Terug
Gepubliceerd op 02/02/2026

2026_CBS_00630 - Omgevingsvergunning - OMV_2025122053. Antwerpsebaan 360. District Berendrecht-Zandvliet-Lillo - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 30/01/2026 - 09:00 Stadhuis
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Afwezig

Nabilla Ait Daoud, schepen; Karim Bachar, schepen; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur
2026_CBS_00630 - Omgevingsvergunning - OMV_2025122053. Antwerpsebaan 360. District Berendrecht-Zandvliet-Lillo - Goedkeuring 2026_CBS_00630 - Omgevingsvergunning - OMV_2025122053. Antwerpsebaan 360. District Berendrecht-Zandvliet-Lillo - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2025122053

Gegevens van de aanvrager:

de heer Danny Huyssen met als contactadres Hoogeind 45 te 2940 Stabroek en mevrouw Kim Serneels met als contactadres Hoogeind 45 te 2940 Stabroek

Ligging van het project:

Antwerpsebaan 360 te 2040 Berendrecht-Zandvliet-Lillo (Antwerpen)

Kadastrale percelen:

afdeling 20 sectie C nr. 585A

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

bouwen van een eengezinswoning en een bijgebouw

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          er werd geen relevante voorgeschiedenis teruggevonden.

 

Bestaande toestand

-          braakliggend terrein.


Nieuwe toestand

-          functie: eengezinswoning met garage;

-          bouwvolume:

  • open bebouwing van 1 bouwlaag en een zadeldak;
  • kroonlijsthoogte van 3,50 m en nokhoogte van 8,33 m;
  • voorgevelbreedte van 9,46 m;
  • bouwdiepte van 15 m;
  • losstaand bijgebouw van circa 45 m² met plat dak, tegen de linker perceelgrens;

-          gevelafwerking:

  • gevels in roodbruin genuanceerde gevelsteen;
  • gevelschrijnwerk in zwartgelakt aluminium;
  • bijgebouw in roodbruin genuanceerde gevelsteen;

-          inrichting:

  • oprit met breedte van 3 m à 4 m en diepte van 32 m naar de garage, in de linker zijtuin;
  • terras van 3 m diep tegen de achtergevel;
  • wadi in de voortuinzone;
  • septische put van 3.000 l en regenwaterput van 10.000 l.

 

Inhoud van de aanvraag

-          bouwen van een vrijstaande eengezinswoning;

-          bouwen van een bijgebouw met garage;

-          aanleggen van verhardingen.

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

Er werden geen externe adviezen gevraagd.

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering

10 december 2025

11 december 2025

 

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

 

(Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

-         Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.

 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via www.ruimtelijkeordening.be)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:

  • artikel 18 Stabiliteit en scheidingsmuren: 
    De constructie en de afwerking van de scheidingsmuren moeten brandoverslag verhinderen. De opstand van een scheidingsmuur dient 0,30 meter te bedragen ten opzichte van het hoogst aangrenzende dakvlak. Bovendien mag deze niet met brandbaar materiaal worden bekleed. Het is niet duidelijk of de scheidingsmuur en de afwerking ervan brandwerend is uitgevoerd.
  • artikel 20 Daken: 
    Nieuwe daken van meldings- en vergunningsplichtige constructies met een oppervlakte van minstens 20 m² moeten aangelegd worden als groendak. De verplichting voor het plaatsen van een groendak vervalt enkel op de plaatsen waar de dakoppervlakte wordt gebruikt voor regenwaterrecuperatie in kader van hergebruik voor toiletspoeling en/of wasmachine.
  • artikel 23 Inrichting van de open ruimte: 
    De maximale breedte voor opritten naar een autoparkeerplaats is 3 meter. Op sommige plaatsen is de breedte meer dan 3 meter.

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:

Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving wordt geoordeeld dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

-         Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het stikstofdecreet. 

-          Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).

Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).

Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

(Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.

Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen: https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen)

-          Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.

-          Vlaamse codex Wonen 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex Wonen van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen

-          Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
(De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad)

-          Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
(Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen). 

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Functionele inpasbaarheid

Voorliggende aanvraag omvat het oprichten van een nieuwe eengezinswoning en een garage. Het perceel bevindt zich volgens het gewestplan in een woongebied. De functie van eengezinswoning is inpasbaar in de omgeving.

 

Schaal – ruimtegebruik – bouwdichtheid

De nieuw te bouwen woning betreft een open bebouwing bestaande uit één volwaardige bouwlaag plus een zadeldak met een nokhoogte van 8,33 meter. Tegen de linker perceelsgrens wordt een bijgebouw van één bouwlaag met plat dak opgericht. De voorgestelde volumes integreren zich binnen de omgeving

 

Voor de inplanting van de voorgevel op 6 meter achter de rooilijn werd gekeken naar de beide aanpalende panden, met een soortelijke terugsprong ten opzichte van de rooilijn.

Ten opzichte van de rechter perceelsgrens behoudt de woning een afstand van 3 meter. Ten opzichte van de linker perceelsgrens varieert de afstand omwille van de vorm van deze linker perceelsgrens, maar ze is steeds minimaal 3 meter, wat kenmerkend is voor de zijtuinstroken in de omgeving.

 

Aan deze linkerzijde situeert zich ook de oprit naar de garage. Het is net door de vorm van de linker perceelsgrens dat de breedte van de oprit, met een verharding die overal tot tegen de perceelsgrens aangelegd wordt, varieert en plaatselijk een breedte heeft van meer dan 3 meter, zo ook in de voortuin waar de oprit verbreedt tot 3,35 meter ter hoogte van de rooilijn. Deze verharding overschrijdt de in artikel 23 van de bouwcode opgelegde maximale breedte van 3 meter. Gelet op de breedte van het perceel (15,87 meter) en de grote groene voortuin, kan hier deze beperkte afwijking met toepassing van artikel 3 van de bouwcode toegestaan worden.

 

De garage van circa 45 m² wordt op +/- 32 meter achter de rooilijn ingeplant tegen de linker perceelsgrens, gedeeltelijk tegen een bestaand volume in de tuin van het links aanpalende perceel.

Uit de snede van de garage is niet af te leiden of er rekening gehouden wordt met artikel 18 van de bouwcode en of de opstand van de scheidingsmuur ten opzichte van het hoogst aangrenzende dakvlak 0,30 meter bedraagt. Ook de aanduiding dat deze opstand niet bekleed wordt met brandbaar materiaal ontbreekt in het dossier. Om te voldoen aan artikel 18 zullen een aantal uitvoeringsdetails ter hoogte van de scheidingsmuur in de voorwaarden bij de vergunning opgenomen worden.

Gelet op de oppervlakte van de nieuwe garage, moet het platte dak volgens artikel 20 van de bouwcode aangelegd worden als groendak. Enkel wanneer de dakoppervlakte wordt gebruikt voor regenwaterrecuperatie in het kader van hergebruik voor toiletspoeling en/of wasmachine vervalt deze verplichting, wat hier voor de garage niet het geval is. Daarom wordt de aanleg van het groendak in de voorwaarden bij de vergunning opgenomen.

 

Visueel-vormelijke elementen

De gevels van zowel de woning als de garage worden afgewerkt met roodbruin genuanceerde gevelsteen. De gevelopeningen worden voorzien van zwartgelakt aluminium schrijnwerk met dorpels in blauwe hardsteen. Het dak wordt bekleed met zwarte keramische dakpannen. De voorgestelde materialen en kleuren komen in de omgeving vaker voor en zijn inpasbaar in het straatbeeld.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Mits voldaan wordt aan de gestelde voorwaarden ontstaat een woning die aan de hedendaagse woon- en leefkwaliteit kan voldoen.

 

Mobiliteitsimpact

Toetsing parkeerbehoefte

Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

 

De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 32 van de bouwcode van kracht sinds 15 juli 2024, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding, wijzigen van het aantal wooneenheden en wijziging tussen de gedefinieerde subfuncties in paragraaf 3. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.

 

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaats.

 

Voor nieuwbouwprojecten met maximaal 5 wooneenheden legt de bouwcode in artikel 32 1 parkeerplaats per wooneenheid op.

Voor een eengezinswoning is de werkelijke parkeerbehoefte 1 parkeerplaats.

 

De plannen voorzien in 1 nuttige autostal- en autoparkeerplaats.

 

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1.

 

Dit aantal is toereikend.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 0.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1 – 1 = 0.

Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus niet van toepassing.

 

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. Het platte dak van de garage is aan te leggen als groendak.

2. Het gedeelte van het dak, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak, is te voorzien van een niet-brandbare strook (reactie bij brand van minimum klasse A2FL-s2) van minstens 0,30 meter breed voorzien tussen het groendak en de scheidingsmuur.

3. Na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

14 november 2025

Volledig en ontvankelijk

10 december 2025

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

8 februari 2026

Verslag GOA

19 januari 2026

Naam GOA

Katrine Leemans

 

Onderzoek

De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking. 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. Het platte dak van de garage is aan te leggen als groendak.

2. Het gedeelte van het dak, gelegen naast de scheidingsmuren die geen opstand hebben van minimaal 0,30 meter ten opzichte van het hoogste aangrenzende dakvlak, is te voorzien van een niet-brandbare strook (reactie bij brand van minimum klasse A2FL-s2) van minstens 0,30 meter breed voorzien tussen het groendak en de scheidingsmuur.

3. Na uitvoering van de werken te voldoen aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiƫle gevolgen.