Er werd bij de deputatie een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend. De aanvraag wordt behandeld volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
De deputatie verzoekt het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar om advies uit te brengen.
Projectnummer: | OMV_2025120924 |
Gegevens van de aanvrager: | NV Evonik Antwerpen met als contactadres Tijsmanstunnel-West zonder nummer te 2040 Antwerpen |
Ligging van het project: | Tijsmanstunnel-West zonder nummer te 2040 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 18 sectie F nr. 114A2 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | rooien van twee hoogstammige bomen |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
Er zijn geen relevante vergunningen teruggevonden. De inrichting is vanuit stedenbouwkundig oogpunt hoofdzakelijk vergund geacht omdat op de terreinen reeds lang bedrijfsactiviteit aanwezig is. Uit luchtfoto’s blijkt dat het beluchtingsbekken ten zuiden van de bomen werd gebouwd tussen 1971 en 1989 (bron: Geopunt.be).
Bestaande toestand
* functie:
> industrie en bedrijvigheid;
> chemisch bedrijf.
* inrichting:
> in het noordoosten van het terrein bevinden zich twee hoogstammige bomen net ten noorden van een bestaande bovengrondse stoomleiding die nabij een beluchtingsbekken loopt;
> een es met een omtrek van circa 113 centimeter en een Amerikaanse eik met een omtrek van circa 120 centimeter.
Nieuwe toestand
* functie:
> idem aan bestaande toestand.
* inrichting:
> de twee bomen zijn gerooid.
Inhoud van de aanvraag
rooien van twee hoogstammige bomen
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 24 en 42 van het Omgevingsvergunningsdecreet heeft het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar de bevoegdheid advies uit te brengen voor de vergunningsaanvragen op haar grondgebied waarvoor de deputatie, de Vlaamse regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar de bevoegde overheid is, tenzij:
Het college heeft op 17 november 2017 (jaarnummer 2017_CBS_08858) beslist om de adviesbevoegdheid op te nemen.
Adviezen
Er werden door het college geen adviezen ingewonnen.
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) Afbakening zeehavengebied Antwerpen (Besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013), binnen de afbakeningslijn.
De gebieden binnen de afbakeningslijn behoren tot het zeehavengebied Antwerpen.
Met uitzondering van de deelgebieden waarvoor in dit plan voorschriften werden vastgelegd, blijven de op het ogenblik van de vaststelling van dit plan bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften onverminderd van toepassing.
Het goed is volgens voornoemd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan bestemd als Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven.
Zulk gebied is bestemd om te functioneren als Vlaams havengebied als onderdeel van de haven van Antwerpen. Het is bestemd voor zeehavengebonden en zeehavengerelateerde industriële en logistieke activiteiten en distributie-, opslag- en overslagactiviteiten die gebruikmaken van en aangewezen zijn op de zeehaveninfrastructuur.
Alle handelingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming en voor de exploitatie van de haven en de bedrijven zijn toegelaten.
Daartoe worden ook de volgende werken, handelingen, voorzieningen, en wijzigingen gerekend:
- de aanleg en het onderhoud van infrastructuur die nodig is voor de toegankelijkheid of voor verbindingen langs de waterzijde en langs de landszijde;
- het laguneren of op een andere wijze bergen of verwerken van baggerspecie.
Daarnaast is de ontwikkeling, het herstel en de instandhouding van tijdelijke ecologische infrastructuur toegelaten.
In het gebied zijn eveneens gebouwen of lokalen voor bewakingspersoneel toegelaten.
In het gebied zijn kantoorgebouwen niet toegelaten, tenzij ze noodzakelijk zijn voor en een inherent onderdeel zijn van de exploitatie van haven- en industriële activiteiten. De bestaande kantoorgebouwen kunnen behouden blijven binnen het bestaande bouwvolume op het moment van definitieve vaststelling van dit gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Uitbreidingen zijn niet toegelaten.
De aanvraag dient beoordeeld te worden aan de hand van de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De aanvraag is in overeenstemming met de bestemming en de voorschriften van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.
Voor een straal van 500 meter rond de aanvraag is het voormelde GRUP tevens van toepassing. Hier gelden volgende bestemmingsvoorschriften:
* Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven;
* Gebied voor verkeers- en vervoersinfrastructuur voor de Scheldelaan;
* Zone voor permanente ecologische infrastructuur ‘met medegebruik’;
* overdrukken Leidingstraat en Hoogspanningsleiding aan de overzijde van en parallel met de Scheldelaan.
Op circa 420 meter ten zuidwesten van de aanvraag ligt de grens van het afgebakende zeehavengebied. Buiten de afbakeningslijn is het gewestplan Antwerpen nog van toepassing met bestemmingen Bijzondere natuurgebieden (waterzuivering, afvoerleidingen en leidingstraten) en Parkgebieden.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.
Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
De verordening publiciteit is niet van toepassing op de aanvraag.
Sectorale wetgeving
Zorgplicht: artikel 14 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu (het Natuurdecreet).
De zorgplicht verplicht eenieder die handelingen stelt of activiteiten uitvoert om alle redelijke maatregelen te nemen om schade aan natuur en biodiversiteit te voorkomen. Indien schade niet kan worden vermeden, moet zij zoveel mogelijk worden beperkt en, wanneer schade zich toch voordoet, hersteld.
Natuurtoets: artikel 16 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu (het Natuurdecreet).
In het geval van een vergunningsplichtige activiteit, draagt de bevoegde overheid er zorg voor dat er geen vermijdbare schade aan de natuur kan ontstaan door de vergunning of toestemming te weigeren of door redelijkerwijze voorwaarden op te leggen om de schade te voorkomen, te beperken of, indien dit niet mogelijk is, te herstellen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid en natuur en biodiversiteit
Op het terrein van een chemische fabriek bevinden er zich twee hoogstammige bomen nabij een bovengrondse stoomleiding: een Amerikaanse eik bevindt zich op circa 3 meter van de stoomleiding, een es bevindt zich op circa 4 meter van de leiding. De aanvrager wenst deze bomen te rooien met als motivatie dat deze bomen de bereikbaarheid van de stoomleiding hinderen en dat afvallende takken een risico vormen voor beschadigingen aan de leiding. De aanvrager geeft tevens aan dat de slaagkans om de bomen te verplaatsen laag ingeschat wordt maar dat de bomen wel elders op de site gecompenseerd zullen worden.
Gelet op artikel 16§1 uit het Natuurdecreet, dient de vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de ‘algemene natuurtoets’. Het rooien van de bomen wordt gemotiveerd vanuit veiligheidsoogpunt, waardoor het rooien van deze bomen onvermijdbare schade betreft.
Gelet ook op de zorgplicht (artikel 14 uit het Natuurdecreet), alsook het milderende effect van bomen voor het (lokale en globale) klimaat door schaduwwerking en CO2-opslag is compensatie nodig. Het aanplanten van de nieuwe bomen moet gebeuren met streek- en bodemeigen plantgoed, dat voorziet in een volwaardige compensatie van de ecologische functie van de bestaande bomen die gerooid worden. Hiervoor wordt een minimale plantmaat van 14/16 voorgesteld. De heraanplant dient te gebeuren in het hetzelfde plantseizoen of het eerste plantseizoen volgend op het rooien van de bomen. Een plantseizoen loopt van november tot maart. De aanvrager kan de locatie voor deze nieuwe bomen, op de eigen site, vrij kiezen.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvraag is in overeenstemming en verenigbaar met de ruimtelijke context van het havengebied waarbinnen deze aanvraag is gesitueerd.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
De aanvraag genereert geen bijkomende verkeersbewegingen noch parkeerbehoefte.
Advies van het college
Gunstig advies te verlenen voor de aanvraag tot omgevingsvergunning onder volgende voorwaarde.
Dit advies werd opgemaakt op basis van PIV 2.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De te rooien bomen dienen gecompenseerd te worden door het aanplanten van nieuwe inheemse bomen (met minimale plantmaat 14/16) elders op de site, ten laatste tijdens het eerstvolgende plantseizoen na het rooien.
Procedurestap | Datum |
Ontvangst adviesvraag | 18 november 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste adviesdatum | 18 december 2025 |
De aanvraag moet niet onderworpen worden aan een openbaar onderzoek.
Het college beslist een gunstig advies, zoals geformuleerd in de argumentatie, te geven op de aanvraag onder volgende voorwaarde.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De te rooien bomen dienen gecompenseerd te worden door het aanplanten van nieuwe inheemse bomen (met minimale plantmaat 14/16) elders op de site, ten laatste tijdens het eerstvolgende plantseizoen na het rooien.