Terug
Gepubliceerd op 22/12/2025

2025_CBS_09334 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025108044. Het Leike 1-25C. District Borsbeek - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 19/12/2025 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2025_CBS_09334 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025108044. Het Leike 1-25C. District Borsbeek - Goedkeuring 2025_CBS_09334 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025108044. Het Leike 1-25C. District Borsbeek - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd bij de deputatie een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend. De aanvraag wordt behandeld volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

De deputatie verzoekt het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar om:

- een openbaar onderzoek te houden;

- advies uit te brengen.

 

Projectnummer:

OMV_2025108044

Gegevens van de aanvrager:

zie exploitant

Gegevens van de exploitant:

NV DCA (0450900045) met als adres Lilsedijk 50 te 2340 Beerse

Ligging van het project:

Het Leike 1-25C te 2150 Borsbeek (Antwerpen)

Kadastrale percelen:

afdeling 45 sectie B nr. 90C2

waarvan:

 

-          20240503-0036

afdeling 45 sectie B nr. 90C2 (Borsbeek - bemaling)

Vergunningsplichten:

exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van de aanvraag:

regulariseren van de exploitatie van een bronbemaling bij een groepswoningbouwproject en afwijking van de algemene en sectorale lozingsvoorwaarden

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Op 27 mei 2024 nam het college van Borsbeek akte van een melding ingediend door DCA voor de exploitatie van een bronbemaling klasse 3 (OMV_2024064949).

 

Inhoud van de aanvraag

De aanvraag omvat het regulariseren van de exploitatie van een bronbemaling bij een groepswoningbouwproject en afwijking van de algemene en sectorale lozingsvoorwaarden.

 

Aangevraagde rubriek(en)

 

Aangevraagde rubriek(en) Borsbeek - bemaling
 

Rubriek

Omschrijving

Gevraagd voor

3.8.1°b)

het lozen van bemalingswater, afkomstig van een bemaling ingedeeld in rubriek 53.1, 1°, 53.2 of 53.5. met een geloosd debiet van maximaal 2.500 m³/dag afkomstig van een andere bemaling dan de bemaling vermeld in 1°, a);

2.132,00 m³/dag

(nieuw)

53.2.3°

bemaling die technisch noodzakelijk is voor de verwezenlijking van werken of de aanleg van nutsvoorzieningen, allebei met inbegrip van het weer in de ondergrond brengen van bemalingswater en het nuttige gebruik tot maximaal 5.000 m³ bemalingswater per jaar met een netto opgepompt volume per IIOA van meer dan 180.000 m³;

+133.275,00 m³

(305.535,00 m³)

 

Aangevraagde bijstelling bijzondere milieuvoorwaarden in afwijking van algemene of sectorale voorwaarden

Borsbeek - bemaling

1.

 

Bij te stellen voorwaarde:

Artikel 4.2.3.1.3° van Vlarem II: van de gevaarlijke stoffen als bedoeld in bijlage 2C, mogen in concentraties hoger dan de indelingscriteria, vermeld in de kolom indelingscriterium GS (gevaarlijke stoffen) van artikel 3 van bijlage 2.3.1. enkel stoffen worden geloosd waarvoor in de omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit emissiegrenswaarden zijn vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 2.3.6.1.

 

Voorgesteld alternatief/aanvulling

Op basis van de geraadpleegde onderzoeken wordt voor PFAS voorgesteld een afwijkende lozingsnorm aan te vragen. We verwijzen hiervoor naar de impactnota.
- individuele PFAS 0,1 µg/liter of 100 ng/liter 

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 24 en 42 van het Omgevingsvergunningsdecreet heeft het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar de bevoegdheid advies uit te brengen voor de vergunningsaanvragen op haar grondgebied waarvoor de deputatie, de Vlaamse regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar de bevoegde overheid is, tenzij:

 

  1. de aanvraag ingediend is door het betrokken college;
  2. de aanvraag louter betrekking heeft op mobiele of verplaatsbare ingedeelde inrichtingen of activiteiten.

 

Het college heeft op 17 november 2017 (jaarnummer 2017_CBS_08858) beslist om de adviesbevoegdheid op te nemen.

Argumentatie

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woonuitbreidingsgebied. De woonuitbreidingsgebieden zijn uitsluitend bestemd voor groepswoningbouw zolang de bevoegde overheid over de ordening van het gebied niet heeft beslist, en zolang, volgens het geval, ofwel die overheid geen besluit tot vastlegging van de uitgaven voor de voorzieningen heeft genomen, ofwel omtrent deze voorzieningen geen met waarborgen omklede verbintenis is aangegaan door de promotor.

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het bijzonder plan van aanleg Zilverenhoek-Hulgenrodestraat, goedgekeurd op 23 juni 1986.

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Bijzondere plannen van aanleg (BPA's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

  

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

De aanvraag betreft een tijdelijke bemaling die noodzakelijk is voor de uitvoering van eerder vergunde stedenbouwkundige handelingen. Deze stedenbouwkundige handelingen werden reeds eerder getoetst aan de verenigbaarheid met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening. De bemaling zelf is slechts tijdelijk van aard en noodzakelijk voor de uitvoeringsfase van de bouw. Het project kan beschouwd worden als verenigbaar met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening.

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen en activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

De melding met referentie OMV_2024064949 betreft een bronbemaling klasse 3 voor de realisatie van een ondergrondse bouwlaag. De bemaling werd vergund voor een maximaal debiet van 172.260 m³/jaar, 522 m³/dag en 21,75 m³/uur. De maximale grondwaterverlaging bedraagt vier meter. De bemaling werd toegestaan voor een duur van 330 dagen en is actief sinds 13 januari 2025. Tijdens de uitvoering van de werken werd opgemerkt dat een hoger debiet wordt opgepompt waardoor een aanpassing dient aangevraagd te worden.

De bemaling werd ontworpen als een klassieke bemaling met verticale filters aangezet in de Tertiaire zandlagen tot 10,0 m onder maaiveld rondom de bouwput. De liftputten werden reeds als prefab-constructies uitgevoerd zodat een bijkomende, diepere bemaling vermeden werd.

Tijdens de eerste 207 dagen van de bemaling werd er reeds een totaaldebiet van 203.749 m³ opgepompt. Voor de volgende 123 dagen werd er een gemiddeld debiet berekend van 828 m³/dag wat een bijkomend volume opgepompt bemalingswater oplevert van 101.786 m³. Voor het totale project na 330 dagen zal er dus in het totaal 305.535 m³ bemalingswater opgepompt zijn met een gemiddeld debiet van 925,80 m³/dag en een maximaal debiet van 2.132 m³/dag. Hiervoor wordt klasse 1 rubriek 53.2.3 gevraagd.

De absolute zettingen werden herberekend en bedragen maximaal 1,3 millimeter. De zettingen zijn bijgevolg gewaarborgd bij uitvoering van de bemaling in een klassieke open bouwput. Informatie over de differentiële zettingen wordt niet teruggevonden in de bemalingsnota.

In de melding met referentie OMV_2024064949 werd geen lozingsrubriek gemeld. Ondertussen werd een staalname en analyse van het grondwater uitgevoerd. Hierbij werd voor geen enkele parameter van het SAP-pakket een overschrijding waargenomen van de toetsingswaarde. Echter werd in de screening van de OVAM-dossiers wel PFAS gevonden welke verklaard wordt als regionaal verhoogd. De kans bestaat bijgevolg dat tijdens de bemalingswerken de concentratie van enkele PFAS-elementen de toetsingswaarde zal overstijgen. In voorliggende aanvraag wordt daarom klasse 2 rubriek 3.8.1.b gevraagd voor een debiet van 2.132 m³/dag.

De invloedzone van de bemaling strekt zich uit rond de werfzone over een maximale afstand van ongeveer 600 meter tijdens de winterperiode en 473 meter tijdens de zomerperiode. Binnen deze zone bevinden zich 18 gekende OVAM-dossiers. Deze dossiers werden opgevraagd bij OVAM en gescreend. Bij dossiers 103590 en 106873 wordt een relevante invloed berekend van de bemaling op de parameter PFAS die regionaal verhoogd voorkomt. De exploitant vraag hiervoor een bijstelling van artikel 4.2.3.1.3° van Vlarem II: van de gevaarlijke stoffen als bedoeld in bijlage 2C, mogen in concentraties hoger dan de indelingscriteria, vermeld in de kolom indelingscriterium GS (gevaarlijke stoffen) van artikel 3 van bijlage 2.3.1. enkel stoffen worden geloosd waarvoor in de omgevingsvergunning voor de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit emissiegrenswaarden zijn vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 2.3.6.1.

parameter

eenheid

gevraagde bijzondere lozingsnormen

PFAS individueel

ng/liter

100

Er bevindt zich een habitatrichtlijngebied ten zuidwesten van de werfzone op een afstand van ongeveer 510 meter. Een deel van dit gebied overlapt met de contouren van de grondwaterverlaging tijdens de bemaling. De maximaal verwachte grondwaterverlaging in het natuurgebied gaat tot maximaal 17 centimeter. In de bemalingsnota wordt gesteld dat de impact zeer beperkt tot te verwaarlozen zal zijn. De Korte Beek is namelijk gelegen op de rand van dit natuurgebied waardoor er tijdens de nattere wintermaanden eigenlijk steeds grondwater zal aangevoerd worden via de beek. Er zal bijgevolg geen werkelijke grondwaterverlaging aanwezig zijn ter hoogte van het habitatrichtlijngebied. Daarnaast is in de winter tot aan het groeiseizoen ook geen behoefte aan grondwater voor de planten en bomen. Indien een project mogelijkerwijze een impact zou kunnen hebben op een speciale beschermingszone, dient hiervoor een passende beoordeling opgemaakt te worden. Deze passende beoordeling wordt niet teruggevonden in het aanvraagdossier.

Het bemalingswater wordt geloosd in de RWA van de straat welke verder aansluit op een bufferbekken ten zuiden.

Advies van het college

Gunstig advies te verlenen voor de aanvraag tot omgevingsvergunning onder voorwaarden.

 

Dit advies werd opgemaakt op basis van PIV 2.

 

Geadviseerde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Geadviseerd voor

3.8.1°b)

het lozen van bemalingswater, afkomstig van een bemaling ingedeeld in rubriek 53.1, 1°, 53.2 of 53.5. met een geloosd debiet van maximaal 2.500 m³/dag afkomstig van een andere bemaling dan de bemaling vermeld in 1°, a); (inrichting Borsbeek - bemaling)

2.132,00 m³/dag

53.2.3°

bemaling die technisch noodzakelijk is voor de verwezenlijking van werken of de aanleg van nutsvoorzieningen, allebei met inbegrip van het weer in de ondergrond brengen van bemalingswater en het nuttige gebruik tot maximaal 5.000 m³ bemalingswater per jaar met een netto opgepompt volume per IIOA van meer dan 180.000 m³; (inrichting Borsbeek - bemaling)

+133.275,00 m³

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

1.  De analyseresultaten met betrekking tot PFAS worden meegedeeld aan de PFAS-coördinator van stad Antwerpen (mi@antwerpen.be).
2. Het debiet van de bemaling wordt opgevolgd door middel van vlot toegankelijke en correct werkende debietmeters en bijgehouden in een logboek dat steeds op de werf aanwezig is en ter inzage wordt gehouden van de toezichthoudende overheid. Het debiet wordt minstens wekelijks geregistreerd wanneer de bemaling in werking is.
3. Indien meer dan 10 m³/uur wordt opgepompt en geloosd op een riool die aangesloten is op een RWZI, dient een schriftelijke toelating van Aquafin bekomen te worden alvorens de lozing op riolering wordt opgestart.

 

Fasering

Procedurestap

Datum

Ontvangst adviesvraag

5 november 2025

Start openbaar onderzoek

15 november 2025

Einde openbaar onderzoek

14 december 2025

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste adviesdatum

25 december 2025

Onderzoek

De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

  

Informatievergadering

Een informatievergadering was niet vereist en werd niet gehouden.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist een gunstig advies, zoals geformuleerd in de argumentatie, te geven op de aanvraag, onder volgende voorwaarden.

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

1. De analyseresultaten met betrekking tot PFAS worden meegedeeld aan de PFAS-coördinator van stad Antwerpen (mi@antwerpen.be).
2. Het debiet van de bemaling wordt opgevolgd door middel van vlot toegankelijke en correct werkende debietmeters en bijgehouden in een logboek dat steeds op de werf aanwezig is en ter inzage wordt gehouden van de toezichthoudende overheid. Het debiet wordt minstens wekelijks geregistreerd wanneer de bemaling in werking is.
3. Indien meer dan 10 m³/uur wordt opgepompt en geloosd op een riool die aangesloten is op een RWZI, dient een schriftelijke toelating van Aquafin bekomen te worden alvorens de lozing op riolering wordt opgestart.

 

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.