Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025123636 |
Gegevens van de aanvrager: | NV PR Haven van Antwerpen - Brugge met als adres Zaha Hadidplein 1 te 2030 Antwerpen |
Ligging van het project: | Industrieweg 12 te 2030 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 14 sectie A nr. 382X |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | Heraanleggen van de opslagzone naast droogdok 6: verhardingen, leidingen en HS-cabine |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 28/10/2021: vergunning (OMV_2021099569) voor het bouwen van een kantoor en aanhorigheden;
- 16/09/2021: vergunning (OMV_2020166532) voor wegenis- en rioleringswerken;
- 09/07/2020: vergunning (OMV_2020025057) voor het slopen van een kraan;
- 19/03/2020: vergunning (OMV_2019139977) voor de regularisatie van gebouwen en constructies;
- 26/06/2019: vergunning (OMV_2019000144) voor de uitbreiding en renovatie van een kaaimuur;
- 10/08/2017: vergunning (2017713) voor het slopen van bestaande gebouwen, de afbraak van verharde- en onverharde zones, het aanleggen van wegenis en het bouwen van een werkhal, kantoren en magazijnen;
- 02/09/2016: vergunning (20161293) voor het slopen van bebouwing en installaties op de site Antwerp Dry Docks;
- 06/03/2013: vergunning (2013134) voor het slopen van werkplaatsen en magazijnen.
Vergunde/bestaande toestand
- functie:
- inrichting:
Nieuwe toestand
- functie:
- HS-cabine:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- aanleggen van riolering;
- aanleggen van nutsleidingen;
- heraanleggen van verharding;
- het reliëf van de bodem wijzigen;
- het bouwen van een hoogspanningscabine;
- het verhogen van de afsluiting.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Fluxys | 17 november 2025 | 17 november 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Hulpverleningszone Brandweer Zone Antwerpen | 17 november 2025 | 30 december 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
| ATPC | 17 november 2025 | Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag | |
Ministerie van Landsverdediging - Defensie | 17 november 2025 | 17 december 2025 | Geen bezwaar |
Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid | 17 november 2025 | 17 december 2025 | Ongunstig |
Water-link | 17 november 2025 | Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag |
|
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Archeologie | 17 november 2025 | 24 november 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het goed is gelegen in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) Afbakening zeehavengebied Antwerpen (Besluit van de Vlaamse regering van 30 april 2013), binnen de afbakeningslijn.
De gebieden binnen de afbakeningslijn behoren tot het zeehavengebied Antwerpen.
Met uitzondering van de deelgebieden waarvoor in dit plan voorschriften werden vastgelegd, blijven de op het ogenblik van de vaststelling van dit plan bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften onverminderd van toepassing.
Het goed is volgens voornoemd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan voornamelijk bestemd als Gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven.
Zulk gebied is bestemd om te functioneren als Vlaams havengebied als onderdeel van de haven van Antwerpen. Het is bestemd voor zeehavengebonden en zeehavengerelateerde industriële en logistieke activiteiten en distributie-, opslag- en overslagactiviteiten die gebruikmaken van en aangewezen zijn op de zeehaveninfrastructuur.
Alle handelingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming en voor de exploitatie van de haven en de bedrijven zijn toegelaten.
Daartoe worden ook de volgende werken, handelingen, voorzieningen, en wijzigingen gerekend:
- de aanleg en het onderhoud van infrastructuur die nodig is voor de toegankelijkheid of voor verbindingen langs de waterzijde en langs de landszijde;
- het laguneren of op een andere wijze bergen of verwerken van baggerspecie.
Daarnaast is de ontwikkeling, het herstel en de instandhouding van tijdelijke ecologische infrastructuur toegelaten.
In het gebied zijn eveneens gebouwen of lokalen voor bewakingspersoneel toegelaten.
In het gebied zijn kantoorgebouwen niet toegelaten, tenzij ze noodzakelijk zijn voor en een inherent onderdeel zijn van de exploitatie van haven- en industriële activiteiten. De bestaande kantoorgebouwen kunnen behouden blijven binnen het bestaande bouwvolume op het moment van definitieve vaststelling van dit gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan. Uitbreidingen zijn niet toegelaten.
Het goed is volgens voornoemd gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan voor de zone in het noordoosten bestemd als Gebied voor waterweginfrastructuur.
Dit gebied is bestemd voor waterweginfrastructuur en aanhorigheden.
In dit gebied zijn alle handelingen toegelaten voor de aanleg, het functioneren of de aanpassing van die waterweginfrastructuur en aanhorigheden.
Daarnaast zijn toegelaten:
- alle handelingen met het oog op de ruimtelijke inpassing, buffers, ecologische verbindingen, kruisende infrastructuren, leidingen, telecommunicatie infrastructuur, lokaal openbaar vervoer, lokale dienstwegen, waterwegennetwerk en paden voor niet gemotoriseerd verkeer;
- het bergen van baggerspecie in onderwatercellen.
Na aanleg van de infrastructuur kunnen voor het gedeelte van de zone dat voorlopig niet werd benut, de voorschriften van de naastliggende bestemming toegepast worden.
De aanvraag dient beoordeeld te worden aan de hand van de voorschriften van het ruimtelijk uitvoeringsplan.
De aanvraag is in overeenstemming met de bestemming en de voorschriften van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
De verordening hemelwater is van toepassing op de aanvraag. Het plaatsen van een hemelwaterput is niet verplicht aangezien er geen hergebruiksmogelijkheden zijn in de HS-cabine en voor de scheepsherstellingen (gebruikte technieken laten dit niet toe).
Er wordt een afwijking op de gewestelijke hemelwaterverordening aangevraagd op het aspect infiltratie. Volgens artikel 12 van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater kan het vergunningverlenende bestuursorgaan bij de beoordeling van de aanvraag in uitzonderlijke gevallen afwijkingen toestaan van de verplichtingen van dit besluit als dat om specifieke redenen met betrekking tot de mogelijkheden van gebruik, wettelijke voorschriften of plaatselijke terreinkenmerken verantwoord of noodzakelijk is. Het terrein maakt onderdeel uit van een brownfieldsite en wordt gebruikt als opslagzone voor diverse materialen die nodig zijn voor scheepsherstellingen. Hierdoor bestaat het risico dat het opgevangen hemelwater sterk vervuild raakt. Daarnaast is infiltratie ongewenst aangezien dit het risico verhoogt op uitloging van aanwezige verontreinigingen in de ondergrond.
Als wateradviesinstantie werd het Centrum Integraal Waterbeleid (CIW) aangeschreven. Zij gaven een ongunstig advies op de gevraagde afwijking voor infiltratie gezien de risico’s voor de ondergrond niet gestaafd werden met bewijsstukken. De aanvrager heeft hierop een aanvulling gedaan met bijkomende staving van de aanwezige verontreinigingen en het daarbij horende advies om geen infiltratie toe te staan om verdere verspreiding te vermijden.
Het hemelwater dat op verhardingen valt waar scheepsrenovatie en -herstellingen plaatsvinden wordt opgevangen in een bezinkput, waarna het geloosd wordt via de RWA-leiding op het Hansadok. Het hemelwater dat op de overige verhardingen valt, wordt rechtstreeks via de RWA-leiding geloosd op het Hansadok.
Door de gekende bodemverontreiniging en het gevaar op verder uitloging in het grondwater kan de gevraagde afwijking verleend worden.
Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
De verordening publiciteit is niet van toepassing op de aanvraag.
Sectorale regelgeving
MER-screening: het komt toe aan de overheid die beslist over de ontvankelijkheid en volledigheid van de vergunningsaanvraag om te beslissen of er een project-MER moet worden opgesteld.
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het Stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het Stikstofdecreet.
Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale of pluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Het voorliggende project is gelegen in een zone waarvoor de Vlaamse Milieumaatschappij – Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid (CIW) aangewezen is als adviesinstantie. Dit advies is ongunstig. Zij hebben volgende opmerkingen:
- er wordt onvoldoende aangetoond waarom infiltratie omwille van bodemvervuiling niet aangewezen is (zie hierboven bij het luik ‘hemelwaterverordening’);
- er zijn onvoldoende garanties dat er voldaan wordt aan de geldende normen voor lozing in oppervlaktewater.
De aanvrager heeft daarop een nieuwe projectinhoudversie ingediend met een uitgebreidere motivatie en documenten die deze motivatie ondersteunen. Voor wat de lozing in oppervlaktewater betreft, geeft de aanvrager aan dat er onderscheid wordt gemaakt tussen hemelwater dat op verhardingen valt waarop geen vervuilende activiteit plaatsvindt, en industrieel afvalwater (of potentieel vervuild hemelwater) dat afkomstig is van verhardingen waarop wél een vervuilende activiteit plaatsvindt. Dit laatste wordt apart opgevangen en afgevoerd of ter plekke gezuiverd. Deze waterstromen worden strikt gescheiden. De lozingen in het dok (oppervlaktewater) blijven dus beperkt tot hemelwater.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
Er wordt geen afvalwater afgevoerd in voorliggende aanvraag. Het hemelwater wordt geloosd op het Hansadok aangezien de zone deel uit maakt van een brownfieldsite en infiltratie dus zou kunnen zorgen voor verdere uitloging van de verontreiniging in het grondwater. De aanvraag voldoet aan de bepalingen van de rioleringstoets.
Archeologienota: overeenkomstig artikel 5.4.1 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 moet aan bepaalde aanvragen een archeologienota worden toegevoegd waarvan akte werd genomen
In voorliggende aanvraag, die door een publiekrechtelijke instantie is ingediend, bedraagt de ingreep in de bodem meer dan 1.000 m², is het project gelegen in industriegebied, buiten beschermde archeologische sites en buiten geïnventariseerde archeologische zones, waardoor de aanvrager verplicht is een archeologienota waarvan akte is genomen toe te voegen aan de aanvraag. Het Agentschap Onroerend Erfgoed heeft op 3 januari 2026 akte genomen van de toegevoegde archeologienota met ID 35385. Er is een correct verband tussen de aangevraagde ingrepen en deze vermeld in de archeologienota. Het bijhorende programma van maatregelen beveelt geen vervolgonderzoek.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voor de site van Engine Deck Repair (EDR), een bedrijf met als hoofdactiviteit herstellingswerken aan schepen, werd een volledig masterplan opgemaakt waarin de vernieuwing van de gebouwen, de infrastructuur, de droogdokken, de natte dokken en terreinen inclusief uitrusting en nutsvoorzieningen zijn opgenomen. Hiervoor werden reeds meerdere stedenbouwkundige en omgevingsvergunningen aangevraagd (zie ‘relevante voorgeschiedenis’). Voorliggende aanvraag staat eveneens in functie van dit masterplan en betreft volgende stedenbouwkundige handelingen voor de heraanleg van de opslagzone ter hoogte van droogdok 6:
- de bestaande riolering wordt verwijderd en een nieuw rioleringsstelsel wordt heraangelegd. Deze riolering maakt deel uit van het hydraulisch ontwerp voor de gehele site van EDR;
- binnen de opslagzone worden nutsleidingen aangelegd voor elektriciteit, telecommunicatie, bluswater, drinkwater en perslucht;
- de bestaande verhardingen worden verwijderd en heraangelegd met beton- en asfaltverhardingen. Dit betreft de volledige afdeklaag boven de vervuilde bodem. Asfalt wordt gebruikt omwille van de snelle uitvoering aangezien het terrein tijdens de werkzaamheden in dienst blijft voor scheepsherstellingen. Beton wordt gebruikt omwille van de grote weerstand tegen puntlasten;
- een HS-cabine wordt geplaatst voor de versterking van de energievoorziening. Deze zal ook instaan voor de voeding van de apparatuur van de bestaande pompkelder;
- ten gevolge van een onregelmatige ophoging uit het verleden, wordt het reliëf van het maaiveld gewijzigd. Het terrein wordt onder een helling van maximaal 2% geëgaliseerd tot aan de bestaande afsluiting, wat lokaal leidt tot een verhoging van 50 centimeter;
- door de reliëfwijzigingen ontstaat een hoogteverschil met het naastgelegen industrieterrein aan de zuidoostelijke zijde. Hierdoor zal de bestaande afsluiting waar nodig mee verhoogd worden.
Het uitvoeren van terreinaanlegwerken op de site van EDR kadert in het masterplan om de operationele activiteiten van EDR te optimaliseren. Bijgevolg past de aanvraag zich functioneel in binnen het industrieveld.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De aanvraag betreft het vervangen van een bestaande verharding, het plaatsen van een HS-cabine met een beperkte oppervlakte (24,8 m²) en het aanleggen van ondergrondse leidingen. Er wordt geen vrije ruimte ingenomen. De aanvraag is in overeenstemming en verenigbaar met de ruimtelijke context van het havengebied waarbinnen deze aanvraag is gesitueerd.
Visueel-vormelijke elementen
De HS-cabine wordt opgetrokken in beton en afgewerkt met groene structuurverf. De verhardingen worden aangelegd in beton en asfalt. Deze materialen zijn aanvaardbaar en gebruikelijk binnen deze industriële context.
Bodemreliëf
Voor het egaliseren van het maaiveld wordt het reliëf van het terrein gewijzigd. In totaal wordt 9.000 m³ grond afgegraven. De reliëfwijzigingen zijn functioneel en aanvaardbaar.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Gezien de aard van de aanvraag, werd het advies ingewonnen van de Brandweer Zone Antwerpen. Dit advies is voorwaardelijk gunstig. De voorwaarden en opmerkingen uit dit advies, met het oog op de brandveiligheid, kunnen eveneens integraal aan deze vergunning worden gehecht.
Wegens de situering van de aanvraag in de directe nabijheid van pijpleidingen werd het advies ingewonnen van de beheerders van deze leidingen. Het betreft instanties ATPC, Fluxys en het Ministerie van Landsverdediging - Defensie:
- ATPC heeft geen tijdig advies uitgebracht waardoor het als gunstig beschouwd wordt;
- Fluxys geeft aan dat zij definitief buiten dienst gestelde (= ontgast en afgekoppeld van het netwerk) ondergrondse stalen buizen in de projectzone bezitten. Er kan hierdoor een gunstig advies gegeven worden, op voorwaarde dat de toegankelijkheid tot de installaties gewaarborgd blijft. Dit wordt opgelegd als voorwaarde. Als bijlage bij het advies werd, ter informatie, de lijst van aardgasvervoersinstallaties in de nabijheid van de aangekondigde werken en de indicatieve liggingsgegevens van deze buizen toegevoegd;
- Het Ministerie van Landsverdediging heeft geen bezwaar. Zij vermelden enkel dat bij eventuele nuts-/rioleringswerken aan de straatkant (zuiden van het perceel) er rekening moet worden gehouden met de NATO-pijpleiding.
Wegens de nabijheid van een waterleiding werd advies gevraagd aan Water-link. Zij hebben echter geen tijdig advies uitgebracht. De aanvrager is wettelijk verplicht om voor de start van de werken een KLIP-aanvraag in te dienen.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
De aanvraag genereert bijgevolg geen bijkomende parkeerbehoefte en geen significante toename van het aantal verkeersbewegingen.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De opmerkingen en voorwaarden uit het advies van de Brandweer Zone Antwerpen dienen strikt nageleefd te worden.
2. De toegankelijkheid tot de installaties van Fluxys dient steeds gewaarborgd te blijven.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 24 oktober 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 17 november 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 16 januari 2026 |
Verslag GOA | 5 januari 2026 |
Naam GOA | Katrine Leemans |
Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. De opmerkingen en voorwaarden uit het advies van de Brandweer Zone Antwerpen dienen strikt nageleefd te worden.
2. De toegankelijkheid tot de installaties van Fluxys dient steeds gewaarborgd te blijven.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.