Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025110644 |
Gegevens van de aanvrager: | de heer Bogdan Baliś met als adres Leeuwlantstraat 64 bus 101 te 2100 Antwerpen |
Ligging van het project: | Leeuwlantstraat 56 te 2100 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 30 sectie A nr. 557F29 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | verbouwen van een pand met vermeerdering van het aantal woongelegenheden van 3 naar 4 en omvorming van een loods tot fietsenstalling |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 17/06/2025: statusrapport vermoeden van vergunning;
- 01/01/1948: toelating (626#11747) voor een nieuwbouw.
Vergunde toestand
- functie:
- gelijkvloerse verdieping: bedrijvigheid;
- bovenliggende verdiepingen: 3 woongelegenheden.
Bestaande toestand
- functie ongewijzigd;
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
Nieuwe toestand
- functie:
- gelijkvloerse verdieping: bedrijvigheid en 1 woongelegenheid;
- bovenliggende verdiepingen: 3 woongelegenheden;
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
Inhoud van de aanvraag
- verbouwen van een gemengd gebouw;
- wijzigen van de functie van bedrijvigheid naar wonen (gelijkvloerse verdieping);
- vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 3 naar 4;
- omvormen van de bestaande loods tot fietsenstalling;
- wijzigen van de voorgevel;
- plaatsen van terrassen achteraan;
- doorvoeren van interne constructieve werken.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen | 23 oktober 2025 | 13 november 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Ondernemen en Stadsmarketing / Economie en Toerisme / Investeren | 23 oktober 2025 | 29 oktober 2025 |
Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering | 23 oktober 2025 | 23 oktober 2025 |
Stadsontwikkeling/ Mobiliteit | 23 oktober 2025 | 29 oktober 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend(e) punt(en):
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer. (De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het stikstofdecreet.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Voor het project is geen pluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is niet gelegen in een signaalgebied. Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020. (De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009. (De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende aanvraag betreft het wijzigen van de gelijkvloerse functie (bedrijvigheid) in een meergezinswoning naar een woongelegenheid. De woonfunctie is in harmonie met de kenmerkende functies in de omgeving.
Er werd advies gevraagd aan de stedelijke dienst Ondernemen en Stadsmarketing / Economie en Toerisme / Investeren. Het advies is voorwaardelijk gunstig:
“De aanvraag omvat de verbouwing / regularisatie van een meergezinswoning met achterliggend magazijn. Het project past binnen de visie van de beleidsnota ruimtelijke economie inzonderheid verweving van functies.
Alleen is er onduidelijkheid bij het gebruik van de achterliggende loods: er wordt verwezen dat er hier bouwmaterialen opgeslagen worden zonder verdere specifiëring. Alleen is er geen bedrijfsactiviteit geregistreerd op dit adres. Het zou bovendien kunnen dat voor de opslag een milieumelding of -vergunning noodzakelijk is.
Daarom wordt er voor het dossier een voorwaardelijk gunstig advies gegeven.”
Als er effectief een bedrijfsactiviteit is, dient dit ook geregistreerd te zijn en te voldoen aan alle voorwaarden. Mogelijk is er ook een milieumelding of -vergunning vereist voor het dossier. Deze elementen worden als aandachtspunt meegegeven aan de aanvrager.
Schaal – ruimtegebruik – bouwdichtheid
De werken blijven voornamelijk binnen het bestaande en vergunde volume. Op het gelijkvloers wordt een extra appartement ingericht, wat het aantal woongelegenheden op 4 brengt. De bovenliggende wooneenheden worden verbouwd en heringericht.
Het achterste deel van het hoofdgebouw telt in de vergunde en bestaande toestand 5 niveaus met een afwijkende vloerpas ten opzichte van de voorbouw, met lagere verdiepingshoogtes. Het project voorziet een aanpassing waarbij de 5 verdiepingen worden herleid tot 4 binnen hetzelfde volume, zodat de vloerpas van elke verdieping overeenkomt met die van het hoofgebouw. Dit verbetert de interne circulatie en de functionele bruikbaarheid van de ruimtes.
Het nieuwe éénslaapkamerappartement op het gelijkvloers heeft een oppervlakte van 51,5 m². Achteraan wordt naast de doorgang naar de loods een buitenruimte voorzien van 4,7 m², langs waar de slaapkamer licht ontvangt. De bestaande veranda wordt hier afgebroken.
Het tweeslaapkamerappartement op de eerste verdieping heeft een oppervlakte van 75 m². Tussen de bestaande gevel en scheimuur wordt een terras van 6 m² voorzien, wat voor een kwaliteitsverhoging van het appartement zorgt. Ook de éénslaapkamerappartementen op de tweede en derde verdieping (oppervlakte 67,5 m²) krijgen elk een terras van 4 m² tussen de bestaande muren. Op de tweede verdieping wordt hiervoor een stuk aanbouw verwijderd waarvan niet kon aangetoond worden dat dit volume vergund geacht was.
De bestaande loods achteraan op het perceel blijft behouden. Een deel ervan wordt ingericht als fietsenstalling voor de bewoners, deze ruimte wordt afgescheiden met een wand. Achter de loods bevindt zich nog een tuin van 55 m², die zo goed als volledig groen en onverhard is ingericht, en die toegankelijk is voor alle bewoners van het gebouw.
Vanuit stedenbouwkundig oogpunt kan ingestemd worden met het volume en het programma zoals voorgesteld. De geplande werken zijn niet storend voor de omgeving en in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening van de plaats.
Visueel-vormelijke elementen
De voorgevel blijft grotendeels behouden en bestaat uit een combinatie van lichtkleurig pleisterwerk en zandsteen. De dorpels en de plint zijn in blauwe hardsteen. Het schrijnwerk is in donkergrijs pvc. De poort wordt uitgevoerd in donkergrijs aluminium traliewerk.
De achtergevel wordt na isolatie in een lichte kleur gecementeerd, het schrijnwerk is in donkergrijs pvc. De balustrades van de terrassen zijn voorzien met grijze aluminium spijlen.
Het materiaal- en kleurgebruik zijn inpasbaar binnen de stedelijke context van het perceel.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Artikel 19 van de bouwcode bepaalt dat bij het vermeerderen van het aantal woongelegenheden waarbij het project minimaal 4 woningen telt, gegroepeerd in een meergezinsgebouw, een gemeenschappelijke afgescheiden afvalberging moet voorzien worden van 4 m² die voorzien is van verluchting. Deze afvalberging moet bereikbaar zijn via een gemeenschappelijke ruimte van waaruit men huisvuil vlot naar de openbare weg kan verplaatsen. Er werd geen afvalberging ingetekend op de plannen, maar er is voldoende ruimte in de loods. Er wordt opgenomen in de voorwaarden bij de vergunning dat een afvalberging moet voorzien worden conform de bepalingen van artikel 19.
Er wordt geen infiltratievoorziening ingetekend op de plannen. Er is echter wel voldoende open ruimte aanwezig op het perceel, een uitzondering wordt in dit geval niet toegestaan. Er wordt opgelegd in de voorwaarden bij de vergunning dat er een wadi van 17 m² moet voorzien worden conform de bepalingen van de hemelwaterverordening.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 32 van de bouwcode van kracht sinds 15 juli 2024, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding, wijzigen van het aantal wooneenheden en wijziging tussen de gedefinieerde subfuncties in paragraaf 3. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaatsen.
De aanvraag betreft het verbouwen van een pand met vermeerdering van het aantal woongelegenheden van 3 naar 4 en omvorming van een loods tot fietsenstalling
Het project ligt in centrumgebied op meer dan 800 m van een interregionale knoop / regionale knoop / P&R. De bijhorende parkeernormen uit de bouwcode worden gehanteerd.
De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en/of functiewijziging. In een bestaand gebouw wordt een deel van de gelijkvloerse verdieping omgevormd tot een bijkomend appartement. Het appartement op de tweede verdieping wordt met een slaapkamer uitgebreid. In de loods wordt een deel gebruikt voor fietsenstalling.
Bij projecten tot en met 5 wooneenheden is de parkeernorm 1. Er is één bijkomend appartement. De parkeerbehoefte vermeerdert met 1 parkeerplaats. De werkelijke parkeerbehoefte is 1 parkeerplaats.
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0.
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 1 – 1 = 0.
Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1 – 0 = 1. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.
De berekende parkeerbehoefte van het nieuwe project kan verminderd worden met het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein. Dit op voorwaarde dat realisatie niet mogelijk is.
In vergunde toestand werd ongeveer 56 m² gebruikt voor bedrijvigheid. Een deel van de loods wordt in nieuwe toestand gebruikt als fietsenstalling. Deze ruimte 56 m² + 33 m² = 89 m² verdwijnt. 89 m²/100 m² x 0,75= 0,67 afgerond 1 parkeerplaats.
Het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein dat mag worden bijgesteld is 1 parkeerplaats. Het bijgestelde aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 1 – 1 = 0.
|
Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 0 plaatsen.
|
Fietsvoorzieningen:
De bijkomende fietsparkeerbehoefte is 2 plaatsen voor het appartement op het gelijkvloers (1+1=2) en 1 plaats voor het appartement op de 1e verdieping (1 extra slaapkamer). In totaal zijn er 3 fietsstalplaatsen te voorzien.
In de loods achter het appartement worden een aantal fietsplaatsen voorzien met een hangsysteem. In totaal is voldoende ruimte om minstens 3 fietsen gewoon te stallen. Dit verhoogt het gebruiksgemak voor de bewoners. Om die reden wordt dit opgenomen als voorwaarden bij de vergunning.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 15 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 23 oktober 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 22 december 2025 |
Verslag GOA | 28 november 2025 |
Naam GOA | Cynthia Steurs |
Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.