Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025106261 |
Gegevens van de aanvrager: | Malka Stroli met als adres hertoginstraat 32 te 2018 antwerpen (belgie) |
Ligging van het project: | Robert Molsstraat 64 te 2018 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 10 sectie K nr. 1797D7 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | verbouwen van een meergezinswoning en vermeerderen van het aantal woongelegenheden |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 24/03/1950: toelating (18#26571) voor een woning en onrechtstreeks spoelstelsel.
Vergunde toestand
Er zijn geen vergunningen teruggevonden in de archieven;
Toestand bij inwerkingtreding gewestplan Antwerpen:
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Bestaande toestand
In overeenstemming met de vergunde toestand, met uitzondering van:
- gevelafwerking:
Nieuwe toestand
- functie:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 8 naar 10;
- uitbreiden van het volume;
- wijzigen van de voorgevel;
- wijzigen van de scheimuren;
- doorvoeren van interne constructieve werken.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Fluvius System Operator | 7 oktober 2025 | 20 oktober 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen | 7 oktober 2025 | 31 oktober 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Proximus | 7 oktober 2025 | 20 oktober 2025 | Gunstig |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering | 7 oktober 2025 | 9 oktober 2025 |
Stadsontwikkeling/ Mobiliteit | 7 oktober 2025 | 10 oktober 2025 |
Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Ruimtelijke Planning/ SL | 7 oktober 2025 | 14 november 2025 |
Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Vergunningen Milieu | 7 oktober 2025 | Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening toegankelijkheid op volgend(e) punt(en):
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van de verordening voetgangersverkeer.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):
het vervangen van schrijnwerk naar een ander materiaal, kleur of met andere verdeling is verboden. Het originele schrijnwerk wordt aangepast en gewijzigd naar aluminium;
overige ruimten, die niet onder de verblijfsruimten vallen, dienen een plafondhoogte te hebben van minimum 2,20 meter (uitgez. kruipkelder – hoogte 0,60 m). De afval en kelderbergingen hebben maar een vrije hoogte van 2,16 meter;
er worden voor de bijkomende appartementen geen autostalplaatsen voorzien.
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied.
De berekende impact(https://www.waterinfo.be/informatieplicht) is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%.
De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).
Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).
Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De aanvraag betreft het verbouwen van een meergezinswoning en vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 8 naar 10. De bestaande functie van meergezinswoning blijft behouden en blijft daarmee in harmonie met de kenmerkende woonfuncties in de Robert Molsstraat. Het toevoegen van twee nieuwe wooneenheden overschrijdt de draagkracht van het perceel en de omgeving niet en de woonkwaliteit van de bestaande appartementen wordt verhoogd, zoals gemotiveerd in volgende beoordelingselementen. Het vermeerderen van het aantal woongelegenheden is aanvaardbaar.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
In voorliggende aanvraag wordt de bestaande vier bouwlagen hoge hoofdbouw aangevuld met een bijkomende daklaag, de kroonlijst blijft behouden, tot een bouwhoogte van 15,5m. Aan de voorgevel worden terrassen toegevoegd.
De voorgestelde bouwhoogte is verenigbaar met de goede ruimtelijke ordening. Er wordt na uitbreiding aangesloten op de bouwhoogte van de rechterbuur. De Robert Molsstraat is voldoende breed voor deze bijkomende bouwlaag. Er zijn meerdere panden in de omgeving die een gelijkaardige bouwhoogte hebben. Gelet op de oriëntatie van het pand ten opzichte van de aanpalers zal de hinder met betrekking tot de bezonning van de naastgelegen percelen beperkt zijn.
Terrassen aan de voorgevel zijn eveneens kenmerkend in het straatbeeld en verhogen de woonkwaliteit van de bestaande appartementen die op heden enkel een terras aan de achtergevel hebben, ingesloten tussen de aanpalende bouwvolumes.
De aanvraag is met betrekking tot de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid aanvaardbaar.
Visueel-vormelijke elementen
In de laatst vergunde toestand is de voorgevel afgewerkt in licht geel metselwerk met de plint en dorpels in blauwe hardsteen. Het buitenschrijnwerk is van hout. De aanvraag plant de gevel te isoleren en af te werken in beige steenstrips met een plint in beige beton. De nieuwe bouwlaag wordt eveneens afgewerkt met beige steenstrips. Er worden nieuwe terrassen aan de voorgevel geïnstalleerd uit beige prefabbeton met balustrades in grijs staal. De raamopeningen worden vergroot en het buitenschrijnwerk is uit grijs aluminium. Ook de raamopeningen aan de achtergevel op het gelijkvloers worden vergroot. In de achtergevel wordt het schrijnwerk overal gewijzigd naar zwart pvc.
Volgens artikel 8.3 van de bouwcode is het wijzigen van het schrijnwerk in en de afwerking van de voorgevel verboden. Met toepassing van artikel 3.3 van de bouwcode kan evenwel geoordeeld worden dat de voorgestelde afwijking minstens een kwalitatief gelijkwaardige uitvoering is. De voorgestelde materialen zorgen voor een architectonisch geheel. Bijgevolg kan een afwijking op dit artikel gunstig geadviseerd worden.
Het isoleren en opnieuw afwerken van de gevel is vanuit stedenbouwkundig oogpunt eveneens aanvaardbaar. Door het energiezuinig renoveren van woningen wordt er bijgedragen aan de klimaatambities, wat wordt gestimuleerd. Aangezien de nieuwe constructie tot op het openbaar domein komt moet er wel rekening mee worden gehouden dat het voetpad in de toekomst hersteld kan worden zonder dat er aan de voorgevel ingrepen moeten gebeuren. Dit kan door de bestaande stoeptegel voor de werken weg te nemen en na de werken terug te plaatsen. Dit zal als voorwaarde worden opgelegd.
Het voorgestelde materiaalgebruik van de voorgevel past zich in de omgeving en is in overeenstemming met de stedelijke context van het perceel.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De afval- en kelderbergingen hebben maar een vrije hoogte van 2,16 meter, wat lager is dan het mimimaal opgelegde hoogte van 2,20 meter (artikel 9, bouwcode). Met toepassing van artikel 3.3 van de bouwcode kan geoordeeld worden dat de voorgestelde plafondhoogte minimaal verschilt van de opgelegde. Bijkomend gaat het om een bestaand gebouw met bestaande plafondhoogtes, waar geen aanpassingen aan mogelijk zijn. Bijgevolg kan een afwijking op dit artikel gunstig geadviseerd worden.
Daarnaast wordt opgemerkt dat de nieuwe inkomdeur en de toegangsdeuren tot de appartementen afwijken van artikel 22 van de verordening toegankelijkheid. De deuren hebben een doorgangsbreedte van slechts 0,8m, waarbij dit minimaal 0,9m moet zijn. Er is in de appartementen en in de inkomhal voldoende ruimte om deuren te voorzien met een voldoende breedte. Er is bijgevolg geen gegronde reden om een afwijking toe te staan waardoor dit wordt opgelegd als voorwaarde bij vergunning.
De voorgestelde wijzigingen van de interne indeling, het vergroten van de raamopeningen, het isoleren van de gevels en het toevoegen van de terrassen zorgt voor een verhoging van de woonkwaliteit van de bestaande appartementen, wat positief is.
Het pand voldoet, mits voldaan aan de verordening toegankelijkheid, aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot. De geplande verbouwingswerken zijn niet storend voor de omgeving en in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening van de plaats.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein). Voor deze aanvraag werd advies gevraagd aan de stedelijke dienst mobiliteit, wat vanuit stedenbouwkundig oogpunt gevolgd wordt.
Autostalplaatsen:
De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 32 van de bouwcode van kracht sinds 15 juli 2024, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding, wijzigen van het aantal wooneenheden en wijziging tussen de gedefinieerde subfuncties in paragraaf 3. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 2 parkeerplaatsen.
De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en of functiewijziging. De meergezinswoning met 8 wooneenheden wordt uitgebreid naar een meergezinswoning met 10 wooneenheden. De twee bijkomende appartementen zijn kleiner dan 60m² en hebben elk parkeernorm 1: 2 x 1 = 2. De werkelijke parkeerbehoefte is 2.
|
De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 2.
In een aantal gevallen genereert een aanvraag een werkelijke parkeerbehoefte maar kunnen de plaatsen om volgende stedenbouwkundige redenen niet (volledig) gerealiseerd worden.
Dit perceel betreft een bijna volledig volgebouwd perceel met gesloten bebouwing. Er zijn geen parkeerplaatsen aanwezig en de kelderverdieping is door de plafondhoogte en het gebrek aan inrit niet uitgerust voor het voorzien van parkeerplaatsen. De grootte van het perceel en de bestaande bebouwing laten het bouwen van het aantal te realiseren plaatsen niet toe.
|
Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 2.
Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 2 Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.
Echter kan de berekende parkeerbehoefte van het nieuwe project worden verminderd met het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein. Dit op voorwaarde dat realisatie niet mogelijk is. Bijgevolg kan de parkeerbehoefte van de vergunde toestand in mindering gebracht worden voor 0 parkeerplaatsen. Het bijgestelde aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 2.
|
Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 2 plaatsen.
|
Fietsvoorzieningen:
Voor de 2 bijkomende appartementen moeten er 4 fietsstalplaatsen voorzien worden volgens artikel 33 van de bouwcode:
- 2 appartementen met 1 slaapkamer = 2 x 2 (1 slaapkamer + 1 extra) = 4
Er worden op het gelijkvloers 2 fietsenbergingen voorzien voor elk 2 fietsstalplaatsen, wat positief is.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
3. De bijgevoegde voorzorgsmaatregelen van Fluvius zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
4. De nieuwe constructie moet aansluiten op het openbaar domein op die manier dat toekomstige werkzaamheden aan het openbaar domein kunnen plaatsvinden los van herstelwerken aan de nieuwe constructie.
5. De inkomdeuren aan de straat en van de twee appartementen op de vijfde bouwlaag moeten voldoen aan de bepalingen van de verordening toegankelijkheid.
Stedenbouwkundige lasten
Artikel 75 van het Omgevingsvergunningsdecreet bepaalt dat de bevoegde overheid lasten aan omgevingsvergunningen kan verbinden.
Op 29 april 2024 (jaarnummer 244) werd de stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ definitief vastgesteld door de gemeenteraad.
Voorliggende omgevingsvergunningsaanvraag valt onder het toepassingsgebied van artikel 2§1.2 van deze verordening.
De lasten zoals bepaald in artikel 2§1.2 van de verordening worden enkel opgelegd voor zover de woonprojecten niet voorzien in een vereiste groene ruimte op eigen terrein van minimaal 500 m², met een minimumaandeel van 10 m² per zelfstandige woongelegenheid of 4 m² per kamer.
Het project voorziet niet in groene ruimte op eigen terrein die voldoet aan de definitie zoals opgenomen in de verordening.
Rekening houdend met 8 woningen in de laatst vergunde toestand bedragen op basis van artikel 4§4 van de verordening deze stedenbouwkundige lasten 15.000,00 euro.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 9 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 7 oktober 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 6 december 2025 |
Verslag GOA | 19 november 2025 |
Naam GOA | Cynthia Steurs |
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Bespreking van de bezwaren
Tijdens de periode van het openbaar onderzoek werden 2 bezwaarschriften ingediend, die zich als volgt laten samenvatten:
Bouwvolume wijkt af van het referentiebeeld: De bezwaarindiener stelt dat het voorgestelde project met vijf bouwlagen afwijkt van het referentiebeeld in de straat dat gevormd wordt door woningen met vier bouwlagen. De meeste woningen in de straat zijn opgenomen in de Inventaris Bouwkundig Erfgoed.
Beoordeling: Er wordt na uitbreiding aangesloten op de bouwhoogte van de rechterbuur. De Robert Molsstraat is voldoende breed voor deze bijkomende bouwlaag. Het klopt dat de meeste woningen in de straat minder bouwlagen hebben, maar aangezien zij over hogere verdiepingshoogtes beschikken dan voorliggend pand is de voorgestelde bouwhoogte wel in overeenstemming met het referentiebeeld. In de straat zijn er meerdere woningen met een gelijkaardige bouwhoogte.
Het bezwaar is ongegrond.
Privacy hinder: Door de toevoeging van de terrassen aan de achterzijde van de het pand en de extra bouwlaag zou er privacy hinder zijn naar de aanpalende percelen en zouden deze minder lichtinval hebben.
Beoordeling: In de vergunde toestand zijn er reeds terrassen aan de achterzijde van de bestaande appartementen. De nieuwe terrassen van de nieuwe wooneenheden behouden voldoende afstand tot de perceelgrenzen, namelijk minimaal 2,3m. Gelet op de oriëntatie van het pand ten opzichte van de aanpalers zal de hinder met betrekking tot de bezonning van de naastgelegen percelen beperkt en tijdelijk van aard zijn.
Het bezwaar is ongegrond.
Toenemende parkeerdruk: Het bezwaar dat door de toevoeging van de twee wooneenheden de parkeerdruk in de straat verder toeneemt.
Beoordeling: De stedelijke dienst mobiliteit heeft voorliggend dossier gunstig geadviseerd en de bijkomende verkeerbelasting werd aanvaardbaar bevonden, rekening houdend met het bestaande wijkcirculatieplan. Er worden voldoende fietsstalplaatsen voorzien op eigen perceel. Er kan in alle redelijkheid gesteld worden dat de impact van het project op de mobiliteit in de omgeving toelaatbaar is.
Het bezwaar is ongegrond.
Geluidsoverlast: Het bezwaar tegen geluidsoverlast indien de muren niet kwalitatief en met voldoende isolatie worden uitgevoerd.
Beoordeling: Het bezwaar omtrent geluidsoverlast betreft niet aantoonbare, subjectieve elementen en de opbouw van de muur is bouwtechnisch van aard. Aangezien het bezwaar niet van stedenbouwkundige aard is, kan dit bijgevolg niet mee in afweging worden genomen bij de stedenbouwkundige beoordeling van voorliggend project.
Het bezwaar is ongegrond.
Verlies van uitzicht: De bezwaarindiener stelt dat het voorgestelde project het uitzicht vanop het de aanpalende dakterrassen significant zal beperken, waardoor ook het ruimtegevoel er zal afnemen. De geplande nieuwe bouwlaag omsluit die dakterrassen gedeeltelijk, wat voor een benauwend gevoel zal zorgen en het gebruiksgenot zal verminderen.
Beoordeling: Het geplande volume vormt inderdaad een beperking van het uitzicht voor de aanpalende, toch wordt opgemerkt dat de geplande bouwhoogte van circa 16m aansluit bij de kenmerkende bouwhoogte in de omgeving. De uitbreiding is stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Het bezwaar is ongegrond;
Belemmering toegang voor onderhoud: De bezwaarindiener stelt dat het voorgestelde project het onderhoud aan de tegen de perceelsgrens gelegen ruimtes van de aanpalende zal belemmeren, waardoor er geen onderhouds- of herstellingswerken kunnen uitgevoerd worden. Dit brengt praktische en veiligheidsproblemen met zich mee.
Beoordeling: De stedelijke dienst mobiliteit heeft voorliggend dossier gunstig geadviseerd en de bijkomende volume uitbreiding werd aanvaardbaar bevonden, rekening houdend met de omliggende bebouwing. Bijkomend overschrijdt het geplande volume de perceelsgrenzen niet. De uitbreiding is stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Het bezwaar is ongegrond;
Geurhinder: Bezwaar tegen mogelijke geur- en rookhinder door de installatie van de schouwen op de nieuwe daklaag.
Beoordeling: De bezorgdheden van de bezwaarindiener de plaatsing van een ventilatiebuis is een uitvoeringstechnische aangelegenheid die los staat van de stedenbouwkundige beoordeling van voorliggende aanvraag door de vergunningverlenende overheid. Uiteraard betekent het verkrijgen van een vergunning geen vrijgeleide voor de bouwheer/aannemer zich te ontzien van burgerrechtelijke plichten.
Het bezwaar is ongegrond.
De invordering van de financiële stedenbouwkundige last verloopt via een verkoopfactuur.
Deze wordt verstuurd bij de start van de vergunde werken of uiterlijk 18 maanden na de goedkeuring van de omgevingsvergunning, in dit dossier bijgevolg uiterlijk in de budgetperiode 2027.
De ontvangst wordt bij de volgende aanpassing van het meerjarenplan ingeschreven onder de doelstelling 2WNS03_Ruimtelijke Ordening, beleidsactie 2WNS030105_SOK.
Deze middelen worden conform de verordening stedenbouwkundige lasten aangewend voor de cofinanciering van een stadsgroenfonds.
Het college sluit zich integraal aan bij:
- de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;
- het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
3. De bijgevoegde voorzorgsmaatregelen van Fluvius zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
4. De nieuwe constructie moet aansluiten op het openbaar domein op die manier dat toekomstige werkzaamheden aan het openbaar domein kunnen plaatsvinden los van herstelwerken aan de nieuwe constructie.
5. De inkomdeuren aan de straat en van de twee appartementen op de vijfde bouwlaag moeten voldoen aan de bepalingen van de verordening toegankelijkheid.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.
Het college beslist volgende stedenbouwkundige last aan de omgevingsvergunning te verbinden: een financiële stedenbouwkundige last van 15.000,00 euro.
| Omschrijving | Bedrag | Boekingsadres | Bestelbon |
Financiële stedenbouwkundige last omgevingsvergunning Hertoginstraat 32 2018 Antwerpen
| 15.000,00 € | Budgetplaats: 5151500000 Budgetpositie: 150600 Functiegebied: 2WNS030105A00000 Subsidie: SL_Groenlasten Fonds: intern Begrotingsprogramma: 2SA050600 Budgetperiode: 2027 | Nvt, via facturatieorder |