Terug
Gepubliceerd op 09/12/2025

2025_CBS_08654 - Retributiereglement - Uurlonen aan te rekenen aan derden. Opheffing - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 28/11/2025 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Afwezig

Koen Kennis, schepen

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2025_CBS_08654 - Retributiereglement - Uurlonen aan te rekenen aan derden. Opheffing - Goedkeuring 2025_CBS_08654 - Retributiereglement - Uurlonen aan te rekenen aan derden. Opheffing - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Het bestuur rekent soms de kost van een aantal prestaties, uitgevoerd door haar personeel voor rekening van burgers en bedrijven, door aan deze burgers of bedrijven, bijvoorbeeld de opkuis na manifestaties. 

Een gemeente mag de aan te rekenen uurloonkost vrij vastleggen in een retributiereglement. De stad Antwerpen heeft dit gedaan in het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2011, jaarnummer 425. 

Gezien de fusie van de stad Antwerpen met de gemeente Borsbeek, wordt dit besluit best hernomen zodat het mogelijk ook toegepast kan worden op het grondgebied van Borsbeek. 

Regelgeving: bevoegdheid

Overeenkomstig artikel 40§ 3 van het Decreet over het Lokaal Bestuur stelt de gemeenteraad de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijke belastingen en retributies, en op het inwendige bestuur van de gemeente.

Argumentatie

Er wordt voorgesteld om de tarieven opgenomen in het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2011 met jaarnummer 425 te bevestigen, met uitzondering van de tarieven voor functies die niet meer bestaan bij de stad of het OCMW.

Er wordt voorgesteld om, zoals in het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2011 met jaarnummer 425, de uurloonkost vast te leggen aan 100% (dit wil zeggen niet-geïndexeerd). Door zo te werken zal de uurloonkost automatisch aangepast worden bij elke indexoverschrijding zonder dat hiertoe een nieuw besluit dient genomen te worden. De index die hierbij gevolgd wordt, is deze van de lonen.

Er wordt voorgesteld om, zoals in gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2011 met jaarnummer 425, de uitkomst van elke indexering af te ronden naar de eerstvolgende volledige euro, zodat er naar de burger en bedrijven toe gewerkt kan worden met eenvoudige bedragen.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen legt het volgende voor aan de gemeenteraad:

Artikel 1

De gemeenteraad keurt goed om het gemeenteraadsbesluit van 28 maart 2011 (jaarnummer 425) op te heffen met ingang van 1 januari 2026.

Artikel 2

De gemeenteraad keurt goed om, met ingang van 1 januari 2026, het aangerekende geïndexeerde uurloon steeds af te ronden naar de eerstvolgende volledige euro en de basisbedragen aan 100% van de uurlonen aan te rekenen aan derden vast te stellen als volgt:

FUNCTIONELE LOOPBAAN

Basisbedragen aan 100%

(zonder index)

Basisbedragen (aan huidige index 2,1223 en afgerond naar de eervolgende volledige euro)

A10a-A10b

55,49 €

118,00 €

A6a-A6b-A7a

52,40 €

112,00 €

A5a-A5b

48,42 €

103,00 €

A4a-A4b

40,80 €

87,00 €

A1a-A2a-A3a

34,00 €

73,00 €

B4-B5

37,59 €

80,00 €

B1-B2-B3

27,66 €

59,00 €

C4-C5

31,93 €

68,00 €

C1-C2 / IFIC 11bis

27,02 €

58,00 €

C1-C2-C3

25,84 €

55,00 €

D4

28,07 €

60,00 €

D1-D2-D3

22,21 €

48,00 €

E1-E2-E3

20,78 €

45,00 €


Artikel 3

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.