Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025070274 |
Gegevens van de aanvrager: | NV Everllence Belgium met als adres Noorderlaan 181 te 2030 Antwerpen |
Ligging van het project: | Noorderlaan 181 te 2030 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 15 sectie C nr. 223M4 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | Het aanleggen van verharding voor opslag en reliëfwijziging |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 29/09/1994: vergunning (19941533) voor uitbreiding loods;
- 19/03/1990: vergunning (1990820) voor een kantoorgebouw en loods.
Vergunde toestand
- functie: industrie en bedrijvigheid;
- inrichting:
Bestaande toestand
Idem aan vergunde toestand.
Nieuwe toestand
- functie: industrie en bedrijvigheid;
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- aanleggen van een verharding;
- het gewoonlijk gebruik van de grond voor opslag en parkeren van voertuigen;
- een reliëfwijziging voor de aanleg van een wadi.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Agentschap Wegen en Verkeer - District Antwerpen | 15 september 2025 | 13 oktober 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Provincie Antwerpen - Dienst Integraal Waterbeleid | 15 september 2025 | 26 september 2025 | Ongunstig |
Fluxys | 15 september 2025 | 3 oktober 2025 | Ongunstig |
Haven van Antwerpen-Brugge, Permits&Advice | 15 september 2025 | 15 oktober 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Infrabel Antwerpen, Limburg, Vlaams Brabant | 15 september 2025 | 26 september 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Rotterdam Antwerpen Pijpleiding (België) | 15 september 2025 | 16 september 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
ExxonMobil Petroleum & Chemical BV | 15 september 2025 | Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag | |
| Water-link | 15 september 2025 | Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Mobiliteit | 1 oktober 2025 | 15 oktober 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) Afbakening zeehavengebied Antwerpen (Besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013), binnen de afbakeningslijn.
De gebieden binnen de afbakeningslijn behoren tot het zeehavengebied Antwerpen.
Met uitzondering van de deelgebieden waarvoor in dit plan voorschriften werden vastgelegd, blijven de op het ogenblik van de vaststelling van dit plan bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften onverminderd van toepassing.
Het goed is volgens voornoemd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan bestemd als Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven.
Zulk gebied is bestemd om te functioneren als Vlaams havengebied als onderdeel van de haven van Antwerpen. Het is bestemd voor zeehavengebonden en zeehavengerelateerde industriële en logistieke activiteiten en distributie-, opslag- en overslagactiviteiten die gebruikmaken van en aangewezen zijn op de zeehaveninfrastructuur.
Alle handelingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming en voor de exploitatie van de haven en de bedrijven zijn toegelaten.
Daartoe worden ook de volgende werken, handelingen, voorzieningen, en wijzigingen gerekend:
- de aanleg en het onderhoud van infrastructuur die nodig is voor de toegankelijkheid of voor verbindingen langs de waterzijde en langs de landszijde;
- het laguneren of op een andere wijze bergen of verwerken van baggerspecie.
Daarnaast is de ontwikkeling, het herstel en de instandhouding van tijdelijke ecologische infrastructuur toegelaten.
In het gebied zijn eveneens gebouwen of lokalen voor bewakingspersoneel toegelaten.
In het gebied zijn kantoorgebouwen niet toegelaten, tenzij ze noodzakelijk zijn voor en een inherent onderdeel zijn van de exploitatie van haven- en industriële activiteiten. De bestaande kantoorgebouwen kunnen behouden blijven binnen het bestaande bouwvolume op het moment van definitieve vaststelling van dit gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Uitbreidingen zijn niet toegelaten.
In het zuidoosten loopt over de site een overdruk met aanduiding Leidingstraat. In het gebied, aangeduid met deze overdruk, zijn alle handelingen toegelaten voor de aanleg, de exploitatie en wijzigingen van transportleidingen en hun aanhorigheden. Nieuwe leidingen worden gerealiseerd in functie van het optimaal ruimtegebruik van de leidingstraat. De aanvragen voor vergunningen voor een transportleiding en aanhorigheden worden beoordeeld rekening houdend met de in grondkleur aangegeven bestemming.
De in grondkleur aangegeven bestemming is van toepassing voor zover de aanleg, de exploitatie en wijzigingen van de leidingen en hun aanhorigheden niet in het gedrang worden gebracht
De aanvraag dient beoordeeld te worden aan de hand van de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De aanvraag is in overeenstemming met de bestemming en de voorschriften van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
De verordening hemelwater is van toepassing op de aanvraag. Het plaatsen van een hemelwaterput is niet verplicht aangezien er enkel verhardingen aangelegd worden. Waar mogelijk wordt een waterdoorlatende verharding (337 m²) aangelegd. Deze oppervlakte dient niet meegerekend te worden voor de dimensionering van de infiltratievoorziening. Er wordt een bovengrondse infiltratievoorziening (wadi) aangelegd met een buffervolume van 117.401 liter en een infiltratieoppervlakte van 203 m². De wadi heeft een maximale diepte in het overstromingsgevoelig gebied van 30 centimeter en buiten deze zone van 50 centimeter. Hiermee wordt voldaan aan de hemelwaterverordening.
Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
De verordening publiciteit is niet van toepassing op de aanvraag.
Sectorale regelgeving
MER-screening: het komt toe aan de overheid die beslist over de ontvankelijkheid en volledigheid van de vergunningsaanvraag om te beslissen of er een project-MER moet worden opgesteld.
Bij de beslissing over de volledig- en ontvankelijkheid is beslist dat de aanvraag geen betrekking heeft op een project als vermeld in bijlage I, II of III van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieën van projecten, onderworpen aan milieueffectrapportage (milieueffectrapport). Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het Stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het Stikstofdecreet.
Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor voorliggend project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is deels gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B), een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat (score C) en een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat (score D). Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Het project is gelegen in een zone waarvoor de Provincie – Dienst Integraal Waterbeleid (DIW) aangewezen is als adviesinstantie. Zij brachten een ongunstig advies uit aangezien er niet zou zijn voldaan aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater en het provinciaal beleidskader. Het perceel is namelijk gelegen in een overstromingscontour en door toename in verharding vermindert de infiltratiecapaciteit, waardoor de overstromingscontour gecompenseerd dient te worden via een afgraving. Daarnaast is volgens DIW de infiltratiecapaciteit van de bodem zeer slecht, waardoor infiltratievoorzieningen gelimiteerd zijn tot een diepte van 30 centimeter. De infiltratievoorziening moet herzien worden tot deze diepte of enkel de taluds tot deze diepte mogen ‘berekend’ worden. DIW geeft in hun advies als suggestie om de niet-doorlatende verharding te verminderen. Volgens de uitbreidingsregels leidt zelfs een beperkte afname hiervan al tot een aanzienlijke reductie in het benodigde infiltratievoorzieningsvolume en -oppervlak.
De aanvrager heeft naar aanleiding van dit ongunstig advies aanpassingen uitgevoerd aan de plannen via een wijzigingsverzoek. Volgende wijzigingen zijn doorgevoerd:
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst wordenaan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
Archeologienota: overeenkomstig artikel 5.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 moet aan bepaalde aanvragen een archeologienota worden toegevoegd waarvan akte werd genomen
Het voorliggende project heeft een oppervlakte kleiner dan 5.000 m² waardoor een archeologienota waarvan akte is genomen niet van toepassing is.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende aanvraag betreft het aanleggen van een nieuwe verharding voor de opslag van goederen (twee containers voor hout- en metaalafval en een container voor onderdelen voor scheepsmotoren), het parkeren van 9 personenvoertuigen en het laden- en lossen van vrachtwagens.
De verharding staat in functie van de opslag van materialen, parkeerplaatsen, laden en lossen en circulatieruimte, waardoor deze de verdere exploitatie van het bestaand industrieel bedrijf mogelijk maakt. De aanvraag past zich functioneel in binnen het industrieveld.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvraag betreft een toename aan verharding waardoor de ruimtelijke impact beperkt is. De aanvraag is in overeenstemming en verenigbaar met de ruimtelijke context van het havengebied waarbinnen deze aanvraag is gesitueerd.
Visueel-vormelijke elementen
De verharding wordt grotendeels aangelegd in betonklinkers (816 m²), de waterdoorlatende verharding (337 m²) wordt aangelegd in waterpasserende klinkers. Deze materialen zijn aanvaardbaar en gebruikelijk binnen deze industriële context.
Bodemreliëf
Ter hoogte van de braakliggende zone wordt het reliëf van de bodem aanmerkelijk gewijzigd omwille van:
De reliëfwijzigingen zijn functioneel en beperkt in omvang.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De Haven van Antwerpen-Brugge werd om advies gevraagd, als gebiedsbeheerder. Dit advies is voorwaardelijk gunstig, met volgende voorwaarde:
Daar de werken zich in de nabijheid van treinsporen bevinden, werd het advies ingewonnen van Infrabel. Zij geven een gunstig advies op voorwaarde dat aan volgende voorwaarden voldaan wordt:
Deze voorwaarden worden beschouwd als uitvoeringsmodaliteiten en kunnen integraal aan de vergunning worden gehecht.
Wegens de situering van de aanvraag aan een gewestweg werd tevens het advies ingewonnen van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV). Dit advies is als voorwaardelijk gunstig opgeladen in het Omgevingsloket, maar het is een gunstig advies zonder voorwaarden. Er wordt voor de uitvoering van de vergunning enkel verwezen naar de algemene aandachtspunten voor gewestwegen. Om die reden kunnen geen voorwaarden uit die advies overgenomen worden.
Wegens de situering van de aanvraag in de directe nabijheid van pijpleidingen werd tevens het advies ingewonnen van de beheerders van deze leidingen.
Wegens de nabijheid van een waterleiding werd advies gevraagd aan Water-link. Zij hebben echter geen tijdig advies uitgebracht. De aanvrager is wettelijk verplicht om voor de start van de werken een KLIP-aanvraag in te dienen.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Er werd advies gevraagd aan de mobiliteitsdienst van de stad Antwerpen.
Ontsluiting/bereikbaarheid
Voor voetgangers dienen er looplijnen en zebrapadmarkeringen voorzien te worden om aan te geven waar de voetgangers moeten wandelen en om bestuurders te duiden op hun mogelijke aanwezigheid op de site. Dit wordt meegegeven als aanbeveling. Het is aan de exploitant zelf om te zorgen voor een veilige, interne organisatie van de verschillende verkeersstromen op de eigen site.
De parkeerplaatsen voor het magazijn geven rechtstreeks uit op het openbaar domein. Door de verwijdering van deze parkeerplaatsen verdwijnt een brede conflictzone bij het verlaten van de site. Om te verhinderen dat de zone tussen voorgevel magazijn en Noorderlaan toch nog gebruikt wordt als parkeerplaats of laad- en loszone wordt opgelegd om hier een niet-overrijdbare fysieke afscheiding te voorzien tussen privaat en openbaar domein.
Het in- en uitrijden vanuit het privaat terrein dient geconcentreerd en veilig te gebeuren naar het openbaar domein. Er wordt opgelegd om over de hele breedte van het perceel een niet-overrijdbare fysieke afscheiding te voorzien tussen openbaar en privaat terrein en om enkel de noodzakelijke toegangen tot het perceel open te houden. Concreet houdt dit in dat er voor dit perceel vier inritten (met een breedte noodzakelijk om het terrein op- en af te kunnen rijden) worden toegestaan:
Met het wijzigingsverzoek heeft de aanvrager een afsluiting voorzien over de volledige breedte van het terrein en het openbaar domein, met drie in- en uitritten. Deze voorwaarden dienen dus niet opgenomen te worden.
Eén van de nieuwe parkeervakken (nummer 30) ligt buiten de afsluiting. Deze dient binnen de afsluiting geplaatst te worden, zodat alle parkeervakken via de geconcentreerde in-en uitrit bereikt kunnen worden. Dit werd eveneens gewijzigd door het indienen van het wijzigingsverzoek. Alle parkeerplaatsen worden op het terrein, binnen de afsluiting, geplaatst.
Parkeerbehoefte
Op de nieuwe verharding worden 9 parkeerplaatsen voor personenwagens voorzien. Dit betreft een verplaatsing van de bestaande parkeerplaatsen ten oosten van het magazijn, waardoor het totaal aantal parkeerplaatsen (30) niet gewijzigd wordt. Er wordt geen bijkomende parkeerbehoefte gegenereerd.
Fietsvoorzieningen
Aangezien er geen sprake is van een uitbreiding of functiewijziging moeten er geen nieuwe fietsvoorzieningen voorzien worden.
Laden en lossen
Het laden- en lossen van vrachtwagens zal worden verplaatst naar de nieuwe verharding. In bestaande toestand gebeurt dit op de strook tussen de voorgevel van het magazijn en de Noorderlaan. De laad- en losactiviteit wordt verplaatst maar neemt qua intensiteit niet toe. Het betreft het éénmaal per week afhalen van hout- en oud ijzer en het maandelijks leveren van materialen. De aanvraag genereert geen significante toename van het aantal verkeersbewegingen.
Het is voorzien dat vrachtwagens vooruit in en achteruit uitrijden. Bij het achterwaarts manoeuvreren liggen de draaicirkels zeer dicht tegen de afsluiting en komen ze na hun manoeuvre vlak naast de rijbaan uit. Er wordt opgelegd dat vrachtwagens moeten keren op eigen terrein zodat ze voorwaarts in én voorwaarts uit kunnen rijden. Dit laat toe om de breedte van de poort smaller te voorzien dan de 13 meter die nu is aangegeven op het inplantingsplan. Met het wijzigingsverzoek heeft de aanvrager de vrachtwagenbewegingen op de site gewijzigd. Het op- en afrijden gebeurt nu op twee verschillende plaatsen, en steeds voorwaarts. Deze voorwaarde dient dus niet opgenomen te worden.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De voorwaarden uit het advies van Infrabel dienen strikt nageleefd te worden.
2. De specifieke voorwaarden en veiligheidsmaatregelen uit het advies van Fluxys dienen strikt nageleefd te worden.
3. De wadi dient 1 meter ingekort te worden aan de zuidoostzijde.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 4 juli 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 15 september 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Beslissing aanvaarding wijzigingsaanvraag | 22 oktober 2025 |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 14 november 2025 |
Verslag GOA | 29 oktober 2025 |
Naam GOA | Katrine Leemans |
Wijzigingsverzoeken
De aanvrager heeft een verzoek ingediend om zijn oorspronkelijke dossier te wijzigen naar aanleiding van de opmerkingen en voorwaarden in de uitgebrachte adviezen. Dit verzoek werd aanvaard, waardoor de aanvaarde wijzigingen mee beoordeeld worden.
Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. De voorwaarden uit het advies van Infrabel dienen strikt nageleefd te worden.
2. De specifieke voorwaarden en veiligheidsmaatregelen uit het advies van Fluxys dienen strikt nageleefd te worden.
3. De wadi dient 1 meter ingekort te worden aan de zuidoostzijde.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.