Terug
Gepubliceerd op 31/12/2025

2025_CBS_09566 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025118755. Scheldelaan 420. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 26/12/2025 - 09:00 digitaal - afsluit: Chantal Kools / BZ_besluitvorming_mailbox@antwerpen.be
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2025_CBS_09566 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025118755. Scheldelaan 420. District Antwerpen - Goedkeuring 2025_CBS_09566 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025118755. Scheldelaan 420. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd bij de deputatie een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend. De aanvraag wordt behandeld volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

De deputatie verzoekt het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar om advies uit te brengen.

 

Projectnummer:

OMV_2025118755

Gegevens van de aanvrager:

zie exploitant

Gegevens van de exploitant:

NV Envalior (0867573542) met als contactadres Scheldelaan 420 te 2040 Antwerpen

Ligging van het project:

Scheldelaan 420 te 2040 Antwerpen

Kadastrale percelen:

afdeling 16 sectie D nrs. 81/2A, 81/2N, 81/2E, 81/2L, 81/2D, 81/2B, 81/2V, 82/2D, 82/2C, 85C, sectie F nrs. 234G2, 234H2, 234L2, 234N2, 234P2, 234S2, 234R2, 241C3, 241G2 en 241N2

waarvan:

 

-          20180109-0004

afdeling 16 sectie D nrs. 81/2A, 82/2C, sectie F nrs. 234H2, 241C3, 234N2, sectie D nrs. 81/2L, sectie F nrs. 234S2, 234L2, 234G2, sectie D nrs. 81/2E, sectie F nrs. 234R2, 241N2, sectie D nrs. 81/2V, sectie F nrs. 241G2, sectie D nrs. 82/2D, 85C, 81/2B, 81/2D, 81/2N en sectie F nrs. 234P2 (LANXESS nv)

Vergunningsplichten:

exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van de aanvraag:

Een tijdelijke bemaling voor rioleringswerken

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Stedenbouwkundige voorgeschiedenis

Geen relevante voorgeschiedenis

 

Historiek

Op 31 maart 2016 werd aan Lanxess door de deputatie van de provincie Antwerpen een milieuvergunning verleend voor het verder exploiteren na verandering van een chemisch bedrijf, voor een termijn verstrijkend op 31 maart 2036. In 2023 wijzigde de naam van het bedrijf naar Lanxess Performance Materials en later dat jaar naar Envalior. Nadien werden er nog diverse vergunningen verleend voor veranderingen.

 

Inhoud van de aanvraag

Een tijdelijke bronbemaling in het kader van rioleringswerken.

 

Aangevraagde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Gevraagd voor

53.2.1°

bemaling, technisch noodzakelijk voor de verwezenlijking van werken of de aanleg van nutsvoorzieningen, met inbegrip van het weer in de ondergrond brengen van bemalingswater en het nuttige gebruik tot maximaal 5.000 m³ bemalingswater per jaar, met een netto opgepompt volume per IIOA van maximaal 30.000 m³.

-13,31 m³

 

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 24 en 42 van het Omgevingsvergunningsdecreet heeft het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar de bevoegdheid advies uit te brengen voor de vergunningsaanvragen op haar grondgebied waarvoor de deputatie, de Vlaamse regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar de bevoegde overheid is, tenzij:

 

  1. de aanvraag ingediend is door het betrokken college;
  2. de aanvraag louter betrekking heeft op mobiele of verplaatsbare ingedeelde inrichtingen of activiteiten.

 

Het college heeft op 17 november 2017 (jaarnummer 2017_CBS_08858) beslist om de adviesbevoegdheid op te nemen.

Argumentatie

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Haven van Antwerpen-Brugge, subadvies milieu

9 december 2025

16 december 2025

Gunstig

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is gelegen in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) Afbakening zeehavengebied Antwerpen (Besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013), binnen de afbakeningslijn.

De gebieden binnen de afbakeningslijn behoren tot het zeehavengebied Antwerpen.

Met uitzondering van de deelgebieden waarvoor in dit plan voorschriften werden vastgelegd, blijven de op het ogenblik van de vaststelling van dit plan bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften onverminderd van toepassing.

 

Het goed is volgens voornoemd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan bestemd als Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven.

Zulk gebied is bestemd om te functioneren als Vlaams havengebied als onderdeel van de haven van Antwerpen. Het is bestemd voor zeehavengebonden en zeehavengerelateerde industriële en logistieke activiteiten en distributie-, opslag- en overslagactiviteiten die gebruikmaken van en aangewezen zijn op de zeehaveninfrastructuur.

Alle handelingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming en voor de exploitatie van de haven en de bedrijven zijn toegelaten.

Daartoe worden ook de volgende werken, handelingen, voorzieningen, en wijzigingen gerekend:

- de aanleg en het onderhoud van infrastructuur die nodig is voor de toegankelijkheid of voor verbindingen langs de waterzijde en langs de landszijde;

- het laguneren of op een andere wijze bergen of verwerken van baggerspecie.

Daarnaast is de ontwikkeling, het herstel en de instandhouding van tijdelijke ecologische infrastructuur toegelaten.

In het gebied zijn eveneens gebouwen of lokalen voor bewakingspersoneel toegelaten.

In het gebied zijn kantoorgebouwen niet toegelaten, tenzij ze noodzakelijk zijn voor en een inherent onderdeel zijn van de exploitatie van haven- en industriële activiteiten. De bestaande kantoorgebouwen kunnen behouden blijven binnen het bestaande bouwvolume op het moment van definitieve vaststelling van dit gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Uitbreidingen zijn niet toegelaten.

 

De aanvraag dient beoordeeld te worden aan de hand van de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.

De aanvraag is in overeenstemming met de bestemming en de voorschriften van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

Voor een straal van 500 meter rond de aanvraag is het voormelde GRUP tevens van toepassing. Grotendeels gelden hier de bestemmingsvoorschriften Gebied voor Zeehaven- en watergebonden bedrijven en – voor het Kanaaldok B1, Hansadok, de Boudewijnsluis en de invaargeul naar deze sluis – Gebied voor waterweginfrastructuur. Ten zuiden van de aanvraag loopt een overdruk met als aanduiding Leidingstraat. De wegenis ten oosten – de Scheldelaan en Kruisschansweg – heeft als bestemming Gebied voor Verkeers- en vervoersinfrastructuur. Parallel hieraan loopt tevens de overdruk Leidingstraat.

 

Buiten de grens van het afgebakende zeehavengebied is het gewestplan Antwerpen nog van toepassing met bestemming Bestaande waterweg (Schelde).

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

De ingedeelde inrichting of activiteit is vanuit stedenbouwkundig oogpunt hoofdzakelijk vergund. De aanvraag betreft onderhoudswerken aan de bestaande riolering. Op onderhoud- en instandhoudingswerken rust geen stedenbouwkundige vergunningsplicht.

De aanvraag is verenigbaar met de ruimtelijke context van het havengebied waarbinnen deze aanvraag is gesitueerd. Er is geen bezwaar vanuit stedenbouwkundig oogpunt.

 

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen en activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

 

Envalior is een chemisch bedrijf gespecialiseerd in de productie van caprolactam en gelegen aan de Scheldelaan 420 in de Antwerpse haven. Voorliggende aanvraag betreft een uitbreiding van een bestaande vergunning.

 

Met voorliggende aanvraag wenst Envalior een tijdelijke bronbemaling aan te vragen voor het uitvoeren van rioleringswerken. Het betreft een bemaling bestaande uit vijf verschillende bouwputten, waarbij in elke bouwput een bemalingseenheid wordt voorzien. Het maximaal totaal opgepompte volume bedraagt 16.695 m³ (5x 3.339 m³). Elke bemalingseenheid wordt voor een maximale duur van 14 dagen voorzien. Het totale project zal bijgevolg 70 dagen duren. Het maximale debiet wordt ingeschat op 495 m³/uur, hierbij gaat men ervan uit dat één bemaling wordt opgestart terwijl de andere reeds in stationaire toestand is.


Envalior had in haar vergunning reeds rubriek 53.2 permanent vergund voor een totaal van 30.000 m³ per jaar. Dit om te voorkomen dat ze voor elk klein project een nieuw dossier moesten indienen. Met de komst van de Grondwatertrein werd verduidelijkt dat het niet de bedoeling is om rubriek 53.2 permanent in de vergunning te hebben en werd het indelingscriterium aangepast naar een netto debiet per bemaling. De exploitant stelt dat de nu aangevraagde rubriek 53.2 na het beëindigen van de werken terug geschrapt zal worden. De stad Antwerpen is van mening dat de exploitatie van rubriek 53.2 best beperkt in de tijd vergund wordt, meer bepaald voor de duur van de bemaling (70 dagen). Zodoende hoeft de exploitant ook geen dossier voor schrapping van desbetreffende rubriek in te dienen.

 

In de omgeving van Envalior is het meest nabije natuurgebied gelegen op circa 540 meter van het project, het dichtstbijzijnde VEN-gebied situeert zich op circa 550 meter. De invloedstraal berekend voor deze bemaling betreft maximaal 277 meter waardoor er geen impact verwacht wordt naar de beschermde gebieden toe.

 

De aanvrager verklaart dat herinfiltratie van het bemalingswater niet aangeraden is wegens de verwachte verontreinigingen in het grondwater. Verder stellen ze ook dat hergebruik hier niet toegelaten is.

 

Het bemalingswater zal naar de bestaande waterzuiveringsinstallatie op de site van Envalior geleid worden en, na zuivering, geloosd worden in oppervlaktewater. Gezien het bemalingswater samenkomt met het bedrijfsafvalwater, wordt het geheel een lozing van bedrijfsafvalwater. De exploitant bevestigt dat het vergunde debiet onder rubriek 3.6.3.3 volstaat om dit extra afvalwater mee te verwerken. De exploitant zal tevens het bemalingswater analyseren op het standaard analysepakket (SAP) en PFAS om na te gaan of de waterzuiveringsinstallatie deze verontreiniging wel kan verwerken. Indien noodzakelijk kan de waterzuiveringsinstallatie worden aangepast (bijvoorbeeld door het bijplaatsen van een actiefkoolfilter). De bemaling mag pas in gebruik genomen worden wanneer deze analyseresultaten beschikbaar zijn.

 

Tevens worden bijzondere voorwaarden geadviseerd met betrekking tot het beperken en monitoren van het opgepompte debiet en het monitoren van het grondwaterpeil

 

Advies van het college

Gunstig advies te verlenen voor de aanvraag tot omgevingsvergunning onder voorwaarden.

 

Dit advies werd opgemaakt op basis van PIV 2.

 

Geadviseerde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Geadviseerd voor

53.2.1°

bemaling, technisch noodzakelijk voor de verwezenlijking van werken of de aanleg van nutsvoorzieningen, met inbegrip van het weer in de ondergrond brengen van bemalingswater en het nuttige gebruik tot maximaal 5.000 m³ bemalingswater per jaar, met een netto opgepompt volume per IIOA van maximaal 30.000 m³.

-13,31 m³

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

1. De startdatum van elke fase van de bemaling wordt ten minste twee weken voor de effectieve aanvang gemeld aan de stad Antwerpen. Hiervoor stuurt u een mail aan de dienst Vergunningen (omgevingsvergunning.haven@antwerpen.be) en de dienst Milieu-Interventie (mi@antwerpen.be) met vermelding van het dossiernummer, de contactgegevens van de werfverantwoordelijke en de start- en einddatum.

2. Om het grondwaterpeil te kunnen monitoren, worden er peilbuizen geplaatst die periodiek (daags) worden opgemeten. De grondwaterstanden worden in een logboek genoteerd en ter beschikking gesteld voor de toezichthouders.

3. Om het opgepompte debiet minimaal te houden, wordt na het bereiken van de noodzakelijke verlaging van de grondwatertafel, het opgepompte debiet maximaal teruggeschroefd, om de verlaging in stand te houden.

4. Het debiet van de bemaling wordt opgevolgd door middel van correct werkende debietmeters en bijgehouden in een logboek dat steeds op de werf aanwezig is en ter inzage wordt gehouden van de toezichthoudende overheid.

5. De bemalingsrubriek 53.2 wordt beperkt tot een duurtijd van 70 dagen.

 

Fasering

Procedurestap

Datum

Ontvangst adviesvraag

8 december 2025

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste adviesdatum

7 januari 2026

 

Onderzoek

De aanvraag moet niet onderworpen worden aan een openbaar onderzoek.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist een gunstig advies, zoals geformuleerd in de argumentatie, te geven op de aanvraag, onder volgende voorwaarden.

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

1. De startdatum van elke fase van de bemaling wordt ten minste twee weken voor de effectieve aanvang gemeld aan de stad Antwerpen. Hiervoor stuurt u een mail aan de dienst Vergunningen. (omgevingsvergunning.haven@antwerpen.be) en de dienst Milieu-Interventie (mi@antwerpen.be) met vermelding van het dossiernummer, de contactgegevens van de werfverantwoordelijke en de start- en einddatum.

2. Om het grondwaterpeil te kunnen monitoren, worden er peilbuizen geplaatst die periodiek (daags) worden opgemeten. De grondwaterstanden worden in een logboek genoteerd en ter beschikking gesteld voor de toezichthouders.

3. Om het opgepompte debiet minimaal te houden, wordt na het bereiken van de noodzakelijke verlaging van de grondwatertafel, het opgepompte debiet maximaal teruggeschroefd, om de verlaging in stand te houden.

4. Het debiet van de bemaling wordt opgevolgd door middel van correct werkende debietmeters en bijgehouden in een logboek dat steeds op de werf aanwezig is en ter inzage wordt gehouden van de toezichthoudende overheid.

5. De bemalingsrubriek 53.2 wordt beperkt tot een duurtijd van 70 dagen.

 

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.