Terug
Gepubliceerd op 19/01/2026

2026_CBS_00203 - Omgevingsvergunning - OMV_2025058065. Braziliëstraat 19. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 16/01/2026 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Afwezig

Stijn De Rooster, schepen

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2026_CBS_00203 - Omgevingsvergunning - OMV_2025058065. Braziliëstraat 19. District Antwerpen - Goedkeuring 2026_CBS_00203 - Omgevingsvergunning - OMV_2025058065. Braziliëstraat 19. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2025058065

Gegevens van de aanvrager:

BV Antvest Projects met als contactadres Oudeleeuwenrui 39 bus V2 te 2000 Antwerpen

Ligging van het project:

Braziliëstraat 19 te 2000 Antwerpen

Kadastrale percelen:

afdeling 7 sectie G nr. 126/2D16

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

verbouwen van 2 panden tot 2 meergezinswoningen

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          25/05/1951: toelating (18#27919) voor veranderingswerken;

-          14/10/1949: toelating (18#25853) voor het veranderen van de voorgevel;

-          05/12/1928: toelating (1928#31961) voor het vernieuwen van een portaal;

-          14/03/1924: toelating (1924#17796) voor gevel- en binnenveranderingen;

-          29/03/2019: vastgesteld bouwkundig erfgoed ‘Houtmagazijn Roeis’:
https://id.erfgoed.net/erfgoedobjecten/307868

 

Vergunde toestand

-          2 panden in gesloten bebouwing met een gelijkvloerse verbinding;

-          nummer 19:

  • 3 bouwlagen onder zadeldak;
  • kantoorruimte op het gelijkvloers en de eerste verdieping plus een woning op de tweede verdieping;
  • voorgevel in gele gevelsteen op een betegelde plint;

-          nummer 21:

  • 3 bouwlagen onder zadeldak;
  • atelier met magazijnruimtes;
  • serreconstructie achteraan;
  • voorgevel in rode baksteen met houten buitenschrijnwerk.

 
Nieuwe toestand

-          2 aparte, autonoom functionerende panden;

-          nummer 19:

  • meergezinswoning met 3 appartementen;
  • sloop van de achterbouw in functie van een tuinzone;
  • 2 uitkragende terrassen achteraan en 1 inpandig terras vooraan;
  • voorgevel in gele gevelsteen op een betegelde plint met buitenschrijnwerk in grijs-naturel aluminium;

-          nummer 21:

  • meergezinswoning met 4 appartementen;
  • sloop van de serre- en liftconstructie achteraan in functie van een tuinzone;
  • sloop van de dakkapellen;
  • creatie van een ‘binnentuin’ op elke verdieping;
  • gelijkvloerse fietsen- en afvalberging;
  • voorgevel in rode baksteen met aluminium buitenschrijnwerk in rood en wit en houten, zwart geschilderde poorten.

Inhoud van de aanvraag

-          slopen van beide achterbouwen en dakkapellen;

-          vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 1 naar 7;

-          wijzigen van de functie;

-          wijzigen van de voorgevel;

-          wijzigen van de scheimuren;

-          doorvoeren van interne constructieve werken.

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

De Vlaamse Waterweg - Afdeling Regio Centraal

16 oktober 2025

4 december 2025

Geen advies

Fluvius System Operator

16 oktober 2025

22 oktober 2025

Voorwaardelijk gunstig

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

16 oktober 2025

24 oktober 2025

Voorwaardelijk gunstig

 

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Ondernemen en Stadsmarketing / Economie en Toerisme / Investeren

16 oktober 2025

29 oktober 2025

Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering

16 oktober 2025

16 oktober 2025

Stadsontwikkeling/ Mobiliteit

16 oktober 2025

30 oktober 2025

Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Water

16 oktober 2025

14 november 2025

Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Monumentenzorg

16 oktober 2025

19 december 2025

 

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Eilandje, goedgekeurd op 1 september 2011. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zones: Culturele, historische en/of esthetische waarde van de bestaande bebouwing (CHE- regel), Rup contour - Algemene voorschriften en Zone voor Wonen-Art. 1-bestaand weefsel.

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag wijkt af van de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan Eilandje op volgende punten:

-          Artikel 1.2.1 Culturele, historische en/of esthetische waarde van de bestaande bebouwing: de geplande wijzigingen zijn onderworpen aan de wenselijkheid van behoud.

-          Artikel 1.2.3 Bouwdiepte: de bouwdiepte van de verdiepingen van nummer 21 bedraagt 22m76 in plaats van de maximaal toegelaten 14 m.

-          Artikel 1.2.4 Open ruimte: nummer 21 heeft een niet-overbouwde open ruimte van slechts 20 m² in plaats van circa 41 m² of de minimaal vereiste 15 % van de totale perceeloppervlakte.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

-          Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:

  • Artikel 5 Ontwikkelingsgerichte aanpak van erfgoed: het behoud van de erfgoedwaarden moet worden afgewogen ten opzichte van de mogelijkheden tot transformatie en functionele herbestemming. De wenselijkheid van behoud moet ook getoetst worden aan het beeldbepalend karakter van de omgeving.
  • Artikel 8 Visuele en vormelijke inpassing: de afwerking van de gevels moet het straatbeeld en de architecturale kwaliteit van het gevelbeeld respecteren of opwaarderen.
  • Artikel 10 Daglichttoetreding, uitzicht en minimale luchttoevoer: de slaapkamers vooraan op de derde verdieping van nummer 21 bezitten geen horizontaal uitzicht tussen 1 en 2 m boven het loopvlak. Slaapkamer 2 van unit 0.01 is gelegen aan een kleine patio/schacht en heeft hierdoor geen uitzicht.
  • Artikel 22 Maat van de open ruimte: na de functiewijziging van nummer 21 wordt er slechts circa 7 % in plaats van minstens 20 % van de totale perceeloppervlakte op het maaiveldniveau voorzien als open en onbebouwde ruimte.
  • Artikel 32 POET-principe is leidend: er worden geen autoparkeerplaatsen voorzien op eigen terrein.

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

-          Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.

Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied. 

De berekende impact(https://www.waterinfo.be/informatieplicht) is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%.

De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist. 

-          Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het voorliggende project is geheel gelegen in een zone waarvoor De Vlaamse Waterweg en stad Antwerpen aangewezen is als adviesinstantie.

Het project is gelegen in een zone met een kleine fluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat (score C).

Het project is gelegen in een zone met een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat (score D).

Het overstromingsveilig pluviaal peil bij een middelgrote kans toekomstig klimaat bedraagt 6,36 mTAW. Bij een middelgrote kans toekomstig klimaat bedraagt de pluviale waterdiepte die gemodelleerd wordt tegen het gebouw aan de straatzijde circa 40 cm. De vloerpas van de gelijkvloerse verdieping zit daaronder.

Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

Eventueel op te leggen voorwaarden met betrekking tot de structurele werken die nodig zijn om bescherming tegen overstromingen te bieden, zouden disproportioneel zijn. De aanvrager wordt wel geadviseerd mobiele beschermingsmiddelen te voorzien om de woning te beschermen tegen overstromingen.

Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.

Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.

-          Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.

-          Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen

-          Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.

-          Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Functionele inpasbaarheid

Voorliggende aanvraag omvat 2 panden. De woonfunctie in het linkerpand blijft behouden. In het linkerpand wordt het magazijn omgevormd tot wooneenheden.

Gelet op de voorgestelde functiewijziging werd het advies ingewonnen van de stedelijke dienst Economie en Toerisme. Het advies leest als volgt:

“De aanvraag omvat de omvorming van een pakhuis naar een woonfunctie.

Het project valt onder artikel 31/2 van de bouwcode en een ruimtelijk economische nota werd toegevoegd. Bij het document kunnen wel enkele kanttekeningen gemaakt worden.

De site past binnen de beleidsvisie ruimtelijke economie inzonderheid verweven van functies. De bijna volledige herbestemming naar wonen kan gevolgd worden. Het kantoor / dienstverlening voorzien op het gelijkvloers wordt vanuit de ruimtelijk economische context dan best als vergunningsvoorwaarde opgenomen.

Voor het dossier kan voorwaardelijk gunstig advies gegeven worden. ”Gelet op het feit dat er op het gelijkvloers van het linkerpand een kantoorruimte voorzien wordt, is aan de voorwaarde van het advies voldaan en kan het advies als gunstig gelezen worden.

 

Schaal - ruimtegebruik – bouwdichtheid

In het linkerpand wordt het bestaande woonprogramma van 1 naar 3 uitgebreid met een gelijkvloerse kantoorruimte. In het voormalige pakhuis aan de rechterzijde worden 4 wooneenheden voorzien.

 

Om het voorgestelde programma te realiseren wordt bij beide panden de achterbouw verwijderd om open ruimte te creëren.

De bouwdiepte van het linkerpand komt zo op 11,47 m te liggen en dat van het pakhuis op 22,76 m.  

Strijdig met artikel 1.2.3 van het RUP Eilandje overschrijdt de nieuwe bouwdiepte van het pakhuis de vooropgestelde maximale 14 m. Gezien dit echter een pakhuis betreft, opgenomen in de vastgestelde inventaris zou het verder slopen van het pand een te grote negatieve impact op de erfgoedwaarde hebben. Hierdoor kan met de voorgestelde bouwdiepte ingestemd worden.

 

Door het behoud van het volume wordt er echter onvoldoende open ruimte voorzien (RUP Eilandje, art. 1.2.4). Ook hierop kan vanuit de erfgoedwaarde van het pand een afwijking op voorzien worden.

 

Mits de wooneenheden voldoende kwalitatief zijn, kan vanuit stedenbouwkundig oogpunt ingestemd worden met het volume en het programma zoals voorgesteld.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

In het linkerpand beschikken de slaapkamer en het bureau onder het dak enkel over dakvlakramen waardoor het deze ruimtes aan uitzicht ontbreekt. Gelet op het feit dat de dakvlakramen voldoende groot en voldoende laag gepositioneerd zijn, wordt geoordeeld dat de ruimtes alsnog voldoende kwalitatief zijn.

 

Om voldoende daglicht in het 22,76 m diepe pakhuis te voorzien, wordt tegen de scheimuur met het rechterbuurpand een patio over de volledige hoogte van het bouwvolume voorzien. Deze patio meet op maaiveldniveau 2,1 m op 2,6 m en heeft een minimale hoogte van 12,44 m. Op gelijkvloers niveau is de patio op 10,25 m van de achtergevel gelegen en sluit aan op de keuken en een slaapkamer. Geoordeeld wordt dat hierdoor noch de slaapkamer, noch de keukenzone van voldoende daglicht voorzien wordt en bovendien ook niet over uitzicht beschikt.

Gelet op de ruime vloeroppervlakte, kan deze patio groter voorzien worden. Dit zou namelijk ook de wooneenheden op de bovenliggende verdiepingen ten goede komen alsook bijdragen aan de open ruimte op het perceel.

 

Ook hier worden de 2 slaapkamers aan de straatzijde van dakvlakramen voorzien waardoor ook hier de ruimtes aan uitzicht ontbreekt.

Gelet op het feit dat het ene dakvlakraam op de blinde scheimuur uitkijkt en de andere over het rechter buurperceel wat privacyhinder met zich kan meebrengen, wordt geoordeeld dat de voorgestelde inrichting onvoldoende kwalitatief is naar hedendaagse woonnormen.

 

Geoordeeld wordt dan ook om alle handelingen, werken, wijzigingen met betrekking tot het omvormen van het pakhuis naar wooneenheden (incl. de voorgestelde gevelwijzingen) van de vergunning uit te sluiten. 

Geadviseerd wordt om de patio voldoende ruim te voorzien zodat er in alle verblijfsruimtes voldoende licht en zicht aanwezig kan zijn.

 

Cultuurhistorische aspecten en Visueel-vormelijke aspecten

Aan de stedelijke dienst Monumentenzorg werd advies gevraagd omdat de aanvraag gelegen is in CHE-gebied en de opname van het pakhuis in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed. De wijziging van de bestaande toestand van elk gebouw en/of constructie in dergelijk gebied dient immers onderworpen te worden aan de wenselijkheid van behoud. Het behoud van de elementen met historische, stedenbouwkundige, architecturale, bouwhistorische en/of esthetische waarde primeert boven de andere voorschriften.

Het advies van de stedelijke dienst Monumentenzorg leest als volgt:

“Het pakhuis opgenomen in de vastgestelde inventaris wordt omgevormd tot wonen met voldoende respect voor de originele structuur. Het project werd voorbesproken.

Voor inventarispanden wordt voldoende aandacht gevraagd voor de voorgevel. Het houten schrijnwerk op de verdiepingen van het pakhuis wordt vervangen door steellook wat eveneens kenmerkend is voor een pakhuis. we vragen hierbij wel een neutrale kleurstellling voor- het schrijnwerk in de voor en zijgevels (zwart). We vragen ook dat er in het topvenster van het pakhuis nog een horizontale verdeling wordt aangebracht cfr. het bouwplan en de laatst vergunde toestand van het buurpand (1951). Dit pand in oorsprong een klassieke lijstgevel kreeg op dat moment het huidig uitzicht. Hier bleven geen waardevolle interieurelementen meer bewaard.”

Het advies leest voorwaardelijk gunstig met volgende voorwaarden:

-          Het steellook schrijnwerk in de voorgevel- en zijgevel in een neutrale kleurstelling wordt voorzien (zwart) ipv rood en wit;

-          Het topvenster in de voorgevel van het pakhuis nog wordt voorzien van een horizontale tussenstijl

-          Detailtekeningen van het schrijnwerk voor te leggen voor uitvoering.

 

Vanuit stedenbouwkundig oogpunt wordt dit advies bijgetreden. Op basis van bovenstaande advies kan een wijziging van het buitenschrijnwerk gunstig worden geadviseerd.

Omdat het omvormen van het pakhuis naar wooneenheden (incl. de voorgestelde gevelwijzigingen) van de vergunning wordt uitgesloten, worden de voorwaarden niet bij de vergunning opgenomen. 

 

Alle gevelwijzigingen aan het linkerpand worden niet als storend ervaren in de omgeving en kunnen gunstig beoordeeld worden.

 

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

 

De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 32 van de bouwcode van kracht sinds 15 juli 2024, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding, wijzigen van het aantal wooneenheden en wijziging tussen de gedefinieerde subfuncties in paragraaf 3. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.

 

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 7 2 parkeerplaatsen.

 

De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en/of functiewijziging.

In de laatst vergunde toestand is er een kantoor met bovenliggende wooneenheid in het ene pand, en een magazijn in het andere.

Dit wordt verbouwd naar 2 meergezinswoningen met 7 appartementen.

Er zijn dus 6 bijkomende appartementen.

 

2 appartementen tussen 60 m² en 90 m² met parkeernorm 1.05 à 2 x 1.05 = 2.1

4 appartementen > 90 m² met parkeernorm 1.25 à 4 x 1.25 = 5

 

De werkelijke parkeerbehoefte is 7 (2.1 + 5 = 7.1)

 

Gelet op de uitsluiting genereert voorliggende aanvraag een aangepaste werkelijke parkeerbehoefte van 2 parkeerplaatsen:

2 appartementen tussen 60 m² en 90 m² met parkeernorm 1.05 à 2 x 1.05 = 2.1

 

De plannen voorzien in 0 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.

 

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 7 2.

 

De voorliggende aanvraag heeft betrekking op een gebouw dat is opgenomen in de inventaris van bouwkundig erfgoed. Indien de werkelijke parkeerbehoefte op het perceel moet gerealiseerd worden, zou de erfgoedwaarde van het gebouw teniet worden gedaan. Daarom kunnen niet alle parkeerplaatsen voorzien worden.

 

Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 5 0.

 

Echter kan de berekende parkeerbehoefte van het nieuwe project worden verminderd met het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein. Dit op voorwaarde dat realisatie niet mogelijk is.

 

Het kantoor verdwijnt. 213 m² kantoren met parkeernorm 1.1/100 m² à 213 m² x 1.1/100 m² = 2.3

Er is geen informatie over het magazijn in de laatst vergunde toestand om hiervoor ook een bijstelling te kunnen berekenen.

 

Het aantal parkeerplaatsen van de laatst vergunde toestand dat reeds afgewenteld werd op het openbaar domein is 2.

 

Bijgevolg kan de parkeerbehoefte van de vergunde toestand in mindering gebracht worden voor 2 parkeerplaatsen.

Het bijgestelde aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 7 2 – 2 = 5 0.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 5 0 plaatsen.

 

Fietsvoorzieningen:

Voor de appartementen moeten voldoende fietsenstallingen voorzien worden.

1 appartement met 1 slaapkamer : 1 x 2 = 2

6 appartementen met 2 slaapkamers : 3 x 3 = 18

Er moeten 20 fietsenstallingen voorzien worden.

 

Voor nr. 19 worden 2 fietsenstallingen ingericht. Een fietsenstalling verbonden aan het gelijkvloers voor 3 fietsen. Deze zijn enkel bereikbaar door de bureelruimte en zijn bijgevolg niet geschikt als fietsenstalling.

De andere fietsenberging heeft 5 plaatsen en is voor de bovenliggende 2 appartementen.

 

Voor nr. 21 wordt een fietsenstalling voor 12 fietsen ingericht op het gelijkvloers.

 

De tussenafstand tussen de fietsenstallingen moet 60 cm zijn. Hier wordt slechts 40 cm voorzien.

Verder moet ook 10 % van de fietsstalplaatsen bruikbaar zijn voor buitenmaatse fietsen (cargofiets, bakfiets,…)

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.

2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

3. De voorwaarden uit het bijgevoegde advies van Fluvius moeten nageleefd worden.

4. Alle handelingen, werken en wijzigingen met betrekking tot het omvormen van het pakhuis naar wooneenheden worden van de vergunning uitgesloten.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

10 september 2025

Volledig en ontvankelijk

16 oktober 2025

Start openbaar onderzoek

27 oktober 2025

Einde openbaar onderzoek

25 november 2025

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

29 januari 2026

Verslag GOA

9 januari 2026

Naam GOA

Axel Devroe

 

Onderzoek

De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

 

Bespreking van de bezwaren

Verlies van privacy: Het bezwaar tegen inkijk via de bestaande ramen in de wachtgevel.

Beoordeling:

De ramen in kwestie bevinden zich in de scheimuur van het inventarispand en kijken uit op het dak en de lager gelegen tuin van het aangrenzend perceel/pand.

De ramen, bovendien bestaand en deel uitmakend van de historiek van het pand, worden niet gewijzigd. Het is onduidelijk wat de erfdienstbaarheid omvat. Mogelijk en naar alle waarschijnlijkheid is er enkel recht op licht.

Overeenkomstig artikel 4.2.22. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening hebben stedenbouwkundige vergunningen een zakelijk karakter en worden ze verleend onder voorbehoud van de op het onroerend goed betrokken burgerlijke rechten.

Het bezwaar is ongegrond.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij:

 

-          de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;

-          het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

 

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.

2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

3. De voorwaarden uit het bijgevoegde advies van Fluvius moeten nageleefd worden.

4. Alle handelingen, werken en wijzigingen met betrekking tot het omvormen van het pakhuis naar wooneenheden worden van de vergunning uitgesloten.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.