Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025105785 |
Gegevens van de aanvrager: | BVBA MVS-Invest met als adres Vinusakker 94 te 2950 Kapellen |
Ligging van het project: | Laarsebaan 159 te 2170 Merksem (Antwerpen) |
Kadastrale percelen: | afdeling 39 sectie A nr. 149E |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | renoveren en uitbreiden van een eengezinswoning, inrichten van een inpandige garage en plaatsen van een tuinhuis |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 09/12/1969: vergunning (1974#12184) voor plaatsen van kapelramen voor- en achterkant;
- 01/02/1960: toelating (1974#6330) voor bouwen van een woning met staatspremie.
Vergunde toestand
Toestand bij inwerkingtreding gewestplan Antwerpen:
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Bestaande toestand
- functie:
- bouwvolume: overeenkomstig vergunde toestand, met uitzondering van;
- gevelafwerking: overeenkomstig vergunde toestand, met uitzondering van;
- inrichting:
Nieuwe toestand
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- uitbreiden van het volume;
- wijzigen van de voorgevel;
- wijzigen van de scheimuren;
- doorvoeren van interne constructieve werken;
- aanleggen van verharding;
- plaatsen van een tuinhuis aan de rechter- en achterste perceelsgrens in achtertuin.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Er werden geen externe adviezen gevraagd.
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Mobiliteit | 24 oktober 2025 | 3 november 2025 |
Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Water | 24 oktober 2025 | 4 november 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend(e) punt(en):
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Het stikstofdecreet is niet van toepassing.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).
Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).
Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Volgens het advies van de stedelijke dienst water veroorzaakt het project waarschijnlijk schadelijke effecten op het watersysteem. Ondanks de toename van de afwaterende oppervlakte worden geen bronmaatregelen genomen om de bijkomende bebouwing te compenseren. Uit het ingewonnen advies blijkt dat voorwaarden opgelegd moeten worden om het schadelijk effect te voorkomen.
Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De bestemming van de eengezinswoning blijft behouden waardoor de functionele inpasbaarheid gegarandeerd blijft.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvraag betreft de verbouwing van een eengezinswoning, waarbij de bouwdiepte wordt uitgebreid tot 11,32 m. De uitbreiding wordt niet als storend voor de omgeving beschouwd. Door het toevoegen van de gelijkvloerse uitbreiding wordt echter de keuken niet langer voorzien van daglichttoetreding, uitzicht en minimale luchttoevoer zoals opgenomen in artikel 10 van de bouwcode. Er is geen gegronde reden om van dit voorschrift af te wijken. Om voldoende woonkwaliteit in de keuken te garanderen, wordt als voorwaarde opgenomen dat de raampartij tussen de eetkamer en de keuken verwijderd moet worden.
Sinds de laatst vergunning (1969) werd een garage ingericht met een achterliggende verblijfsruimte. Er is onvoldoende bewijs om te stellen dat deze garage in aanmerking komt voor het vermoeden van vergunning. Bovendien is de ruimte, met een diepte van 4,61 m en een breedte van 2,73 m, onvoldoende groot om een wagen te stallen en is de garagepoort strijdig met artikel 8 van de bouwcode. Deze ruimte kan wel gebruikt worden als een fietsenberging, wat als voorwaarde bij vergunning zal worden toegevoegd. Het niet inrichten van een garage impliceert eveneens dat het wijzigen van het raam naar de garagepoort wordt uitgesloten van vergunning, conform artikel 8 van de bouwcode. De fietsenberging is dan bereikbaar via de deur naar de inkomhal. Daarnaast moet de oprit in klinkerverharding verwijderd worden en vervangen door een groene, onverharde inrichting, volgens artikel 23 van de bouwcode. Volgens hetzelfde artikel moet de voortuin afgesloten worden door een levende afsluiting, een muurtje of een hek met een maximale hoogte van maximum 1 m. Tot de voortuin behoren zowel de afsluitingen langs de openbare ruimte als de afsluitingen tussen voortuinen onderling. Ook dit wordt als voorwaarde bij de vergunning opgenomen.
In de achtertuin wordt een terras behouden met een oppervlakte van 15,60 m² en een tuinberging. De resterende tuinzone wordt groen en onverhard aangelegd, wat de verblijfskwaliteit ten goede komt. Het terras en de tuinberging zijn gunstig te beoordelen.
Visueel-vormelijke elementen
De dakkapellen zijn afgewerkt in licht blauw schrijnwerk, de gelijkvloerse uitbouw in rood-oranje metselwerk en wit pvc-schrijnwerk.
De aanvraag heeft betrekking op het aanpassen van de indeling en kleur van het schrijnwerk in de voorgevel. Volgens artikel 8.3 van de bouwcode is dit verboden. Met toepassing van artikel 3.3 van de bouwcode kan evenwel geoordeeld worden dat de voorgestelde afwijking minstens een kwalitatief gelijkwaardige uitvoering is. Zowel de voor- als achtergevel zijn visueel inpasbaar in dit woongebied. Bijgevolg kan een afwijking op dit artikel gunstig geadviseerd worden.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Een regularisatie wordt steeds beoordeeld op basis van de regelgeving die geldt op het moment van indiening van de aanvraag. De aanvrager geeft aan dat het niet mogelijk is om volledig te voldoen aan de nieuwe gewestelijke hemelwaterverordening en heeft daarom een gemotiveerde afwijking aangevraagd. Deze afwijking werd ter advies voorgelegd aan de stedelijke dienst Water. In het voorwaardelijk gunstig advies wordt voorgesteld om, ter vervanging van de hemelwaterput, een groendak aan te leggen. Daarnaast moet een infiltratievoorziening worden geplaatst met een inhoud van 990 liter op een oppervlakte van 2,4 m². Vanuit stedenbouwkundig oogpunt wordt het advies van de dienst Water integraal bijgetreden en als voorwaarden opgenomen bij de vergunning. De gevraagde werken zijn in verhouding tot de uitgevoerde handelingen en hierdoor is de aanvraag in overeenstemming met artikel 20.2 van de bouwcode.
Het dak van de gelijkvloerse uitbreiding moet volgens artikel 18 van de bouwcode ter hoogte van de perceelsgrens voorzien worden van een opstand van 30 cm ten opzichte van het hoogst aangrenzende dakvlak. Afwijking van dit artikel is enkel mogelijk als de brandwerendheid van het dak voldoende is om brandoverslag te voorkomen. Rekening houdend met het advies van de dienst Omgevingseffecten moet naast het aanleggen van een groendak ook voldaan worden aan de brandveiligheidsvoorschriften van artikel 20 van de bouwcode. Beide artikels worden als voorwaarde opgenomen.
Een afwijking wordt gevraagd voor de dikte van de scheidingsmuur (0,14 m) van de uitbreiding die op 0,10 m afstand van de rechter perceelsgrens is ingeplant. De aanvrager motiveert deze afwijking dat het gevraagde niet in verhouding staat tot de aard en omvang van de gevraagde werken, gelet op de bestaande toestand. Hiermee kan toegestemd worden waardoor met toepassing van artikel 3 van de bouwcode een afwijking op dit voorschrift worden toegestaan.
Mits het naleven van de gestelde voorwaarden voldoet de woning aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. Een groendak dat 50 l/m² buffert moet aangelegd worden op het dak van de gelijkvloerse uitbreiding.
3. Een bovengrondse infiltratievoorziening moet aangelegd worden met een minimaal volume van 990 liter en een minimale oppervlakte van 2,4 m².
4. Het gedeelte van het plat dak van de gelijkvloerse aanbouw, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak en rondom de lichtstraat, is te voorzien van een strook van 30cm die valt onder brandreactie klasse BROOF (t1) of voorkomt op de lijst opgenomen in het ministerieel besluit van 21 november 2012 tot vaststelling van de lijst van dakbedekkingen die kunnen worden geacht aan de eisen ten aanzien van het prestatiecriterium « brandgedrag aan de buitenzijde » te voldoen (leien van leisteen of natuursteen, dakpannen van natuursteen, beton, terracotta, keramiek of staal, vlakke en geprofileerde platen of leien uit met vezels versterkt cement, geprofileerde of vlakke metalen platen, eindlaag van los aangebracht grind met een dikte van ten minste 50 mm enz.).
5. De raampartij tussen eetkamer en keuken moet gesupprimeerd worden.
6. De garage kan uitsluitend als fietsenberging gebruikt worden.
7. De voortuin moet ingericht worden volgens artikel 23 van de bouwcode.
8. Het wijzigen van het raam en de bijhorende borstwering op het gelijkvloers door een garagepoort wordt uitgesloten van vergunning.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 6 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 24 oktober 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 23 december 2025 |
Verslag GOA | 2 december 2025 |
Naam GOA | Gerd Cryns |
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. Een groendak dat 50 l/m² buffert moet aangelegd worden op het dak van de gelijkvloerse uitbreiding.
3. Een bovengrondse infiltratievoorziening moet aangelegd worden met een minimaal volume van 990 liter en een minimale oppervlakte van 2,4 m².
4. Het gedeelte van het plat dak van de gelijkvloerse aanbouw, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak en rondom de lichtstraat, is te voorzien van een strook van 30cm die valt onder brandreactie klasse BROOF (t1) of voorkomt op de lijst opgenomen in het ministerieel besluit van 21 november 2012 tot vaststelling van de lijst van dakbedekkingen die kunnen worden geacht aan de eisen ten aanzien van het prestatiecriterium « brandgedrag aan de buitenzijde » te voldoen (leien van leisteen of natuursteen, dakpannen van natuursteen, beton, terracotta, keramiek of staal, vlakke en geprofileerde platen of leien uit met vezels versterkt cement, geprofileerde of vlakke metalen platen, eindlaag van los aangebracht grind met een dikte van ten minste 50 mm enz.).
5. De raampartij tussen eetkamer en keuken moet gesupprimeerd worden.
6. De garage kan uitsluitend als fietsenberging gebruikt worden.
7. De voortuin moet ingericht worden volgens artikel 23 van de bouwcode.
8. Het wijzigen van het raam en de bijhorende borstwering op het gelijkvloers door een garagepoort wordt uitgesloten van vergunning.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.