Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025104981 |
Gegevens van de aanvrager: | Nico Janssens met als contactadres Bouwelven 9 te 2280 Grobbendonk |
Gegevens van de exploitant: | Nico Janssens met als contactadres Bouwelven 9 te 2280 Grobbendonk |
Ligging van het project: | Edegemsesteenweg 249 te 2610 Wilrijk (Antwerpen) |
Kadastrale percelen: | afdeling 42 sectie C nr. 117T4 |
waarvan: |
|
- 20250912-0035 | afdeling 42 sectie C nr. 117T4 (Edegemsesteenweg) |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen, exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten |
Voorwerp van de aanvraag: | bouwen van een eengezinswoning, een tuinberging en een zwembad; exploiteren van 2 warmtepompen voor de woning en het zwembad |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 26/05/2025: vergunning (OMV_2025001562) voor het verkavelen van een perceel met één lot voor woningbouw en twee onttrokken loten.
Vergunde en bestaande toestand
- inrichting:
Nieuwe toestand
- functie: wonen – eengezinswoning;
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- bouwen van een eengezinswoning;
- bouwen van een tuinberging;
- aanleggen van een zwembad;
- aanleggen van verhardingen.
Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten
Voorgeschiedenis
Op 26 mei 2025 leverde het college aan Collin J. Landmeterskantoor een omgevingsvergunning onder voorwaarden af voor het verkavelen van een perceel met één lot voor woningbouw en twee onttrokken loten (OMV_2025001562).
Inhoud van de aanvraag
De aanvraag omvat de exploitatie van warmtepompen.
Aangevraagde rubriek(en)
Aangevraagde rubriek(en) Edegemsesteenweg
Rubriek | Omschrijving | Gevraagd voor |
16.3.2°a) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; | 15,40 kW |
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Provincie Antwerpen - Dienst Integraal Waterbeleid | 22 oktober 2025 | 3 december 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
De Lijn Entiteit Antwerpen | 22 oktober 2025 | 4 november 2025 | Gunstig |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering | 22 oktober 2025 | 23 oktober 2025 |
Stadsontwikkeling/ Klimaat en Leefmilieu/ luchtkwaliteit en geluid | 22 oktober 2025 | 13 november 2025 |
Stadsontwikkeling/ Mobiliteit | 22 oktober 2025 | 14 november 2025 |
Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Water | 22 oktober 2025 | 14 november 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied met landelijk karakter. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. De woongebieden met een landelijk karakter zijn bestemd voor woningbouw in het algemeen en tevens voor landbouwbedrijven, (Artikel 6 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een parkgebied. De parkgebieden moeten in hun staat bewaard worden of zijn bestemd om zodanig ingericht te worden, dat ze, in de al dan niet verstedelijkte gebieden, hun sociale functie kunnen vervullen, (Artikel 14 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)
De aanvraag ligt in de verkaveling 20252, goedgekeurd op 26 mei 2025, meer bepaald in lot(en) 1A.
De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.
De aanvraag wijkt af van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden op volgende punten:
- 3. Voorschriften tuinzone:
- 3.3.A. verharding en groenzones:
De tuinberging bevindt zich niet op de achterste perceelsgrens of 1 m er vandaan.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
§5 d: De verharding voor de autoparkeerplaatsen is niet voor 50% groendoorgroeibaar.
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied.
De berekende impact (https://www.waterinfo.be/informatieplicht) is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%.
De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het voorliggende project is gelegen in een zone waarvoor de Provincie aangewezen is als adviesinstantie.
Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).
Het project is gelegen in een zone met een middelgrote pluviale overstromingskans (T100) onder huidig klimaat (score D).
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Kijk de score van uw project na op: https://www.waterinfo.be/informatieplicht.
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen: https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
De bestemmingsvoorschriften van de verkavelingsvergunning laten het bouwen van een eengezinswoning toe. Deze functie is inpasbaar in de omgeving.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
De plannen voorzien een eengezinswoning van 2 bouwlagen onder een plat dak. De bouwdiepte wordt voorzien tot 17,00 meter op het gelijkvloers en 11,95 meter op de eerste verdieping. Het voorgestelde volume voldoet aan de verkavelingsvergunning. De woning wordt voorzien van de vereiste woonkwaliteit door de aanwezigheid van hoge plafonds, grote raamopeningen en een open plan op het gelijkvloers. Het voorstel is bijgevolg ruimtelijk aanvaardbaar.
Aansluitend op de woning wordt een terras en zwembad voorzien. Achteraan het perceel wordt een tuinberging van 75 m² voorzien. De tuinberging wordt, ter hoogte van de achtergevel, niet over de volledige breedte op een afstand van minstens 1 meter van de perceelsgrens geplaatst. Door de bouwdiepte van de tuinberging te beperken tot 11 meter ontstaat er een ruimte achter de tuinberging die voldoende groot is om deze nuttig te kunnen gebruiken. De voorgevel van de tuinberging moet ook gelijk geplaatst worden met de bebouwing van de linkerbuur (Edegemsesteenweg 305) in functie van een correcte aansluiting. Dit zal in voorwaarde worden opgenomen.
Visueel-vormelijke elementen
De voorgestelde materialisatie is in overeenstemming met de verkavelingsvergunning en stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
De aanwezige bomen (zichtbaar op foto 2) zijn niet weergegeven op het inplantingsplan. Deze dienen maximaal behouden te worden conform artikel 24 van de bouwcode. Dit zal in voorwaarde worden opgenomen.
De stedelijke dienst Klimaat en Leefmilieu geeft volgend advies:
‘Op de locatie zijn er gemiddelde geluidsniveaus Lden van 60-70 dB(A) als gevolg van verkeer op de oostelijk gelegen autosnelweg E19.
Er dient een verhoogde akoestische isolatie van de bouwschil voorzien te worden volgens NBN S01-400-1 Akoestische criteria voor woongebouwen rekening houdend met gevelbelasting van 65 dB’.
De voorwaarde uit dit advies zal integraal overgenomen worden.
De Dienst Integraal Waterbeleid van de provincie Antwerpen geeft volgend advies:
- Er dient onderaan de oprit een (infiltratie)gootje te worden voorzien om het afstromende water op te vangen. Indien mogelijk moet deze goot worden aangesloten op een nabijgelegen groen- of infiltratiezone op het eigen terrein.
- De overloop van het zwembad dient te worden aangesloten op de RWA, als alternatief mag het zwembad overlopen op de omringende groenzone. De filter van het zwembad dient te worden aangesloten op de DWA.
- De infiltratievoorziening wordt gerealiseerd zonder overloop naar de RWA.
In voorwaarde zal opgenomen worden om deze strikt na te leven.
Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)
Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).
De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 32 van de bouwcode van kracht sinds 15 juli 2024, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding, wijzigen van het aantal wooneenheden en wijziging tussen de gedefinieerde subfuncties in paragraaf 3. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.
Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 1 parkeerplaats.
|
De plannen voorzien in 2 nuttige autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 1.
Dit is toereikend.
|
Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 0.
Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 0. Dit is het verschil tussen het aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.
|
Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 0 plaatsen.
|
Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu
Aan de Edegemsesteenweg 249 te Wilrijk wordt de nieuwbouw van een woning met tuinberging en zwembad gepland. Zowel de woning als het zwembad zullen verwarmd worden door middel van een warmtepomp. Hiervoor wordt klasse 3-rubriek 16.3.2.a gevraagd voor een totaal geïnstalleerd vermogen van 15,40 kW. Beide warmtepompen zijn lucht-waterwarmtepompen en werken met het koudemiddel R290 (Global Warming Potential 3). De warmtepomp voor het zwembad heeft een vermogen van 10 kW, voor de warmtepomp van de woning is dat 5,40 kW.
De buitenunits van de warmtepompen worden buiten op grondniveau geplaatst rechts van de woning (3 meter van de perceelsgrens) en achter de tuinberging (1,79 meter van de perceelsgrens). De units worden zowel thermisch als akoestisch omkast. De aanvrager wordt erop gewezen dat er te allen tijde dient voldaan te worden aan de milieukwaliteitsnormen voor geluid in openlucht zoals opgenomen in Vlarem II.
Uit het uitgevoerde bodemonderzoek blijkt dat de grondwaterstand zich op ongeveer 1,50 meter diepte bevindt. Aangezien dit project volledig onderkelderd zal worden, is het zeer waarschijnlijk dat een bronbemaling noodzakelijk zal zijn. Voor de aanleg van de kelder zal er tot bijna 4 meter diepte onder het straatniveau uitgegraven moeten worden. De vergunning voor de bronbemaling zal in een later stadium aangevraagd worden, de effecten ervan worden wel in voorliggende aanvraag besproken.
Deze bemaling zal maximaal 90 dagen duren. Volgens de aanvrager is er tegenover het perceel, op een afstand van ongeveer 90 meter, een vijver gelegen en zou het opgepompte bemalingswater hierin kunnen geloosd worden. De bemaling zal peilgestuurd uitgevoerd worden. De bemalingspomp wordt voorzien van een geluidsdempende omkasting.
De vergunningverlenende overheid is verplicht om een advies in te winnen bij het Agentschap Onroerend Erfgoed als de vergunningsaanvraag betrekking heeft op ingedeelde inrichtingen of activiteiten in of aan een beschermde archeologische site, een beschermd monument, een beschermd cultuurhistorisch landschap of een beschermd stads- of dorpsgezicht (decreet van 12 juli 2013 betreffende het onroerend erfgoed artikel 6.4.4 §3). Dat is hier niet het geval.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. Het advies van de Dienst Integraal Waterbeleid van de provincie Antwerpen strikt na te leven.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3. De oprit en de verharding in de voortuin te beperken tot een breedte van 3 meter.
4. De aanwezige bomen in de voortuin te behouden, uitgezonderd deze op de oprit van 3 meter breedte, en de betonnen stapstenen af te stemmen op deze bomen.
5. De voorgevel van de tuinberging gelijk te plaatsen met de aanwezige bebouwing van de linkerbuur.
6. De bouwdiepte van de tuinberging te beperken tot 11 meter.
7. Een verhoogde akoestische isolatie van de bouwschil te voorzien volgens NBN S01-400-1 Akoestische criteria voor woongebouwen rekening houdend met gevelbelasting van 65 dB.
8. Het platte dak waar geen groendak op geplaatst wordt te voorzien van een lichtkleurige dakbedekking conform artikel 20 van de bouwcode.
Advies over de ingedeelde inrichtingen of activiteiten
Mits voldaan wordt aan de algemene en sectorale vergunningsvoorwaarden, is deze aanvraag in overeenstemming met de VLAREM-wetgeving. Vanuit milieutechnisch oogpunt wordt positief advies gegeven de vergunning te verlenen.
Geadviseerde rubriek(en)
Rubriek | Omschrijving | Geadviseerd voor |
16.3.2°a) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; (inrichting Edegemsesteenweg) | 15,40 kW |
Standpunt college
Het college is als vergunningverlenende overheid van oordeel dat, gelet op de breedte van het perceel, uitzonderlijk een bijkomende autostalplaats in de voortuin kan toegestaan worden. Dit onder voorwaarde dat de autostalplaats voorzien wordt in overeenstemming met artikel 23, §5, d) van de bouwcode. Dit wordt mee opgenomen in de voorwaarden.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 12 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 22 oktober 2025 |
Start openbaar onderzoek | 31 oktober 2025 |
Einde openbaar onderzoek | 29 november 2025 |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 4 februari 2026 |
Verslag GOA | 9 januari 2026 |
Naam GOA | Wim Van Roosendael en Bieke Geypens |
De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Het college sluit zich gedeeltelijk aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en voorziet in haar eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
De algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. Het advies van de Dienst Integraal Waterbeleid van de provincie Antwerpen strikt na te leven.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3. De totale breedte van de oprit en de naastgelegen autostalplaats dient beperkt te worden tot een breedte van 5,5 meter.
4. De aanwezige bomen in de voortuin te behouden, uitgezonderd deze op de oprit van 3 meter breedte, en de betonnen stapstenen af te stemmen op deze bomen.
5. De voorgevel van de tuinberging gelijk te plaatsen met de aanwezige bebouwing van de linkerbuur.
6. De bouwdiepte van de tuinberging te beperken tot 11 meter.
7. Een verhoogde akoestische isolatie van de bouwschil te voorzien volgens NBN S01-400-1 Akoestische criteria voor woongebouwen rekening houdend met gevelbelasting van 65 dB.
8. Het platte dak waar geen groendak op geplaatst wordt te voorzien van een lichtkleurige dakbedekking conform artikel 20 van de bouwcode.
9. De oprit en de naastgelegen autostalplaats dient voorzien te worden van een kwalitatieve waterdoorlatende of waterpasserende verharding en fundering en dient minimum voor 50% groendoorgroeibaar te zijn.
10. De hemelwaterput in de voortuin dient voorzien te worden onder de oprit of de autostalplaats.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.
De vergunning omvat thans volgende rubriek(en):
Rubriek | Omschrijving | Gecoördineerd |
16.3.2°a) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW; (inrichting Edegemsesteenweg) | 15,40 kW |