Terug
Gepubliceerd op 22/12/2025

2025_CBS_09367 - Omgevingsvergunning - OMV_2025056719. Bredabaan 425. District Merksem - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 19/12/2025 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2025_CBS_09367 - Omgevingsvergunning - OMV_2025056719. Bredabaan 425. District Merksem - Goedkeuring 2025_CBS_09367 - Omgevingsvergunning - OMV_2025056719. Bredabaan 425. District Merksem - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2025056719

Gegevens van de aanvrager:

de heer Mustafa Kilinç Arslan met als contactadres Trompetvogelstraat 48 te 2170 Merksem (Antwerpen)

Ligging van het project:

Bredabaan 425 te 2170 Merksem (Antwerpen)

Kadastrale percelen:

afdeling 40 sectie C nr. 299K5

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

verbouwen van een gelijkvloerse detailhandel met bovenliggende woning

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          11/05/1994: vergunning (1974#677) winkelpui + vaste luifel;

-          31/01/1948: toelating (1974#7532) gevelveranderingswerken.

 

Vergunde toestand

-          functie:

  • detailhandel met onafscheidbare bedrijfswoning;

-          bouwvolume:

  • hoofdbouw van 2 bouwlagen met zadeldak, verbonden met achterhuis van 2 bouwlagen met zadeldak;

-          gevelafwerking:

  • verdiep in witte steen en klampsteen;
  • gelijkvloerse plint in blauwe steen;
  • vaste zonnekleppen;

-          inrichting:

  • volledig bebouwd perceel met patio tegen de rechtse perceelsgrens.

 

Bestaande toestand

Overeenkomstig is met de vergunde toestand, uitgezonderd van:

-          patio werd overdekt;

-          gewijzigde voorgevel;

-          vitrine winkel gewijzigd.


Nieuwe toestand

-          functie - gemengd gebouw:

  • gelijkvloerse verdieping: detailhandel van circa 172 m²;
  • verdiepingen achterhuis: magazijn van circa 67 m²;
  • verdiepingen hoofdvolume: wooneenheid met 3 slaapkamers en een netto vloeroppervlakte van circa 150 m²;

-          bouwvolume:

  • hoofdbouw van 2 bouwlagen met zadeldak;
  • achterhuis van 2 bouwlagen met zadeldak met dakkapel in voorgevel;
  • verbinden van woningen met 1 bouwlaag onder plat groen dak tegen de linkse perceelsgrens en 2 bouwlagen onder plat groen dak tegen de rechtse perceelsgrens;

-          gevelafwerking:

  • verdiep in beige simili en baksteen met schijnwerk in bruin hout;
  • gelijkvloerse plint in blauwe geschilderde simili met schijnwerk in wit en blauw hout;
  • plint in blauwe hardsteen;
  • dak in rode pannen met veluxramen in wit hout;

-          inrichting:

  • volledig bebouwd perceel.

 

Inhoud van de aanvraag

-          wijzigen van de functie van detailhandel naar detailhandel en wonen;

-          uitbreiden van het volume;

-          wijzigen van de voorgevel;

-          wijzigen van de scheimuren; 

-          doorvoeren van interne constructieve werken.

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

13 augustus 2025

6 oktober 2025

Voorwaardelijk gunstig

 

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Ondernemen en Stadsmarketing / Economie en Toerisme / Investeren

13 augustus 2025

22 augustus 2025

Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering

13 augustus 2025

18 augustus 2025

Stadsontwikkeling/ Mobiliteit

13 augustus 2025

28 augustus 2025

 

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen). 

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het bijzonder plan van aanleg BPA nr. 51 Het Dokske, goedgekeurd bij ministerieel besluit van 8 juni 1995. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zones: ZONE VOOR WINKELS en ZONE A BIS VOOR WONINGEN.

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Bijzondere plannen van aanleg (BPA's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van het bijzonder plan van aanleg BPA nr.51 het Dokske op volgende punten:

-          1.2. BESTEMMINGEN

in de zone van de hoofdbestemmingen ’zone A voor woningen’ zijn klein-winkelbedrijven enkel toegestaan als nevenbestemmingen op de benedenverdieping. Het opsplitsen van de woning van het handelspand, maakt van het pand een gemengd gebouw met wonen en detailhandel als hoofdbestemmingen;

-          2.7. GEVELMATERIALEN

de houten balken bevestigd aan de zone boven de gelijkvloerse verdieping zijn niet in harmonie met het straatbeeld of de gevel. Ze lijken bedoeld op zaak-gebonden gevelreclame aan te monteren. Hier is echter sinds voor 2013 geen reclame meer aan bevestigd  geweest. De balkenconstructie is niet esthetisch verantwoord.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater. (De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
 

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening toegankelijkheid op volgend punt:

  • Art. 18: de inkom aan de handelsruimte heeft een niveauverschil van 15 cm met het voetpad. Dit wordt niet overbrugd door middel van een helling.

 

-          Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen. (De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024. 
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:

  • Artikel 8 Visuele en vormelijke inpassing:

§2: de houten balken bevestigd aan de zone boven de gelijkvloerse verdieping zijn niet in harmonie met het straatbeeld of de gevel. Ze lijken bedoeld op zaak-gebonden gevelreclame aan te monteren. Hier is echter sinds voor 2013 geen reclame meer aan bevestigd geweest. De balkenconstructie is niet esthetisch verantwoord;

§2: de gelijkvloerse winkelpui in blauwe hardsteen werd gewijzigd naar blauw geschilderde simili. Ook de witte steen op de verdieping werd vervangen door simili (beige);

§3: het buitenschrijnwerk in de voorgevel wordt gewijzigd van kleur, zo ontstond er een combinatie bruin, blauw en wit houten schrijnwerk. Dit draagt niet bij aan de architecturale kwaliteit van de gevel;

  • Artikel 10 Daglichttoetreding, uitzicht en minimale luchttoevoer:

de raamopeningen van de twee slaapkamers aan de voorgevel bevinden zich op 2 m boven het loopvlak van de verblijfsruimtes;

  • Artikel 11 Bereikbaarheid van de functie:

het dakterras bij de woning is niet voorzien van een volwaardige toegang, zoals een deur, schuifdeur, draaideur of opengaand raam tot aan de vloer;

  • Artikel 20 Daken:

er wordt geen niet-brandbare strook van 30 cm aangebracht aan de dakopstanden en rond de lichtkoepel;

  • Artikel 22 Maat van de open ruimte:

de oorspronkelijk vergunde open ruimte in de vorm van een patio tegen de rechtse perceelsgrens wordt toe gebouwd. Bijgevolg is er geen open ruimte op het perceel. Er moet minimaal 20 % van de oppervlakte van het perceel op het niveau van het maaiveld onbebouwd zijn.

 

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

-         Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied. De berekende impactscore is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%. De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist. 

 

-            Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).

Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B). Het project is niet gelegen in een signaalgebied. Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt. De aangevraagde werken hebben geen impact op de waterhuishouding en eventueel op te leggen voorwaarden met betrekking tot de structurele werken die nodig zijn om bescherming tegen overstromingen te bieden, zouden disproportioneel zijn. De aanvrager wordt wel geadviseerd mobiele beschermingsmiddelen te voorzien om de woning te beschermen tegen overstromingen.

Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)

Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.

 

-          Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.

 

-          Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020. (De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

 

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009. (De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen

-          Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.

 

-          Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen. 

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Beoordeling afwijkingen van de voorschriften

Volgens artikel 4.3.1 §1 van de Vlaamse Code Ruimtelijke Ordening moet een vergunning worden geweigerd als het aangevraagde onverenigbaar is met voorschriften voor zover het BPA niet ouder is dan vijftien jaar op het ogenblik van de indiening van de vergunningsaanvraag, en voor zover daarvan niet op geldige wijze is afgeweken. Aangezien het BPA “nr.51 het Dokske” goedgekeurd is op 8/06/1995, en dus ouder is dan 15 jaar, vormen deze geen weigeringsgrond meer.

De afwijking op artikel 1.2. bestemmingen van het BPA kan gunstig geadviseerd worden. Volgens het artikel is in de ’zone A voor woningen’ klein-winkelbedrijven enkel toegestaan als nevenbestemmingen op de benedenverdieping.
Het opsplitsen van de woning van het handelspand, maakt van het pand een gemengd gebouw met wonen en detailhandel als hoofdbestemmingen. Echter stemt dit nog wel overeen met de bestemming van het gewestplan, woongebied. Tevens wordt hiermee aangesloten aan de overige functies in de omgeving en staat dit verdere ontwikkelingen niet in de weg. Dit is stedenbouwkundig aanvaardbaar.

De afwijking op artikel 2.7. gevelmaterialen van het BPA en hierbij artikel 8 van de bouwcode worden ongunstig geadviseerd.
De houten balken bevestigd aan de gevel boven de gelijkvloerse verdieping zijn niet in harmonie met het straatbeeld of de gevel. Ze lijken bedoeld op zaak-gebonden gevelreclame aan te monteren. Hier is echter sinds voor 2013 geen reclame meer aan bevestigd geweest. De balkenconstructie is niet esthetisch verantwoord. De gelijkvloerse winkelpui in blauwe hardsteen werd gewijzigd naar blauw geschilderde simili. Ook de witte steen op de verdieping werd vervangen door simili (beige).
Het buitenschrijnwerk in de voorgevel wordt gewijzigd van kleur. Zo ontstaat er een combinatie van bruin, blauw en wit houten schrijnwerk. Dit draagt niet bij aan de architecturale kwaliteit van de gevel.

Om de gevel terug in overeenstemming te brengen met het straatbeeld en bij te dragen tot de architecturale kwaliteit wordt het volgende geadviseerd:

-          De houten latconstructie (voor de publiciteit) moet worden verwijderd.

-          Het schrijnwerk van de gelijkvloerse gevel moet volledig worden uitgevoerd in blauw houten schrijnwerk, in overeenstemming met de kleur van de gelijkvloerse plint.

Hierdoor ontstaat er een duidelijke uitspraak over de gelijkvloerse handelszaak en de bovenliggende wooneenheid. Deze punten worden naar de voorwaarden meegenomen.

Indien er in de toekomst publiciteit wordt aangevraagd, dient dit door middel van een nieuwe aanvraag te worden bekomen.

Functionele inpasbaarheid

De aanvraag is gesitueerd in de Bredabaan, gelegen in het district Merksem. De onmiddellijke omgeving wordt gekenmerkt door één- en meergezinswoningen afgewisseld met gelijkvloerse reca- of handelszaken.

De aanvraag kan gunstig geadviseerd worden.
De aanvraag omvat de verbouwing van een handelspand naar een woning en winkel. De site is gelegen in het lokaal kernwinkelgebied Merksem centrum zone B3. Deze zone is het secundaire deel van het lokale kernwinkelgebied. Daar is er een grotere mengeling van handel, horeca, diensten.


Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

De afwijking op artikel 22 van de bouwcode – met betrekking tot het volbouwen van het perceel – kan gunstig worden geadviseerd. De oorspronkelijk vergunde open ruimte in de vorm van een patio tegen de rechtse perceelsgrens wordt toe gebouwd. 
Echter betreft het een pand in kernwinkelgebied en is het aldus toegelaten om het volledige perceel vol te bouwen.

Omdat de aanvraag het behoud van het achterste volume – bestaande uit 2 bouwlagen onder een zadeldak – omvat, past het gebouw zich niet volledig in in de bestaande straatwand en het gabarit van de woningen uit zijn omgeving.
Om meer kwaliteit in het binnengebied te realiseren, zou deze achterbouw in de toekomst moeten worden verwijderd.

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Het ontwerp kan gunstig worden geadviseerd. De woning biedt voldoende wooncomfort. Het aantal beschikbare vierkante meters leefruimte per bewoner in verhouding tot het aantal slaapkamers. 

Er worden 3 fietsstalplaatsen voorzien in de trappenhal op het gelijkvloers. Deze voldoen aan de opgelegde normen uit de bouwcode.  

Het dossier werd voorwaardelijk gunstig geadviseerd door de brandweer. De voorgestelde voorwaarden worden integraal opgenomen als voorwaarde van vergunning. 

De aanvraag wijkt af op artikel 18 van de verordening toegankelijkheid. 
De inkom aan de handelsruimte heeft een niveauverschil van 15 cm met het voetpad. Dit wordt niet overbrugd door middel van een helling. Het schrijnwerk van de voorgevel wordt gewijzigd ten opzichte van de laatste vergunning maar deze wijziging wordt uitgevoerd binnen de bestaande raam- en deuropening. Ook de functie van het gelijkvloers wijzigt niet ten opzichte van de laatst vergunde toestand. De afwijking kan om die reden aanvaard worden. Als aanbeveling wordt wel meegegeven dat het wenselijk is om in de toekomst wel de nodige aanpassingen te voorzien zodat de handelsruimte integraal toegankelijk wordt.   

De afwijking op artikel 10 van de bouwcode – met betrekking tot het uitzicht van de slaapkamers onder het zadeldak – wordt gunstig geadviseerd. 
De twee slaapkamers aan de voorgevel hebben raamopeningen die zich 2 m boven het loopvlak van de verblijfsruimtes bevinden. Echter zijn de dakvlakvensters voldoende groot om lichtinval te creëren, waardoor het gebrek aan uitzicht stedenbouwkundig aanvaardbaar is.

Naar voorwaarden wordt meegenomen om de raamopening in de keuken te verlagen tot vloerniveau. Op deze wijze is het dakterras bij de woning voorzien van een volwaardige toegang, conform artikel 11 van de bouwcode. 

Verder voldoet de aanvraag aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot. De geplande verbouwingswerken zijn niet storend voor de omgeving en in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening van de plaats. 

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.

2. Er moet een niet-brandbare strook van 30 cm aangebracht worden aan de dakopstanden en rond de lichtkoepel, conform artikel 20 van de bouwcode.

3. Het hout latwerk aan de voorgevel boven het gelijkvloers dient verwijderd te worden.

4. Indien men vergunningsplichtige publiciteit wenst te plaatsen voor de gelijkvloerse handelszaak moet hiervoor nog een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag worden ingediend.

5. De aanvrager moet het schrijnwerk van de gelijkvloerse gevel volledig uitvoeren in blauw houten schrijnwerk, in overeenstemming met de kleur van de gelijkvloerse plint.

6. De aanvrager moet de raamopening in de achtergevel, ter hoogte van de keuken op de eerste verdieping, verlagen zodat er toegang is tot het dakterras, conform artikel 11 van de bouwcode.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

18 juli 2025

Volledig en ontvankelijk

13 augustus 2025

Start 1e openbaar onderzoek

25 augustus 2025

Einde 1e openbaar onderzoek

23 september 2025

Beslissing toepassing administratieve lus

13 oktober 2025

Start laatste openbaar onderzoek

22 oktober 2025

Einde laatste openbaar onderzoek

20 november 2025

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

25 januari 2026

Verslag GOA

10 december 2025

Naam GOA

Cynthia Steurs

 

Administratieve lus

Op de aanvraag wordt een administratieve lus toegepast, omwille van de volgende reden:

* De affiche werd niet aangeplakt uiterlijk op de dag voor de begindatum van het openbaar onderzoek en tot en met de laatste dag daarvan conform de bepalingen van artikel 20 van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.

De stappen in de procedure die verkeerd gelopen zijn, werden opnieuw uitgevoerd, om te voorkomen dat de eindbeslissing over de aanvraag vernietigd wordt omwille van de vastgestelde procedurefout(en).

Onderzoek

De aanvraag werd onderworpen aan 2 openbare onderzoeken. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking. 

 

Bespreking van de bezwaren

Bezwaren uit vorige openbare onderzoeken over de aanvraag, die nog relevant zijn, worden hier ook besproken.

 

  1. Afwerking linkse scheimuur: De bezwaarindiener merkt op dat bij afbraak van het werkhuis op de eerste verdieping de scheimuur tussen huisnummers 425-427 bloot komt te staan. Er is geen bescherming tegen regen en wind. De bezwaarindiener wil dat de aanvrager de scheimuur bekleedt met leien, aansluitend met de hoger aangebrachte leien.

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Er wordt inderdaad een gedeelte van een achterbouw afgebroken, echter zijn werken aan de scheimuur burgerrechtelijk van aard en niet stedenbouwkundig.
Werken die uitgevoerd worden aan de scheimuren kunnen slechts uitgevoerd worden, mits de uitdrukkelijke toestemming van beide partijen. Het is de verantwoordelijkheid van de architect om de werken naar behoren op te volgen en van de aannemer om deze volgens de regels van de kunst uit te voeren. Het risico op optreden van schade aan de naburige percelen kan hierdoor tot een absoluut minimum beperkt worden.

 

  1. Afbreken achterste buitenmuur: Volgens de bezwaarindiener wordt de achterste buitenmuur afgebroken. En moet de aanvrager hiervoor op de eigendom van de bezwaarindiener komen. Hij is niet bereid om zijn woning open te stellen om zijn perceel te laten betreden. De werkzaamheden moet gebeuren zonder betreding van zijn eigendom.

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Uit het bezwaar kan niet worden afgeleid welke achtermuur wordt afgebroken. Volgens de plannen worden er geen achtermuren afgebroken. Het recht om een perceel te betreden is een onderlinge afspraak. Dit is geen stedenbouwkundig aspect.

 

  1. Schending van de privacy: Volgens de bezwaarindiener worden er raamopeningen in de buitenmuur geplaatst, waarachter zich slaapkamers zouden bevinden. Deze hebben direct uitzicht op zijn tuin en woning.

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Volgens de plannen bevinden er zich inderdaad raamopeningen in de scheimuren van het achterste volume. Maar deze worden niet nieuw geplaatst want ze waren al aanwezig in bestaande toestand. Verder komt in het achterste volume op de gelijkvloerse verdieping een handelszaak en op de eerste verdieping een magazijn. Er worden in het achterste volume geen verblijfsruimten voorzien.

 

  1. Groendak, onderhoud: De bezwaarindiener maakt zich zorgen over het onderhoud van het toekomstig groendak en de bijhorende overlast.

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Het bezwaar is een aanname en wordt niet gestaafd. Het is geen stedenbouwkundig aspect.

 

  1. Hygiëne, overlast: Volgens de bezwaarindiener zorgt de huidige staat van het gebouw al voor overlast. Zo komen er duiven op af met het nodige vuil. In de toekomst wordt op de gelijkvloerse verdieping, volgens de bezwaarindiener, een magazijn voorzien. Hij stelt de praktische uitbating hiervan in vraag. Volgens hem brengt dit mogelijke overlast (ongedierte, lawaai, ...) en mogelijke veiligheidskwesties met zich mee.

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Op de gelijkvloerse verdieping wordt in de nieuwe toestand geen magazijn voorzien, maar wel een handelsruimte en een afvalberging. Deze afvalberging wordt intern in het gebouw voorzien, dus de overlast zou minimaal moeten zijn.

Tevens is de aanvraag voor advies opgestuurd naar de brandweer. Vanuit hun expertise hebben zij voorwaardelijk gunstig advies gegeven.

 

  1. Overleg: De bezwaarindiener merkt op dat er geen overleg heeft plaatsgevonden tussen hem en de aanvrager.

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Volgens het omgevingsdecreet is een overleg voorafgaand aan het indienen van een omgevingsvergunningsaanvraag of uitvoeren van de werken niet verplicht. Tevens zijn dit onderlinge afspraken en is dit geen stedenbouwkundig aspect.

 

  1. Veiligheid scheimuur: Volgens de bezwaarindiener hangen er aan de achterzijde van de scheimuur van het achterste volume verschillende houten panelen. Deze hangen ook niet veilig vast. 

Beoordeling: Het bezwaar is ongegrond. Op de foto’s horende bij het bezwaar zijn de houten panelen zichtbaar. Echter is de afwerking van deze muur geen stedenbouwkundig aspect. En dient dit onderling geregeld te worden. Verder is het de verantwoordelijkheid van de architect om de werken naar behoren op te volgen en van de aannemer om deze volgens de regels van de kunst uit te voeren.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:

 

-          de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;

-          het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

 

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.

2. Er moet een niet-brandbare strook van 30 cm aangebracht worden aan de dakopstanden en rond de lichtkoepel, conform artikel 20 van de bouwcode.

3. Het hout latwerk aan de voorgevel boven het gelijkvloers dient verwijderd te worden.

4. Indien men vergunningsplichtige publiciteit wenst te plaatsen voor de gelijkvloerse handelszaak moet hiervoor nog een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag worden ingediend.

5. De aanvrager moet het schrijnwerk van de gelijkvloerse gevel volledig uitvoeren in blauw houten schrijnwerk, in overeenstemming met de kleur van de gelijkvloerse plint.

6. De aanvrager moet de raamopening in de achtergevel, ter hoogte van de keuken op de eerste verdieping, verlagen zodat er toegang is tot het dakterras, conform artikel 11 van de bouwcode.

 

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.