiing ter hoogte van de bovenzijde van de sokkel van ZNA voorzien, in analogie van de verspringing van de ‘Doktoren’.

 

“De kwaliteitskamer benadrukt het belang van de samenhang tussen W2 en W3. Gezien W3 ook een woontoren wordt, zouden de uitgangspunten en principes die momenteel voor W2 worden toegepast, best ook getoetst worden aan toren W3. De verwantschap tussen de twee torens onderling op deze plek is van primair belang, eerder dan te zoeken naar een inpassing van de torens in het beeld van de hele stad.” 

 

Alle woongelegenheden worden voorzien van de vereiste woonkwaliteit door de aanwezigheid van voldoende hoge plafonds, grote raamopeningen en private buitenruimten. Door het voorzien van een woonprogramma bestaande uit 92 woonentiteiten wordt de draagkracht van de site niet overschreden. In voorliggend voorstel wordt bovendien een gezonde mix voorzien van grote en kleine entiteiten.

 

Visueel-vormelijke elementen

De zijgevels, zijnde oost- en westgevel, zijn opgevat als doorlopende ruime terrassen. Enkel onderbroken ter hoogte van de open trapkern, die als een rits doorheen de toren snijdt. De noord- en zuidgevel zijn meer gesloten voorzien, met uitzondering van een inpandig terras aan de zuidzijde. De hoeken, waar beide gevelsystemen elkaar ontmoeten, werd opengewerkt. 

Als gevelmateriaal wordt gekozen voor natuursteen in combinatie met glas en donkerbrons aluminium. Ondergeschikt, voor de inpandige ruimtes, worden ook keramische terrastegels en ton-sur-ton pleisterwerk voorgesteld. 

 

Voorliggende aanvraag werd voorafgaandelijk meermaals aan zowel de integrale kwaliteitskamer (IKK) als de kwaliteitskamer architectuur (KKA)voorgelegd. Na een voorwaardelijk gunstig advies op 30 juni 2023 werden de plannen aangepast aan de opmerkingen van de integrale kwaliteitskamer en opnieuw voorgelegd op 12 januari 2024, waar het een gunstig advies verkreeg. Het advies leest als volgt:

“Met het oog op de gewenste twee-eenheid met toren W3 wijst de kwaliteitskamer erop dat het niet evident is om de gevel van toren W2 gewoon te stretchen, te spiegelen en te switchen bij toren W3. Deze zal verschillend zijn door de dubbele lengte hetgeen de nodige aandacht vraagt bij de architecturale uitwerking. Verdere verfijning en detaillering zijn -gezien de andere schaal van deze toren- aan de orde. Naar analogie met eerder advies voor W2 wordt nogmaals voorgesteld om de plastische zijde en de niet - plastische zijde te wisselen.” 

 

Hoewel aan het laatste punt niet tegemoet gekomen werd, apprecieert de kwaliteitskamer de zorgvuldige uitwerking en detaillering alsook de aanpassingen en de kwalitatieve doorvertaling van de gemaakte opmerkingen waardoor de toren naar welstand gunstig kan beoordeeld worden.

Voorliggende aanvraag is dan ook visueel inpasbaar in de directe omgeving.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

De aanvraag wijkt op enkele punten af van de bepalingen van de verordening toegankelijkheid. Deze hebben allen betrekking op de kelderverdieping. Hier kan een afwijking op worden toegestaan aangezien dit een bestaande situatie betreft.

De vereiste aanpassingen nodig om in overeenstemming te komen met de verordening staan niet verhouding tot het resultaat. Bovendien betreft dit een tijdelijke situatie. De gemeenschappelijk fietsenstalling zal voorzien worden in de aanvraag van W3.

 

De woningen voldoen aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot. 

 

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Het algemene principe is dat een bouwaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien, het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

 

De parkeernormen uit de bouwcode artikel 30 (tabel) goedgekeurd door het college op 25 oktober 2014 en herzien op 1 maart 2018 vormen de facto de algemene beleidslijn voor bouwen, verbouwen, vermeerderen van wooneenheden en functiewijzigingen. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.

 

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 119 parkeerplaatsen.

 

De parkeerbehoefte wordt bepaald op de nieuwbouw van de appartementen.

 

35 appartementen tussen 60 m² en 90 m² met parkeernorm 1,2 => 35 x 1,2 = 42

57 appartementen > 90 m² met parkeernorm 1,35 => 57 x 1,35 = 76,95

 

De werkelijke parkeerbehoefte is 119 (42 + 76,95 = 118,95)

 

De plannen voorzien in 149 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.

 

In de reeds gebouwde ondergrondse parking zijn 149 parkeerplaatsen gereserveerd voor deze woontoren.

 

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0.

Dit aantal is toereikend.

 

De parking is reeds opgenomen in de vergunning voor het bouwen van het naastliggend ziekenhuis.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus niet van toepassing.

 

Ontsluiting/bereikbaarheid:

De parking wordt ontsloten via Kempenstraat via een gezamenlijk toegang voor ZNA en de naastliggende functies.

 

Fietsvoorzieningen:

Er moeten voldoende fietsenstallingen voorzien worden voor de appartementen en voor de reca op het gelijkvloers.

5 appartementen met 1 slaapkamer: 5 x 2 = 10

73 appartementen met 2 slaapkamers: 73 x 3 = 219

14 appartementen met 3 slaapkamers: 14 x 4 = 56

Personeel reca: 138,6 m² x 0,6/100 m² = 0,83

Bezoekers reca: 138,6 m² x 2/100 m² = 2,78

 

In totaal moeten 289 fietsenstallingen voorzien worden.

 

Er wordt een fietsenstalling ingericht voor 103 fietsen (de fietsen in aparte beringen worden niet mee geteld) onder woontoren 2A en 2B, waarvan er 7 geschikt zijn voor buitenmaatse fietsen.

 

Er wordt een tijdelijke fietsenstalling ingericht voor 179 fietsen in de parking van ZNA.

Hiervan zijn er 152 in een dubbel systeem, 14 gewone en 10 voor buitenmaatse fietsen.

Voor deze tijdelijke fietsenstalling is er een overeenkomst met ZNA.

Een definitieve al dan niet gemeenschappelijke fietsenstalling zal voorzien worden in de volgende aanvraag voor toren W3, waarvoor het overleg nu lopende is.

 

Van de 289 nodige fietsenstallingen mag maximum de helft als dubbele stallingen voorzien worden. Hier worden 152 van de 279 fietsenstallingen dubbel voorzien.

Van de 289 nodige fietsenstallingen moet 10%, dus 29 stallingen geschikt zijn voor buitenmaatse fietsen. Hier worden slechts 17 fietsenstallingen voor buitenmaatse fietsen voorzien.

 

De fietsenstallingen moeten voldoen aan de inrichtingsprincipes uit de bouwcode.

Er moet een definitieve oplossing voorzien worden voor alle fietsenstallingen.

 

De fietsenstallingen zijn bereikbaar via de fietshelling naar de ondergrondse parking van ZNA.

 

Laden en lossen:

Laden en lossen voor reca moet gebeuren via de ondergrondse parking.

 

De dienst Mobiliteit geeft advies met volgende voorwaarden:

-          De fietsenstallingen moeten voldoen aan de inrichtingsprincipes uit de bouwcode.

-          Er moet een definitieve oplossing voorzien worden voor alle fietsenstallingen.

-          Laden en lossen voor reca moet gebeuren via de ondergrondse parking.

 

Vanuit stedenbouwkundig oogpunt wordt dit advies gevolgd.

 

Hoogbouwnota architecturale geschiktheid:

Het deel “architecturale geschiktheid” van de hoogbouwnota werd voorafgaand aan deze aanvraag doorlopen.

De integrale kwaliteitskamer adviseerde de aspecten beeld - en verblijfskwaliteit conform de hoogbouwnota Antwerpen.

 

De integrale kwaliteitskamer nam op 22 maart 2024 kennis van de belangrijkste conclusies uit de stedelijke adviesronde.

 

Uit het advies kwamen volgende aanbevelingen naar voor:

“Evaluatie luchtkwaliteit: gunstig advies.

Evaluatie omgevingsgeluid: gunstig advies.

Evaluatie klimaatadaptatie deel water: gunstig advies.

Evaluatie klimaatadaptatie deel biodiversiteit: gunstig advies,

Evaluatie wind: gunstig advies mits:

  • De balustrade rondom de patio van het ziekenhuis worden verlaagd ter bevordering van het windklimaat op maaiveldniveau. De opdrachtgever heeft hierover een akkoord bereikt met het ZNA en zal instaan voor de kosten van de aanpassingswerken. De kwaliteitskamer kan akkoord gaan met de voorgestelde oplossing, mits men deze verlaagde balustrade dan ook rondom zal doortrekken in functie van een eenvormig geheel.
  • De balustrade van de penthouse in functie van windcomfort worden verhoogd tot 1,40 m à 1,50 m. Het voorstel om het geheel als een wintertuin uit te werken wordt niet weerhouden. De kwaliteitskamer neemt aan dat de getoonde windstudies voldoende garanties bieden in functie van windcomfort ter hoogte van het penthouse. Hierbij zou er slechts enkele malen per jaar en op een beperkt aantal plekken windgevaar optreden. De kwaliteitskamer vraagt om de bewoners voldoende te informeren over het mogelijke windgevaar.
  • Tot slot werden er nog aanpassingen doorgevoerd ter bevordering van grotere raamopeningen in de oost- en westgevel. “

 

De kwaliteitskamer neemt kennis van de adviezen van de windexpert en de advies verlenende instanties binnen de stad en vraagt een beheeraanbod te creëren bij de verkoop zoals het schoonmaken van de ramen en dergelijke. 

 

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

 

Kempendok Ontwikkeling VVZRL met maatschappelijke zetel aan Generaal Lemanstraat 55 te Antwerpen, wenst aan de Kempenstraat te Antwerpen een residentiële toren te bouwen met woongelegenheden. Tevens wenst Kempendok Ontwikkeling VVZRL een kleine horecazaak te vergunnen op het gelijkvloers van het torengebouw.  

De aangevraagde inrichtingen en activiteiten omvatten het lozen van huishoudelijk afvalwater, opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen, koelcompressoren, warmtepompen en een noodstroomgenerator.  

Het huishoudelijk afvalwater is enerzijds afkomstig van de woongelegenheden en anderzijds van het horecagedeelte.  
Het huishoudelijk afvalwater wordt via een septische put geloosd in de openbare riolering ter hoogte van de Kempenstraat voor een hoeveelheid van 768 m³ per jaar aan gemiddeld 0,5 m³ per uur.  

De warmtepompen zijn van het type lucht-water. De warmte wordt onttrokken uit de lucht en wordt in de ruimtes verspreid. Het overbrengen van de warmte gebeurt met een koelmiddel. Het gebruikte koelmiddel betreft hier R410a. De aangevraagde koelcompressoren betreffen deze van de koelcel (3 kW), diepvriescel (5 kW) en van de tooginstallatie (6 kW). De buitenunits van de warmtepompen en koelcompressoren zullen geplaatst worden op het dak van de woontoren. Waar nodig worden individuele apparaten afzonderlijk van geluidswerende beschermingen voorzien. De warmtepompen en koelcompressoren zullen onderworpen worden aan de verplichte periodieke lekdichtheidstesten. Het koelmiddel bevindt zich in een gesloten systeem. 

Het gebruikte koelmiddel R410A heeft een hoog global warming potential (GWP). Voor het koelmiddel R410a geldt nog geen gebruiksverbod, maar een voorstel van de Europese Commissie geeft aan dat nieuwe warmtepompen met een vermogen van meer dan 12 kW vanaf 2027 gevuld moeten zijn met een koelmiddel met een GWP van minder dan 750. In het kader van duurzaamheid en het minimaliseren van de impact bij accidentele vrijstelling wordt gevraagd te onderzoeken of een koelmiddel met een lager GWP gebruikt kan worden dat niet onderhevig is aan uitfasering. 

Gezien de warmtepompen, de koelcompressoren en de noodstroomgenerator op het dak worden geïnstalleerd op de hoogbouw, is de verwachte hinder naar de omgeving toe beperkt. Indien de geluidshinder de geluidsnormen van Vlarem overschrijdt, dient er een geluidswerend scherm of een omkasting geplaats te worden om de hinder te beperken. Dit wordt mee opgenomen als bijzondere voorwaarde.  

De opgeslagen gevaarlijke producten in kleine verpakkingen betreffen voornamelijk poetsmiddelen. De gevaarlijke producten in kleine verpakkingen worden opgeslagen boven een lekopvang en/of in een kast.  
 
De poetsmiddelen worden opgeslagen op het gelijkvloers. Indien de poetsmiddelen opgeslagen worden in een kast, moet deze kast onderaan voorzien worden van een ingebouwde lekbak. Producten die, in geval van lekkage, met elkaar kunnen reageren, worden op aparte lekbakken opgeslagen. Dit wordt opgenomen in de bijzondere voorwaarden.

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.


Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
2. De voorwaarde in het bijgevoegde advies van het Directoraat-generaal Luchtvaart moet nageleefd wordt.
3. Er moet een zakelijk recht bekomen worden van de NMBS voor de werken gestart worden.
4. Van de 289 nodige fietsenstallingen mag maximum de helft als dubbele stallingen voorzien worden. Van de 289 nodige fietsenstallingen moet 10%, dus 29 stallingen geschikt zijn voor buitenmaatse fietsen.
5. Laden en lossen voor reca moet gebeuren via de ondergrondse parking.
6. De patiobalustrade van het ziekenhuis moet rondom worden verlaagd op kosten van de opdrachtgever.
7. De balustrade van de penthouse moet worden verhoogd tot 1,40 m à 1,50 m. De bewoners moeten worden geïnformeerd over het mogelijke windgevaar.
8. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

 

Advies over de ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Mits voldaan wordt aan de algemene, sectorale en bijzondere vergunningsvoorwaarden, is deze aanvraag in overeenstemming met de VLAREM-wetgeving. Vanuit milieutechnisch oogpunt wordt positief advies gegeven de vergunning voorwaardelijk te verlenen.

 

Geadviseerde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Gunstig voor

3.2.2°a)

het lozen van meer dan 600 m³/jaar huishoudelijk afvalwater, niet afkomstig van woongelegenheden, wanneer het lozingspunt gelegen is in een centraal gebied en/of een collectief geoptimaliseerd en individueel te optimaliseren buitengebied en/of buiten het zoneringsplan; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

768,00 m³/jaar

12.1.1.1°b)

inrichtingen die wisselspanning opwekken, met een geïnstalleerd totaal elektrisch schijnbaar vermogen van 150 kVA tot en met 200 kVA als de inrichting volledig of gedeeltelijk in een ander gebied dan een industriegebied ligt; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

165,00 kVA

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

163,60 kW

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van deze vermeld onder rubriek 48, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kg, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 liter en 5.000 kg of 5.000 liter; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

500,00 liter

31.1.1°b)

stationaire motoren en gasturbines met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 500 kW, als de inrichting volledig of gedeeltelijk is gelegen in een ander gebied dan industriegebied; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

377,50 kW


Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden
1. Indien de geluidshinder afkomstig van de technische installaties op het dak de geluidsnormen van Vlarem overschrijdt, dient er een geluidswerend scherm of een omkasting geplaatst te worden om de hinder te beperken.
2. De opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen die, in geval van lekkage, met elkaar kunnen reageren, worden op aparte lekbakken opgeslagen.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

11 juli 2024

Volledig en ontvankelijk

9 augustus 2024

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

8 oktober 2024

Verslag GOA

26 september 2024

Naam GOA

Axel Devroe en Bieke Geypens

 

Onderzoek

De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

 

Bespreking van de bezwaren

Tijdens de periode van het openbaar onderzoek werd 1 bezwaarschrift ingediend. Het betreft geen bezwaar maar een voorwaardelijk gunstig advies van de NMBS. Zij geeft aan dat de aanvrager voor het eigendom van de NMBS, waarop het project gelegen is, een zakelijk recht moeten bekomen vooraleer de werken te kunnen starten, voor zover dit nog niet het geval zou zijn.

Beoordeling: Eigendoms- en gebruiksrecht maakt geen deel uit van de beoordelingscriteria van een omgevingsvergunning.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:

 

-          de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;

-          het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden
De algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

Stedenbouwkundige voorwaarden
1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
2. De voorwaarde in het bijgevoegde advies van het Directoraat-generaal Luchtvaart moet nageleefd wordt.
3. Er moet een zakelijk recht bekomen worden van de NMBS voor de werken gestart worden.
4. Van de 289 nodige fietsenstallingen mag maximum de helft als dubbele stallingen voorzien worden. Van de 289 nodige fietsenstallingen moet 10%, dus 29 stallingen geschikt zijn voor buitenmaatse fietsen.
5. Laden en lossen voor reca moet gebeuren via de ondergrondse parking.
6. De patiobalustrade van het ziekenhuis moet rondom worden verlaagd op kosten van de opdrachtgever.
7. De balustrade van de penthouse moet worden verhoogd tot 1,40 m à 1,50 m. De bewoners moeten worden geïnformeerd over het mogelijke windgevaar.
8. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

Bijzondere voorwaarden
1. Indien de geluidshinder afkomstig van de technische installaties op het dak de geluidsnormen van Vlarem overschrijdt, dient er een geluidswerend scherm of een omkasting geplaatst te worden om de hinder te beperken.
2. De opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen die, in geval van lekkage, met elkaar kunnen reageren, worden op aparte lekbakken opgeslagen.

Artikel 3

De vergunning omvat thans volgende rubrieken:


Rubriek

Omschrijving

Gecoördineerd

3.2.2°a)

het lozen van meer dan 600 m³/jaar huishoudelijk afvalwater, niet afkomstig van woongelegenheden, wanneer het lozingspunt gelegen is in een centraal gebied en/of een collectief geoptimaliseerd en individueel te optimaliseren buitengebied en/of buiten het zoneringsplan; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

768,00 m³/jaar

12.1.1.1°b)

inrichtingen die wisselspanning opwekken, met een geïnstalleerd totaal elektrisch schijnbaar vermogen van 150 kVA tot en met 200 kVA als de inrichting volledig of gedeeltelijk in een ander gebied dan een industriegebied ligt; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

165,00 kVA

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

163,60 kW

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van deze vermeld onder rubriek 48, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kg, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 liter en 5.000 kg of 5.000 liter; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

500,00 liter

31.1.1°b)

stationaire motoren en gasturbines met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 500 kW, als de inrichting volledig of gedeeltelijk is gelegen in een ander gebied dan industriegebied; (inrichting Kempendok Ontwikkeling VVZRL)

377,50 kW


Artikel 4

De plannen waarvan het overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, maken integraal deel uit van dit besluit.

Artikel 5

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.