Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025067397 |
Gegevens van de aanvrager: | de heer Javier Blasi met als adres Strijdhoflaan 43 te 2600 Antwerpen |
Ligging van het project: | Strijdhoflaan 43 te 2600 Berchem (Antwerpen) |
Kadastrale percelen: | afdeling 23 sectie C nr. 222R5 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 30/05/1972: vergunning (961#14145) voor verbouwingswerken;
- 28/10/1921: toelating (961#6430) voor het bouwen van een villa.
Vergunde toestand
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Bestaande toestand
- bouwvolume en inrichting overeenkomstig vergunde toestand, uitgezonderd;
Nieuwe toestand
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- uitbreiden van het volume;
- wijzigen van de voorgevel;
- wijzigen van de scheimuren;
- doorvoeren van interne constructieve werken;
- herinrichten van de voor- en achtertuin.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Er werden geen externe adviezen gevraagd.
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Monumentenzorg | 30 oktober 2025 | 28 november 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
3.c. het vergunde schrijnwerk in de voorgevel wordt vervangen door schrijnwerk in een ander materiaal, kleur en andere indeling;
2. Bij de speelkamer onder het hellend dak heeft de helft van de netto-oppervlakte vanaf 1,80 m hoogte geen vrije hoogte van minstens 2,60 m;
1.a. de vergunde speelkamer wordt ingericht als slaapkamer 3. De lichtdoorlatende oppervlakte van het schrijnwerk in deze ruimte bedraagt 0,5 m² < 1 m²;
De lichtdoorlatende oppervlakte in de bureauruimte onder het hellend dak bedraagt 1 m² < 1,5 m²;
De lichtdoorlatende oppervlakte in de speelkamer onder het hellend dak bedraagt 1 m² < 1,3 m²;
3.c. de minimale opstand ter hoogte van de nieuwe uitbreiding op de eerste verdieping bedraagt circa 0,20 m ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak < 0,30 m;
5. de voortuin wordt meer verhard dan strikt noodzakelijk;
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het stikstofdecreet.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat (score C). Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende aanvraag omvat geen functiewijziging. De bestaande functie van eengezinswoning blijft behouden en is daarmee in overeenstemming met de kenmerkende woonfuncties in de omgeving.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvraag omvat de uitbreiding van de eengezinswoning. Op het gelijkvloers wordt de vergunde aanbouw perceelsbreed gemaakt. De bouwdiepte wordt afgestemd op de rechterbuur, wat gunstig geadviseerd kan worden. Het perceel laat een dergelijke bouwdiepte toe. Er blijft nog een kwaliteitsvolle tuindiepte van circa 25 m over.
In de aanbouw worden de eetkamer en open keuken geplaatst. De voormalige keuken achter de inkomhal wordt omgevormd tot een berging.
Op de 1e verdieping wordt het volume achteraan ook uitgebreid. Er wordt een aanbouw voorzien tot op de bouwdiepte van de linkerbuur. Deze bouwdiepte is kenmerkend voor de omgeving van de aanvraag en kan gunstig geadviseerd worden. In deze uitbreiding worden een slaapkamer en badkamer voorzien. De 2 bestaande slaapkamers in het centrale gedeelte van het plan worden omgevormd tot een badkamer en een dressing.
Op het platte dak achter de aanbouw op de 1e verdieping wordt een dakterras voorzien. Dit terras wordt perceelsbreed voorzien, waardoor ter hoogte van de linkerperceelsgrens een houten schutting van circa 1,95 m hoog geplaatst wordt. Het plaatsen van dergelijke schutting als uitbreiding van de scheimuur kan vanuit duurzaamheid en beeldkwaliteit niet gunstig geadviseerd worden. Daarnaast is de schutting hinderlijk voor de linkerburen. De diepte van de linkerscheimuur op de 1e verdieping is in de bestaande toestand reeds maximaal. Het verder uitbreiden van deze scheimuur met een houten schutting is niet aanvaardbaar. De houten schutting wordt uitgesloten van de vergunning. Daarnaast wordt opgelegd dat het dakterras 1,9 m afstand dient te houden van de linkerperceelsgrens conform de wetgeving lichten en zichten van het Burgerlijk Wetboek. Het gedeelte van het platte dak op minder dan 1,9 m van de linkerperceelsgrens dient als groendak afgewerkt te worden.
Op de 2e verdieping onder het hellend dak worden geen constructieve wijzigingen doorgevoerd. De speelkamer aan de voorzijde wordt wel omgevormd tot een slaapkamer en de zolderruimten aan de achterzijde tot een speelkamer en bureau.
De aanvraag omvat de heraanleg van de voor- en achtertuin. In de voortuin wordt naast het toegangspad naar de voordeur een extra zone verhard. Deze verharding is echter niet strikt noodzakelijk (bouwcode, artikel 23). Vanuit beeld- en woonkwaliteit dienen voortuinen maximaal groen ingericht te worden en worden enkel de noodzakelijke verharding toegelaten. Als voorwaarde voor vergunning wordt daarom opgelegd dat in de voortuinstrook enkel de strikt noodzakelijke verharding voorzien mag worden en dat de rest van de voortuin groen ingericht moet worden.
In de achtertuin wordt een verhoogd terras van circa 35 m² op niveau van de binnenvloerpas aangelegd. Er blijft voldoende onverharde tuinzone over die groen ingericht kan worden.
In de bestaande toestand staat rechts achteraan in de tuin een tuinhuis. De aanvraag bevat geen plannenset van deze constructie. Het bestaande tuinhuis wordt daarom uitgesloten van de vergunning.
Mits voldaan wordt aan de opgelegde voorwaarden en uitsluitingen voldoet de aanvraag aan de goede ruimtelijke ordening op vlak van schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid.
Visueel-vormelijke elementen en cultuurhistorische aspecten
De aanvraag omvat enkele voorgevelwijzigingen. Gezien het pand op de lijst staat voor herinventarisatie van het onroerend erfgoed, werd intern advies opgevraagd bij de stedelijke dienst Monumentenzorg. Hun advies is voorwaardelijk gunstig en kan als volgt samengevat worden:
“De herinventarisatie van erfgoedpanden van het district Berchem is lopend.
Op basis van objectieve criteria werd ook de Strijfhoflaan onderzocht en werden onder andere nr. 43 samen met het buurpand nr. 45 weerhouden omwille van hun erfgoedwaarde.
Dit ensemble van twee gespiegelde eclectische burgerhuizen met cottagekenmerken werd in 1921 ontworpen door architect Alexander Van Roey, voor rekening van aannemer Charles Vermuyten, wonende op het Van Hombeeckplein 19. Van Roey ontwierp in de Strijdhoflaan meerdere ensembles. Zijn ontwerpen zijn herkenbaar aan terugkomende kenmerken, waaronder stijl, materiaalgebruik, de weergave van het op gelijke manier afbeelden van de huisnaam en de tuinhekjes.
Het betreft twee identieke gespiegelde rijwoningen met grotendeels versteende voortuintjes. De woningen tellen drie ongelijke traveeën. Eén daarvan wijkt ver terugliggend, waardoor een centrale inham binnen het ensemble gecreëerd wordt. Twee bouwlagen boven halfondergrondse kelder en onder pannen zadeldak met de nok parallel aan de straat. De lijstgevel met lage hardstenen plint is opgebouwd uit bloot baksteenparement met knipvoegwerk en is bovenaan afgelijnd met een houten geprofileerde kroonlijst. Alle gevelopeningen zijn gevat onder een rollaag waarin bleke accentstenen verwerkt zijn. Nr. 45 heeft zijn oorspronkelijke houten schrijnwerk bewaard. Bij nr. 43 is het tussen 2019 en 2023 vernieuwd.
Vanuit erfgoedoogpunt is er geen bezwaar tegen het bijbouwen van een nieuw volume achteraan op de eerste verdieping.
Het buitenschrijnwerk in de voorgevel werd recent vervangen, het hekwerkje naast de inkom werd verwijderd. Deze ingreep doet afbreuk aan de erfgoedwaarde van het pand zelf en het ensemble. Om de samenhang tussen beide woningen te herstellen/versterken worden volgende voorwaarden opgelegd:
Dit advies wordt vanuit stedenbouwkundig oogpunt bijgetreden en de voorwaarden worden meegenomen naar de voorwaarden van de beslissing.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De verblijfsruimten onder het hellend dak op de 2e verdieping krijgen onvoldoende daglichttoetreding (bouwcode, artikel 10). De speelkamer aan de achterzijde heeft daarnaast onvoldoende vrije hoogte om als verblijfsruimte te dienen (bouwcode, artikel 9). Als voorwaarde voor vergunning wordt daarom opgelegd dat de ruimten op de 2e verdieping niet als verblijfsruimte ingericht of gebruikt mogen worden.
Ter hoogte van het nieuwe groendak op de 2e verdieping worden de scheimuren niet uitgevoerd met een opstand van 0,30 m ten opzichte van het hoogst aangrenzende dakvlak (bouwcode, artikel 18). Deze opstand is echter niet vereist indien tussen de scheidingswand en de vegetatie van het groendak een niet-brandbare strook (reactie bij brand van minimum klasse A2FL-s2) van minstens 30 cm breed wordt voorzien. Dit wordt als voorwaarde voor vergunning opgelegd.
De aanvraag voorziet niet in fietsstalplaatsen zoals opgelegd in artikel 33 van de bouwcode. Gezien het een rijwoning betreft en het voorzien van een inpandige fietsenstalling de woonkwaliteit van de leefruimten op het gelijkvloers in het gedrang zou brengen, kan een afwijking op artikel 33 toegestaan worden. Bovendien omvat de aanvraag geen vermeerdering van het aantal slaapkamers.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. De voorwaarden zoals opgenomen in het advies van de stedelijke dienst Monumentenzorg dienen opgevolgd te worden.
3. Het dakterras (inclusief borstwering) op de 1e verdieping dient 1,9 m afstand te houden van de linkerperceelsgrens. Het gedeelte van het platte dak op minder dan 1,9 m afstand van de linkerperceelsgrens dient als groendak afgewerkt te worden.
4. In de voortuinstrook mag enkel de strikt noodzakelijke verharding voorzien worden conform artikel 23 van de bouwcode.
5. Het bestaande tuinhuis in de achtertuin wordt uitgesloten van de vergunning.
6. De ruimten op de 2e verdieping mogen niet als verblijfsruimte ingericht of gebruikt worden.
7. Het gedeelte van het dak, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak, is te voorzien van een niet-brandbare strook (reactie bij brand van minimum klasse A2FL-s2) van minstens 30 cm breed voorzien tussen het groendak en de scheidingswand.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 4 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 30 oktober 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 29 december 2025 |
Verslag GOA | 5 december 2025 |
Naam GOA | Cynthia Steurs |
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. De voorwaarden zoals opgenomen in het advies van de stedelijke dienst Monumentenzorg dienen opgevolgd te worden.
3. Het dakterras (inclusief borstwering) op de 1e verdieping dient 1,9 m afstand te houden van de linkerperceelsgrens. Het gedeelte van het platte dak op minder dan 1,9 m afstand van de linkerperceelsgrens dient als groendak afgewerkt te worden.
4. In de voortuinstrook mag enkel de strikt noodzakelijke verharding voorzien worden conform artikel 23 van de bouwcode.
5. Het bestaande tuinhuis in de achtertuin wordt uitgesloten van de vergunning.
6. De ruimten op de 2e verdieping mogen niet als verblijfsruimte ingericht of gebruikt worden.
7. Het gedeelte van het dak, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak, is te voorzien van een niet-brandbare strook (reactie bij brand van minimum klasse A2FL-s2) van minstens 30 cm breed voorzien tussen het groendak en de scheidingswand.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.