Terug
Gepubliceerd op 12/01/2026

2026_CBS_00051 - Omgevingsvergunning - OMV_2025121351. Sint-Hubertusstraat 48. District Berchem - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 09/01/2026 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Afwezig

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur
2026_CBS_00051 - Omgevingsvergunning - OMV_2025121351. Sint-Hubertusstraat 48. District Berchem - Goedkeuring 2026_CBS_00051 - Omgevingsvergunning - OMV_2025121351. Sint-Hubertusstraat 48. District Berchem - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2025121351

Gegevens van de aanvrager:

Dennis Collin met als adres De Lescluzestraat 17 te 2600 Antwerpen en Jill Wouters met als adres De Lescluzestraat 17 te 2600 Antwerpen

Ligging van het project:

Sint-Hubertusstraat 48 te 2600 Berchem (Antwerpen)

Kadastrale percelen:

afdeling 23 sectie B nr. 425F15

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

verbouwen en uitbreiden van een eengezinswoning

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          08/09/1976: vergunning (956#2156) voor verbouwingswerken.

 

Vergunde toestand

-          functie:

  • wonen - eengezinswoning;

-          bouwvolume:

  • 3 bouwlagen met plat dak;
  • gelijkvloerse bouwdiepte 16,70 m;
  • bouwdiepte eerste verdieping 13,70 m ter hoogte van de linker – en 9,50 m aan de rechter perceelsgrens;
  • bouwdiepte tweede verdieping 10,60 m;

-          gevelafwerking:

  • gele gevelsteen en houten historisch geprofileerd schrijnwerk;
  • arduinen plint, raam en deuromlijsting;
  • borstwering smeedwerk;

-          inrichting:

  • regenwaterput (inhoud onbekend) en septische put (1500l) in de tuinzone;
  • terras met overdekte glaskoepel.

 

Bestaande toestand

-          afwijkend;

-          hoogstammige perenboom in de tuinzone.

 

Nieuwe toestand

-          functie:

  • wonen - eengezinswoning;

-          bouwvolume:

  • 3 bouwlagen met een licht hellend dak;
  • gelijkvloerse bouwdiepte 15 m;
  • bouwdiepte eerste verdieping 14 m ter hoogte van de linker – en 9,60 m aan de rechter perceelsgrens;
  • bouwdiepte tweede verdieping 10,70 m;

-          gevelafwerking:

  • gele gevelsteen en groen gelakt historisch geprofileerd houten schrijnwerk;
  • arduinen plint, raam en deuromlijsting;
  • borstwering smeedwerk;

-          inrichting:

  • 43 m² terras met uitkragende luifel (1 meter);
  • regenwaterput en septische put (inhouden onbekend) in de tuinzone.

 

Inhoud van de aanvraag

-          deels slopen van de bestaande achterbouw;

-          wijzigen van het bouwvolume;

-          vervangen van het schrijnwerk in de voorgevel;

-          wijzigen van de rechter scheimuur;

-          doorvoeren van interne constructieve werken;

-          vellen van een hoogstammige boom.

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

Er werden geen externe adviezen gevraagd.

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Stadsbeheer/ Groen en Begraafplaatsen

19 november 2025

25 november 2025

Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Monumentenzorg

19 november 2025

10 december 2025

 

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied in de binnenstad van Antwerpen, dit is het gedeelte van de stad gelegen tussen de Leien en de Kleine Ring.

De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving, (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

In dit gebied wordt de maximale bouwhoogte afgestemd op de volgende criteria:

- de in de onmiddellijke omgeving aanwezige bouwhoogten;

- de eigen aard van het betrokken gebied;

- de breedte van het voor het gebouw gelegen openbaar domein.

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening hemelwater op volgend punt:

  • artikel 8 Infiltratievoorziening:

er wordt geen infiltratievoorziening aangelegd.

 

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

 

-         Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

het schrijnwerk wordt vervangen door nieuw schrijnwerk in een andere kleur;

het is onduidelijk of het hellende dak ter hoogte van de scheimuren voorzien is van dakisolatie die valt onder klasse A1 of A2 (EN 13501-1) of de plafondzijde is afgewerkt met een materiaal met brandweerstand van min EI60;

het groendak wordt niet voorzien van een niet-brandbare strook met een breedte van 30 cm ter hoogte van dakopstanden en afvoerbuizen;

er wordt een waardevol groen element (hoogstammige perenboom) verwijderd. Het is daarnaast onduidelijk of de boom geveld zal worden buiten het broedseizoen;

de aanvraag betreft een verbouwing. Er worden geen fietsparkeerplaatsen voorzien.

 

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

-          Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het stikstofdecreet. 

 

-            Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).

Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Voor het project is geen pluviale overstromingskans gemodelleerd (score A). Het project is niet gelegen in een signaalgebied.

Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.

Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.

 

-          Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.

 

-          Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

 

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen

-          Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.

 

-          Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Functionele inpasbaarheid

Voorliggende aanvraag omvat geen functiewijziging. De bestaande en vergunde woonfunctie in de vorm van een eengezinswoning blijft behouden waardoor de functionele inpasbaarheid gegarandeerd blijft.

 

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

De vergunde woning omvat een bouwvolume met een hoofdbouw van 3 bouwlagen onder plat dak met een achterbouw van 1 tot 3 bouwlagen onder platte daken. Tegen de achtergevel bevond zich een terrasoverkapping tot een bouwdiepte van 16,70 m. Het platte dak van de hoofdbouw werd vervangen door een licht hellend zadeldak. De terrasoverkapping op het gelijkvloers is in de bestaande toestand niet meer aanwezig.

 

Voorliggende aanvraag beoogt een grondige verbouwing waarbij de achterbouw op de gelijkvloerse en eerste verdieping deels wordt gesloopt en wordt vervangen door een nieuw stuk achterbouw van 1 bouwlaag met plat dak. Tegen de achtergevel bevindt zich een overkapping over de volledige perceelsbreedte tot een bouwdiepte van 15 m. De werken hebben tot doel om de vrije hoogte van de keuken in lijn te brengen met de andere verblijfsruimtes op de gelijkvloerse verdieping.

 

In functie van het nieuwe deel van de achterbouw wordt de scheidingsmuur met de rechter buur opgehoogd met circa 0,30 m over een afstand van 5,51 m. De scheimuur uitbreiding is erg beperkt waardoor er geen groot nadeel met betrekking tot bezonning wordt verwacht voor het aanpalende perceel.

 

Het voorgestelde bouwvolume is in overeenstemming met de goede ruimtelijke ordening. De geplande bouwdiepte bedraagt minder dan de vergunde bouwdiepte. Er wordt dus meer open ruimte gecreëerd ten opzichte van de vergunde toestand, dit wordt gunstig beoordeeld. 

 

Visueel-vormelijke elementen en Cultuurhistorische aspecten

De voorgevel is opgebouwd in gele gevelsteen met een plint en raamomlijstingen in blauwe hardsteen en met historisch geprofileerd houten schrijnwerk, gelakt in een blauwe kleur. Het schrijnwerk wordt in voorliggende aanvraag vervangen door nieuw schrijnwerk in groen gelakt hout met een profilering cfr het bestaande schrijnwerk.

 

De werken zijn gesitueerd in een pand met een beeldbepalende waarde. Om die reden werd het advies ingewonnen van de stedelijke dienst Monumentenzorg. Het advies is gunstig en luidt als volgt:

 

“De aanvraag heeft betrekking op een burgerwoning uit 1986, naar een ontwerp van E. Van Opstal (oorspronkelijke bouwaanvraag felixarchief 956#1143). In het midden van vorige eeuw werd de woning uitgebreid met een 2de verdieping en de gevel voorzien van een nieuw parament in gele baksteen. Omwille van deze gevelverstoring werd het pand niet weerhouden voor opname in de inventaris van het bouwkundig erfgoed. De geplande ingrepen houden voldoende rekening met de nog aanwezige erfgoedwaarde van het gebouw en kunnen gunstig geadviseerd worden vanuit oogpunt monumentenzorg. Zouden er in de toekomst plannen zijn om de voorgevel terug te voorzien van een gevelbepleistering, zou dat een absolute versterking van de erfgoedwaarde van het pand en zijn omgeving betekenen en begeleiden we de aanvrager graag in deze renovatiewerken.”.

 

Dit advies wordt vanuit stedenbouwkundig oogpunt bijgetreden. Er dienen geen voorwaarden te worden gekoppeld aan de beslissing.

 

Conform artikel 8 van de bouwcode is het verboden om bestaand schrijnwerk in de voorgevel te vervangen door nieuw buitenschrijnwerk met een andere kleur, in een ander materiaal of met een andere verdeling. De voorgestelde groene kleur is echter niet storend voor de architectuur van de gevel, noch voor de omgeving. Het nieuwe buitenschrijnwerk is dan ook aanvaardbaar.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Het licht hellende zadeldak wordt langs de buitenzijde geïsoleerd en afgewerkt met een lichtkleurige dakbedekking. Het is echter niet duidelijk of het dak ter hoogte van de scheidingsmuren is voorzien van dakisolatie die valt onder klasse A1 of A2 (EN 13501-1) of de plafondzijde is afgewerkt met een materiaal met brandweerstand van min EI60. Het uitvoeren van het hellend dak conform één van bovenstaande mogelijkheden wordt opgenomen als voorwaarde voor vergunning.

 

Het nieuwe platte dak van de achterbouw wordt uitgevoerd als groendak met een grindstrook rondom alle dakopstanden en afvoerbuizen. Deze niet-brandbare strook moet conform artikel 20 van de bouwcode een minimale breedte van 0,30 m hebben. In voorliggende aanvraag heeft de grindstrook een breedte van slechts 0,20 m. Het uitvoeren van het groendak conform artikel 20 van de bouwcode wordt opgenomen als voorwaarde voor vergunning.

 

In de achtertuin bevindt zich een oude perenboom. De boom is ziek waardoor men deze wenst te vellen. Ter compensatie wordt voorgesteld om een nieuwe inheemse boom aan te planten aan de achterzijde van het perceel. Er kan akkoord worden gegaan met het vellen van de boom. De stedelijk groenexpert bracht volgend advies uit met betrekking tot het rooien van de boom: “De compensatie in de tuin van de perenboom door een andere inheemse boom is ok. Liefst geen kleine boom, maar eentje van 2e of 3e categorie aangezien de tuin net geen 10 meter breed is.” Als voorwaarde voor vergunning wordt bijgevolg opgelegd dat de nieuwe boom een boom van 2de of 3de categorie dient te zijn. 

 

Artikel 24 van de bouwcode stelt dat bij het uitvoeren van werken, alle mogelijke voorzorgen moeten worden genomen om wortels, kroon en stam van de aanwezige bomen te beschermen en om bodemverdichting te voorkomen. Daarnaast is het niet toegestaan om bomen te vellen tijdens het broedseizoen. Dit wordt opgenomen als voorwaarde voor vergunning.

 

Voor de realisatie van de nieuwe achterbouw (afwaterende oppervlakte: 27,78 m2) en de aanleg van een nieuw terras dat wordt aangesloten op de bestaande RWA (afwaterende oppervlakte: 43 m2) dient conform de hemelwaterverordening een infiltratievoorziening te worden geplaatst met een infiltratieoppervlakte van 4,94 m2 en een buffervolume van 2038,74 liter. De aanvrager wenst een afwijking te bekomen gezien de bestaande riolering ongewijzigd blijft en er slechts een kleine infiltratieoppervlakte vereist is. De tuinzone is echter ruim voldoende groot voor de aanleg van een infiltratievoorziening waardoor hierop geen afwijking kan worden toegestaan.

 

Mits het naleven van de gestelde voorwaarden voldoet de woning aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot.
 

Mobiliteitsimpact

Fietsparkeren

De woning wordt verbouwd en uitgebreid waardoor conform artikel 33 van de bouwcode de minimale fietsparkeernormen gehaald moeten worden. De fietsparkeerbehoefte van de woning bedraagt 5 fietsstalplaatsen. De bergruimte die aan de straatzijde op het gelijkvloers wordt ingericht is voldoende ruim voor het stallen van 5 fietsen. Als voorwaarde voor vergunning wordt opgelegd om in de bergruimte plaats te voorzien voor het stallen van 5 fietsen.

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

2. Het gedeelte van het dak, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak, is te voorzien van dakisolatie die valt onder brandreactie klasse A1 of A2 (EN 13501-1) of de plafondzijde te beschermen is met een materiaal met brandwerendheid van minimaal EI60.

3. Het groendak van de achterbouw is te voorzien van een niet-brandbare strook van minstens 0,30 m breed rondom alle dakopstanden, lichtkoepels, afvoerbuizen enzovoort.

4. De te vellen perenboom dient op het perceel gecompenseerd te worden door een nieuwe inheemse boom van 2e of 3e categorie.

5. Bij het uitvoeren van de werken moeten alle mogelijke voorzorgen genomen worden om wortels, kroon en stam van de aanwezige bomen te beschermen en om bodemverdichting te voorkomen.

6. Het is niet toegestaan om de boom te vellen tijdens het broedseizoen.

7. In de bergruimte op het gelijkvloers langs de straatzijde moet ruimte worden voorzien voor het stallen van 5 fietsen.

8. Er dient in de achtertuin een infiltratievoorziening te worden aangelegd met een minimale infiltratieoppervlakte van 4,94 m² en een buffervolume van minstens 2038,74 liter.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

20 oktober 2025

Volledig en ontvankelijk

19 november 2025

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

18 januari 2026

Verslag GOA

5 januari 2026

Naam GOA

Cynthia Steurs

 

Onderzoek

De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

2. Het gedeelte van het dak, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak, is te voorzien van dakisolatie die valt onder brandreactie klasse A1 of A2 (EN 13501-1) of de plafondzijde te beschermen is met een materiaal met brandwerendheid van minimaal EI60.

3. Het groendak van de achterbouw is te voorzien van een niet-brandbare strook van minstens 0,30 m breed rondom alle dakopstanden, lichtkoepels, afvoerbuizen enzovoort.

4. De te vellen perenboom dient op het perceel gecompenseerd te worden door een nieuwe inheemse boom van 2e of 3e categorie.

5. Bij het uitvoeren van de werken moeten alle mogelijke voorzorgen genomen worden om wortels, kroon en stam van de aanwezige bomen te beschermen en om bodemverdichting te voorkomen.

6. Het is niet toegestaan om de boom te vellen tijdens het broedseizoen.

7. In de bergruimte op het gelijkvloers langs de straatzijde moet ruimte worden voorzien voor het stallen van 5 fietsen.

8. Er dient in de achtertuin een infiltratievoorziening te worden aangelegd met een minimale infiltratieoppervlakte van 4,94 m² en een buffervolume van minstens 2038,74 liter.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.