Terug
Gepubliceerd op 12/01/2026

2026_CBS_00017 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025113618. Rostockweg 6. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 09/01/2026 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Afwezig

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur
2026_CBS_00017 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025113618. Rostockweg 6. District Antwerpen - Goedkeuring 2026_CBS_00017 - Omgevingsvergunning. Advies hogere overheid. Voorwaardelijk gunstig advies - OMV_2025113618. Rostockweg 6. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd bij de deputatie een verzoek tot bijstelling van vergunningsvoorwaarden ingediend. Het verzoek wordt behandeld volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

De deputatie verzoekt het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar om:

- een openbaar onderzoek te houden;

- advies uit te brengen.

 

Projectnummer:

OMV_2025113618

Gegevens van de aanvrager:

zie exploitant

Gegevens van de exploitant:

NV ANTWERP BULK TERMINAL (0447721712) met als adres Nieuwe Westweg 14 te 2040 Antwerpen

Ligging van het project:

Rostockweg 6 te 2030 Antwerpen.

Kadastrale percelen:

afdeling 15 sectie B nrs. 95D, sectie C nrs. 233V, 237C en 250H

waarvan:

 

-          20170801-0016

afdeling 15 sectie C nrs. 250H, 237C, sectie B nrs. 95D en sectie C nrs. 233V (SEA-INVEST ABT K316-330)

Vergunningsplichten:

exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van het verzoek:

Verzoek tot bijstelling van de bijzondere voorwaarde wat betreft de lozing van het bedrijfsafvalwater

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Op 30 mei 2024 werd door de deputatie van de provincie Antwerpen een omgevingsvergunning verleend voor het verder exploiteren van een op- en overslagbedrijf op naam van Antwerp Bulk Terminal voor een termijn van onbepaalde duur. Nadien werd er nog een vergunning verleend voor veranderingen.

 

Inhoud van de aanvraag

Het betreft een verzoek tot bijstelling van een bijzondere voorwaarde uit de vergunning aangaande het lozen van bedrijfsafvalwater via een KWS-afscheider.

 

Aangevraagde bijstelling bijzondere milieuvoorwaarden uit vergunning of meldingsakte


Bij te stellen voorwaarde:

Het bedrijfsafvalwater dient te worden geloosd via een KWS-afscheider.

 

Voorgesteld alternatief/aanvulling:

Het bedrijfsafvalwater afkomstig van de tankpiste (LPT2 BA) en afkomstig van het Tankenpark ‘STTA – deel TK3201 t.e.m. TK3206 + pompzone’ dient te worden geloosd via een KWS-afscheider.

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 24 en 42 van het Omgevingsvergunningsdecreet heeft het college of de gemeentelijke omgevingsambtenaar de bevoegdheid advies uit te brengen voor de vergunningsaanvragen op haar grondgebied waarvoor de deputatie, de Vlaamse regering of de gewestelijke omgevingsambtenaar de bevoegde overheid is, tenzij:

 

  1. de aanvraag ingediend is door het betrokken college;
  2. de aanvraag louter betrekking heeft op mobiele of verplaatsbare ingedeelde inrichtingen of activiteiten.

 

Het college heeft op 17 november 2017 (jaarnummer 2017_CBS_08858) beslist om de adviesbevoegdheid op te nemen.

Argumentatie

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Haven van Antwerpen-Brugge, subadvies milieu

27 november 2025

22 december 2025

Gedeeltelijk gunstig

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het goed is gelegen in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) Afbakening zeehavengebied Antwerpen (Besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013), binnen de afbakeningslijn.

De gebieden binnen de afbakeningslijn behoren tot het zeehavengebied Antwerpen.

Met uitzondering van de deelgebieden waarvoor in dit plan voorschriften werden vastgelegd, blijven de op het ogenblik van de vaststelling van dit plan bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften onverminderd van toepassing.

 

Het goed is volgens voornoemd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan bestemd als Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven.

Zulk gebied is bestemd om te functioneren als Vlaams havengebied als onderdeel van de haven van Antwerpen. Het is bestemd voor zeehavengebonden en zeehavengerelateerde industriële en logistieke activiteiten en distributie-, opslag- en overslagactiviteiten die gebruikmaken van en aangewezen zijn op de zeehaveninfrastructuur.

Alle handelingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming en voor de exploitatie van de haven en de bedrijven zijn toegelaten.

Daartoe worden ook de volgende werken, handelingen, voorzieningen, en wijzigingen gerekend:

- de aanleg en het onderhoud van infrastructuur die nodig is voor de toegankelijkheid of voor verbindingen langs de waterzijde en langs de landszijde;

- het laguneren of op een andere wijze bergen of verwerken van baggerspecie.

Daarnaast is de ontwikkeling, het herstel en de instandhouding van tijdelijke ecologische infrastructuur toegelaten.

In het gebied zijn eveneens gebouwen of lokalen voor bewakingspersoneel toegelaten.

In het gebied zijn kantoorgebouwen niet toegelaten, tenzij ze noodzakelijk zijn voor en een inherent onderdeel zijn van de exploitatie van haven- en industriële activiteiten. De bestaande kantoorgebouwen kunnen behouden blijven binnen het bestaande bouwvolume op het moment van definitieve vaststelling van dit gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Uitbreidingen zijn niet toegelaten.

 

De aanvraag dient beoordeeld te worden aan de hand van de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.

De aanvraag is in overeenstemming met de bestemming en de voorschriften van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

Voor een straal van 500 meter rond de aanvraag is het voormelde GRUP tevens van toepassing. Hier gelden de bestemmingsvoorschriften Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven en – voor het 6de Havendok en het Leopolddok – Gebied voor waterweginfrastructuur. Ten zuiden van de aanvraag lopen twee overdrukken met als aanduiding Leidingstraat en Hoogspanningsleiding.

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen en activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

 

Antwerp Bulk Terminal (ABT) is een bedrijf onder de koepel van SEA-Invest en staat voornamelijk in voor de op- en overslag van droge bulkgoederen. Deze op- en overslag betreft voornamelijk minerale producten (ongebluste kalk, vermiculiet, perliet, …). De goederen worden via zeeschepen aangevoerd en via vrachtwagen, trein, lichter of coaster afgevoerd.

 

Voorliggende aanvraag betreft een bijstelling van een bijzondere voorwaarde uit de vergunning. Meer specifiek volgende voorwaarde: “Het bedrijfsafvalwater dient geloosd te worden via een koolwaterstof(KWS)-afscheider” De aanvrager verwijst naar de vorige vergunning, waarbij er een wasplaats vergund werd en dit werd opgelegd als bijzondere voorwaarde. In de aanvraag werd vermeld dat het waswater en potentieel verontreinigd hemelwater via een bezinkput en KWS-afscheider met coalescentiefilter zou afvloeien richting de bestaande waterzuivering en geloosd worden in het 6de Havendok.

 

De aanvrager meldt dat er per vergissing een vetafscheider geplaatst werd en wenst de bijzondere voorwaarde bij te stellen. Volgens ABT is deze afwijking technisch en functioneel verantwoord, omdat het waswater na een uitgebreide voorbehandeling en zuiveringsproces geen risico vormt voor het lozen van koolwaterstoffen in het dokwater.

Verder stelt men dat het waswater afkomstig is van het oppervlakkig afspoelen van rollend materieel (en vrachtwagens) dat wordt ingezet voor laad- en losactiviteiten. Er worden geen detergenten gebruikt en er vindt geen grondige reiniging van oliehoudende onderdelen plaats, waardoor de aanwezigheid van koolwaterstoffen in deze stroom niet te verwachten zou zijn. Mocht er bij een calamiteit toch verontreiniging optreden, kan de waterzuivering direct worden stilgelegd en de vervuilde fractie worden afgevoerd door een erkende inzamelaar, conform de regelgeving.

 

Daarnaast stelt ABT dat een strikte interpretatie van de huidige vergunningsvoorwaarde ertoe zou leiden dat alle afvalwaterstromen op de site verplicht via een KWS-afscheider moeten worden geleid. Dit is volgens de exploitant niet noodzakelijk en zou de intentie van de vergunningsverlener niet weerspiegelen, aangezien niet alle stromen potentieel koolwaterstoffen bevatten. Daarom vraagt ABT om in de bijzondere voorwaarden expliciet te verduidelijken voor welke specifieke afvalwaterstromen de verplichting geldt, namelijk alleen voor water afkomstig van de tankpiste en het tankenparkgedeelte waar oliën worden behandeld.

 

De stad kan deels akkoord gaan met de bijstelling. De manier waarop het nu geformuleerd is laat inderdaad ruimte voor interpretatie welke stromen er nu effectief over een KWS-afscheider dienen te beschikken. Dit moet gespecifieerd worden. Echter, het lijkt de stad wel degelijk zinvol om een KWS-afscheider (uitgerust met coalescentiefilter) ter beschikking te hebben bij de wasplaats. In de bbt voor wasplaatsen wordt er namelijk gesteld dat wordt aangenomen dat een KWS-afscheider een minimumvereiste is voor het voldoen aan de algemene lozingsvoorwaarden. Ook worden er wel degelijk vrachtwagens gewassen, dus er lijkt wel een risico te zijn op de aanwezigheid van koolwaterstoffen in het afvalwater. De voorwaarde kan dus bijgesteld worden, maar met de specificering dat er ook een KWS-afscheider nodig is voor de wasplaats.

Ook in het gedeeltelijk gunstig subadvies van de Haven van Antwerpen-Brugge van 22 december 2025 wordt gewezen op de noodzaak van een KWS-afscheider ter hoogte van de wasplaats.

 

Advies van het college

Gunstig advies te verlenen voor de aanvraag tot omgevingsvergunning onder voorwaarden.

 

Dit advies werd opgemaakt op basis van PIV 1.

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

Het bedrijfsafvalwater afkomstig van de wasplaats wordt via een koolwaterstofafscheider (KWS) behandeld voor het geloosd wordt in oppervlaktewater.

 

Fasering

Procedurestap

Datum

Ontvangst adviesvraag

26 november 2025

Start openbaar onderzoek

6 december 2025

Einde openbaar onderzoek

4 januari 2026

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste adviesdatum

15 januari 2026

Onderzoek

Het verzoek werd onderworpen aan een openbaar onderzoek. Het openbaar onderzoek is nog niet volledig afgerond op het moment van opmaak van dit advies. De beoordeling van eventuele bezwaren wordt overgelaten aan de vergunningverlenende overheid.

 

Informatievergadering

Een informatievergadering was niet vereist en werd niet gehouden.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college beslist een gunstig advies, zoals geformuleerd in de argumentatie, te geven op het verzoek onder voorwaarden.

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

Het bedrijfsafvalwater afkomstig van de wasplaats wordt via een koolwaterstofafscheider (KWS) behandeld voor het geloosd wordt in oppervlaktewater.

 

Artikel 2

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.