Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025085958 |
Gegevens van de aanvrager: | Lars Depypere - Felix Feyt met als contactadres Ryckmansstraat 9 te 2020 Antwerpen |
Ligging van het project: | Schulstraat 10 te 2018 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 10 sectie K nr. 1598S2 |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 29/03/2019: bouwkundig erfgoed: Twee stellen gekoppelde burgerhuizen;
- https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/7533
- 01/12/1879: toelating (1879#1262) voor twee huizen.
Vergunde toestand
Er zijn geen vergunningen teruggevonden in de archieven;
Toestand bij inwerkingtreding gewestplan Antwerpen:
- functie: wonen (ééngezinswoning):
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- Inrichting:
Bestaande toestand
- afwijkend.
Nieuwe toestand
- functie: wonen (ééngezinswoning):
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- Inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- slopen van de bestaande achterbouw;
- uitbreiden van het volume;
- isoleren van de achtergevel;
- wijzigen van de voorgevel;
- wijzigen van de scheimuren;
- doorvoeren van interne constructieve werken.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Er werden geen externe adviezen gevraagd.
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Monumentenzorg | 18 november 2025 | 2 december 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten >
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):
de erfgoedwaarde van het inventarispand wordt door de toepassing van niet historisch geprofileerd buitenschrijnwerk ter hoogte van de voorgevel aangetast;
door in de voorgevel buitenschrijnwerk met vlakke profilering te voorzien (ten opzichte van de situatie in 2017) wordt de architecturale kwaliteit van het gevelbeeld niet gerespecteerd;
het schrijnwerk wordt vervangen in een ander materiaal of met een andere verdeling;
de atelierruimte op de 3de verdieping is niet voorzien van een voldoende grootte (min. 10 % van de vloeroppervlakte) opening die voorzien is van doorzichtig materiaal;
de aterlierruimte beschikt daarnaast niet over een opening tussen 1 en 2 m met horizontaal uitzicht;
het project ligt in centraal gebied maar er wordt geen septische put voorzien;
het is onduidelijk of de onverharde ruimte kwalitatief aangeplant wordt met klimaatbestendige, niet-invasieve planten met aandacht voor de juiste locatie;
de aanvraag betreft een verbouwing met volume uitbreiding. Er worden geen fietsparkeerplaatsen voorzien.
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het stikstofdecreet.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B). Het project is niet gelegen in een signaalgebied. Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009. (De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende aanvraag omvat geen functiewijziging. De bestaande woonfunctie in de vorm van een eengezinswoning blijft behouden waardoor de functionele inpasbaarheid gegarandeerd blijft.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Voorliggende aanvraag beoogt de verbouwing van een eengezinswoning waarbij de bestaande achterbouw wordt gesloopt en wordt vervangen door een nieuwe achterbouw. De achtergevel van de hoofdbouw zal worden geïsoleerd. Het nieuwe bouwvolume bevindt zich binnen het gabarit van de bestaande scheidingsmuren waardoor er geen negatieve gevolgen zijn voor de bezonning van de naastgelegen percelen. Op het niveau van het gelijkvloers blijft een voldoende ruime tuinzone bewaard. Het voorgestelde bouwvolume is in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening en wordt gunstig beoordeeld.
Visueel-vormelijke elementen en Cultuurhistorische aspecten
De voorgevel in wit pleisterwerk met decoratieve profilering en een plint in blauwe hardsteen werd tussen mei 2017 en maart 2023 voorzien van nieuw houten buitenschrijnwerk in een groene kleur. De nieuwe achterbouw wordt uitgevoerd in beige-groene betegeling en de achtergevel wordt geïsoleerd en afgewerkt met beige bepleistering. Het buitenschrijnwerk aan de achterzijde wordt uitgevoerd in zwarte aluminium en natuurkleurig hout.
De aanvraag heeft betrekking op een pand dat is opgenomen in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed, vastgesteld bij besluit van de Vlaamse minister van Buitenlands Beleid en Onroerend Erfgoed, G. Bourgeois van 29 maart 2019. De erfgoedwaarde van een pand wordt bepaald door zowel het exterieur als het interieur. De erfgoedwaarden moeten afgewogen worden ten opzichte van de mogelijkheden tot transformatie en functionele herbestemming. Om die reden werd het advies ingewonnen van de stedelijke dienst Monumentenzorg. Hun advies is voorwaardelijk gunstig en luidt als volgt:
“Het pand werd omwille van de architecturale en historische waarde opgenomen in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed. https://inventaris.onroerenderfgoed.be/aanduidingsobjecten/103591
Het pand is beeldbepalend in deze context en maakt deel uit van een ensemble van twee panden.
Men wenst de bestaande uitbouw te vervangen door een nieuwe uitbouw. De erfgoedwaarde van de uitbouw is beperkt en vervanging is dan ook aanvaardbaar, gelet op de slechte bouwfysische staat.
In de voorgevel werd het oorspronkelijk buitenschrijnwerk vervangen door vlak geprofileerd schrijnwerk, wat afbreuk doet aan de erfgoedwaarde van de voorgevel. Als voorwaarde zal dan ook opgelegd worden het schrijnwerk in de voorgevel uit te sluiten uit de vergunning.”
Dit advies wordt vanuit stedenbouwkundig oogpunt bijgetreden. Op beelden van Google Streetview is te zien dat het buitenschrijnwerk in de voorgevel werd gewijzigd tussen mei 2017 en maart 2023. Het historisch geprofileerde houten schrijnwerk werd vervangen door nieuw houten schrijnwerk met vlakke profielen. Het nieuwe buitenschrijnwerk respecteert de architecturale kwaliteit en erfgoedwaarde van het gevelbeeld niet waardoor de aanvraag strijdig is met artikel 5 en artikel 8 van de bouwcode. De voorwaarde uit het advies van de stedenbouwkundige dienst Monumentenzorg wordt overgenomen als voorwaarde voor vergunning.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De atelierruimte op de 3de verdieping is voorzien van 3 dakvlakvensters die de ruimte voorzien van natuurlijk daglicht. Conform artikel 10 van de bouwcode moet de oppervlakte van de daglichtopeningen minimaal 10 % bedragen van de netto vloeroppervlakte van de ruimte. Hieraan wordt niet voldaan waardoor de ruimte onvoldoende natuurlijk daglicht ontvangt. Bovendien bevinden de openingen zich niet tussen de 1 en 2 m ten opzichte van het loopvlak van de ruimte waardoor er geen horizontaal uitzicht is vanuit deze ruimte. Voldoende daglichttoetreding, gecombineerd met uitzicht zijn basisvoorwaarden voor de gezondheid van de bewoners en voor een minimum verblijfskwaliteit van elke verblijfsruimte. Om die reden kan van dit artikel geen afwijking worden toegestaan. Het gebruik van de ruimte onder het zadeldak als verblijfsruimte wordt uitgesloten uit de vergunning. De ruimte kan wel worden gebruikt als zolder/berging.
Artikel 21 van de bouwcode bepaalt dat bij panden gelegen in centraal gebied de aanleg van een septische put verplicht is. Bij deze grondige verbouwing waarbij werken worden uitgevoerd aan de riolering, wordt geen septische put voorzien. Als voorwaarde voor vergunning wordt opgelegd om de woning te voorzien van een septische put.
Conform artikel 23 van de bouwcode moet de onverharde ruimte als kwalitatieve groene ruimte worden aangeplant. Bij het aanleggen van groen moet er gekozen worden voor klimaatbestendige en niet-invasieve planten en dit in verschillende vegetatielagen met aandacht voor de juiste locatie. Dit wordt opgenomen als voorwaarde voor vergunning.
Mits het naleven van de gestelde voorwaarden voldoet de woning aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot.
Mobiliteitsimpact
Fietsvoorzieningen
Artikel 33 van de bouwcode bepaalt dat bij verbouwing en volume-uitbreiding de minimale fietsparkeernormen gehaald moeten worden. Binnen de woning wordt geen ruimte voorzien voor het stallen van fietsen. Het inrichten van een fietsenstalling zou echter een grote impact hebben op de gelijkvloerse planschikking en de verblijfsruimten. Om die reden wordt een afwijking toegestaan op dit artikel van de bouwcode.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. Er moet een septische put worden aangelegd conform artikel 21 van de bouwcode.
3. De onverharde en niet-bebouwde ruimte moet worden aangelegd conform artikel 23 van de bouwcode.
4. Het buitenschrijnwerk in de voorgevel wordt uitgesloten uit de vergunning.
5. Het gebruik van de ruimte onder het zadeldak als verblijfsruimte wordt uitgesloten uit de vergunning.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 29 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 18 november 2025 |
Start openbaar onderzoek | geen |
Einde openbaar onderzoek | geen |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 17 januari 2026 |
Verslag GOA | 5 januari 2026 |
Naam GOA | Cynthia Steurs |
De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
2. Er moet een septische put worden aangelegd conform artikel 21 van de bouwcode.
3. De onverharde en niet-bebouwde ruimte moet worden aangelegd conform artikel 23 van de bouwcode.
4. Het buitenschrijnwerk in de voorgevel wordt uitgesloten uit de vergunning.
5. Het gebruik van de ruimte onder het zadeldak als verblijfsruimte wordt uitgesloten uit de vergunning.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.