Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de gewone procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.
Projectnummer: | OMV_2025107796 |
Gegevens van de aanvrager: | Poyraz Yildiz met als adres Pacificatiestraat 27 te 2000 Antwerpen |
Ligging van het project: | Pacificatiestraat 27 te 2000 Antwerpen |
Kadastrale percelen: | afdeling 11 sectie L nr. 3707F |
Vergunningsplichten: | stedenbouwkundige handelingen |
Voorwerp van de aanvraag: | verbouwen en uitbreiden van een meergezinswoning |
Omschrijving stedenbouwkundige handelingen
Relevante voorgeschiedenis
- 25/08/2025: statusrapport;
- 15/10/2024: proces-verbaal (11002_2024_18940_VPV) voor het uitvoeren van
werken zonder voorafgaande schriftelijke omgevingsvergunning van het college
van burgemeester en schepenen;
- 19/04/1974: vergunning (18#56415) voor een garagepoort – 27.2.1974;
- 06/12/1929: toelating (1929#35230) voor gevelveranderingen.
(Geacht) Vergunde toestand
- functie: gemengd gebouw:
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
Bestaande toestand
- afwijkend.
Nieuwe toestand
- functie: gemengd gebouw:
- gelijkvloerse verdieping: reca;
- bovenliggende verdiepingen: meergezinswoning met 3 woongelegenheden;
- bouwvolume:
- gevelafwerking:
- inrichting:
Inhoud van de aanvraag
- uitbreiden van het volume;
- wijzigen van de voorgevel;
- wijzigen van de scheimuren;
- doorvoeren van interne constructieve werken.
Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.
Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:
Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.
Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:
Adviezen
Externe adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies ontvangen | Advies |
Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen | 24 oktober 2025 | 30 december 2025 | Voorwaardelijk gunstig |
Interne adviezen
Adviesinstantie | Datum advies gevraagd | Datum advies |
Stadsontwikkeling/ Onroerend Erfgoed/ Monumentenzorg | 24 oktober 2025 | 22 december 2025 |
Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen
Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.
Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Binnenstad, goedgekeurd op 26 april 2012. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zones: Algemene voorschriften, Artikel 1: Zone voor Wonen - (Wo1), Artikel 8: Zone voor Publiek Domein - (Pu) en Culturele, historische en/of esthetische waarde.
(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'.)
De aanvraag ligt niet in een verkaveling.
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan Binnenstad op volgende punten:
- 2.1.1 CULTURELE, HISTORISCHE EN\OF ESTHETISCHE WAARDE: de bestaande toestand wordt onderworpen aan de wenselijkheid van het behoud. De voorgevel wordt geschilderd en het schrijnwerk wordt vervangen;
- 2.2.5 ONBEBOUWDE RUIMTE EN TUINEN: Bij verbouwingen moet het percentage onbebouwde ruimte/bebouwde ruimte per perceel vergroten of gelijk blijven. De open koer werd dicht gebouwd.
Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.
- Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.
- Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
Algemene bouwverordeningen
- Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen
- Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgende punten:
- Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.
(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.
Sectorale regelgeving
- MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.
- Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied.
De berekende impact(https://www.waterinfo.be/informatieplicht) is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%.
De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist.
- Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het voorliggende project is gelegen in een zone waarvoor De Vlaamse Waterweg aangewezen is als adviesinstantie.
Het project is gelegen in een zone met een kleine fluviale overstromingskans (T1000) onder huidig klimaat (score C).
Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).
Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.
Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.
Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.
- Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.
- Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.
- Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen
- Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.
- Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.
Omgevingstoets
Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening
Functionele inpasbaarheid
Voorliggende aanvraag omvat geen functiewijziging; de gelijkvloerse reca-functie met bovenliggende wooneenheden blijft behouden en is daarmee in harmonie met de kenmerkende functies in de straat.
Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid
Het hoekperceel is, op een open koer van ca. 2 m² na, volledig bebouwd.
In voorliggende aanvraag wordt de lichtschacht van 2 m² over alle bouwlagen bebouwd en bij het volume ingenomen.
Hierdoor verdwijnt open ruimte op het perceel wat strijdig is met artikel 2.2.5 van het RUP-Binnenstad. De ingreep is eveneens strijdig met artikel 22 van de bouwcode.
Het dichtbouwen van het perceel kan echter gunstig geadviseerd worden; de lichtschacht van 2 m² is namelijk volledig ingesloten door de omliggende bebouwing en door de toevoeging van deze oppervlakte bij die van de woonentiteiten stijgt de woonkwaliteit.
Deze beperkte uitbreiding achteraan links tegen de hoger opgaande scheidsmuren van de aanpalenden is niet hinderlijk voor de omgeving en is stedenbouwkundig aanvaardbaar.
Visueel-vormelijke elementen en cultuurhistorische aspecten
Gezien de ligging van het pand in een zone die volgens het ruimtelijk uitvoeringsplan werd ingekleurd als een woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde, werd het advies ingewonnen van de stedelijke dienst Monumentenzorg.
Dit advies laat zich als volgt lezen:
“Het pand is gelegen in che-gebied volgens het gewestplan Antwerpen.
De uitbreidingen achteraan ifv het vergroten van de badkamer heeft geen impact op de erfgoedwaarde van het gebouw of zijn omgeving.
Op de plannen wordt duidelijk gesteld dat de gevel volledig herschilderd wordt in een witte kleur, de blauwe hardstenen plint opnieuw wordt vrijgelegd en het schrijnwerk op de kop van het gebouw op alle bouwlagen vervangen wordt door wit pvc schrijnwerk. We gaan uit van een uniform materiaalgebruik voor schrijnwerk in het volledige pand met eenzelfde indeling, nl een T-verdeling voor al het schrijnwerk op niveau 1,2 en 3. Een uniform materiaalgebruik en indeling versterkt de erfgoedwaarde van de gevel en komt ook het straatbeeld ten goede.
Dit zal als voorwaarde worden opgenomen aangezien het schrijnwerk op de gevelplannen BT en NT al in wit pvc werd getekend, terwijl het schrijnwerk op +1 in aluminium is, zonder T-verdeling.”
Het advies wordt bijgetreden en volgende voorwaarde wordt bij de vergunning opgenomen:
- Het schrijnwerk op niveau 1, 2 en 3 is te voorzien in wit pvc zoals voorgesteld, met overal een T-verdeling.
Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen
Met het dichtbouwen van de buitenruimte wordt als voorwaarde bij de vergunning opgenomen dat de afvoerkanalen van gassen dienen te voldoen aan artikel 17 van de bouwcode.
Bijkomend wordt als voorwaarde bij de vergunning opgenomen dat de uitvoering van de scheidsmuren conform artikel 18 van de bouwcode dient te gebeuren.
Geen van de wooneenheden beschikt over een privatieve buitenruimte (bouwcode, art. 12). Gezien deze ook niet in de vergunde toestand aanwezig zijn, kan hiervoor een afwijking toegestaan worden. Desalniettemin betekent de aanwezigheid van een voldoende kwalitatieve buitenruimte een meerwaarde voor de woonkwaliteit. Geadviseerd wordt dan ook om na te gaan of een gemeenschappelijke buitenruimte voorzien kan worden.
Advies aan het college
Advies over de stedenbouwkundige handelingen
Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.
Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden
1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3. Conform het advies van de stedelijke dienst Monumentenzorg moet het schrijnwerk op niveau 1, 2 en 3 in wit pvc voorzien worden, met overal een T-verdeling.
4. Scheidsmuren dienen conform de bepalingen van artikel 18 van de bouwcode uitgevoerd te worden.
5. De afvoerkanalen van gassen dienen te voldoen aan artikel 17 van de bouwcode.
Procedurestap | Datum |
Indiening aanvraag | 9 september 2025 |
Volledig en ontvankelijk | 24 oktober 2025 |
Start openbaar onderzoek | 4 november 2025 |
Einde openbaar onderzoek | 3 december 2025 |
Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen | geen |
Uiterste beslissingsdatum | 6 februari 2026 |
Verslag GOA | 19 januari 2026 |
Naam GOA | Axel Devroe |
De aanvraag werd onderworpen aan 1 openbaar onderzoek. Er werden standpunten, opmerkingen en/of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.
Bespreking van de bezwaren
1. Strijdigheid met artikel 2.1.2, 2.1.3 en 2.2.1 van het RUP-Binnenstad en artikel 6 van de Antwerpse bouwcode: De volume-uitbreiding is niet in harmonie met het referentiebeeld. De dichtgebouwde koer grenst aan de binnenkoer van het naburige pand wat leidt tot een verkokering van de nog aanwezige open ruimte. De open ruimte blijft niet langer gevrijwaard wat de ruimtelijke kwaliteit en het evenwicht in de omgeving aantast. De draagkracht is overschreden.
Beoordeling: Het klopt dat de resterende open ruimte op het perceel verdwijnt. Echter is in voorliggende context het volbouwen van het perceel wel aanvaardbaar omdat de vergunde onbebouwde ruimte op het hoekperceel niet alleen zeer klein maar ook volledig ingesloten zit. Met deze beperkte volume-uitbreiding stijgt bovendien ook de woonkwaliteit van de wooneenheden en blijft de impact op de omliggende buurpanden zeer beperkt.
Gezien de aanvraag geen functiewijziging of het vermeerderen van het aantal wooneenheden omvat, wordt de draagkracht van het perceel met deze ingreep ook niet overschreden.
Het bezwaar is deels ongegrond.
2. Strijdigheid met artikel 2.2.5 van het RUP-Binnenstad: Conform het RUP-Binnenstad moet onbebouwde ruimte behouden blijven of vergroten. De voorgestelde ingrepen bebouwen het perceel volledig en dat is strijdig met artikel 2.2.5 van het RUP-Binnenstad.
Beoordeling: De aanvraag is strijdig met artikel 2.2.5 van het RUP-Binnenstad omdat de open ruimte verkleint. Echter is in voorliggende context het volbouwen van het perceel wel aanvaardbaar omdat de vergunde onbebouwde ruimte op het hoekperceel niet alleen zeer klein maar ook volledig ingesloten zit. Met deze beperkte volume-uitbreiding stijgt bovendien ook de woonkwaliteit van de wooneenheden.
Het bezwaar is deels gegrond.
3. Strijdigheid met artikel 12 van de Antwerpse bouwcode: Het volume breidt uit en alle appartementen in het gebouw ondergaan wijzigingen maar geen enkele zelfstandige wooneenheid is voorzien van een buitenruimte.
Beoordeling: Het klopt dat er geen privatieve of gemeenschappelijke buitenruimte voorzien wordt. Gezien dit echter ook niet in de vergunde toestand aanwezig is, kan hiervoor een afwijking toegestaan worden. Desalniettemin betekent de aanwezigheid van een voldoende kwalitatieve buitenruimte een meerwaarde voor de woonkwaliteit. Geadviseerd wordt dan ook om na te gaan of een gemeenschappelijke buitenruimte voorzien kan worden.
Het bezwaar is deels gegrond.
4. Strijdigheid met artikel 17 van de Antwerpse bouwcode: De afvoeren monden niet uit boven het dakvlak maar monden uit in de achtergevel. Dit is niet alleen strijdig met de bouwcode maar zorgt er tevens voor dat de uitgevoerde gassen (Co2) niet bovendaks uitmondt en verse lucht aangezogen kan worden. Het gevaar bestaat dat de invoer van verse lucht vermengd geraakt met de uitgevoerde gassen wat leidt tot Co2 vergiftiging.
Beoordeling: De koer wordt dichtgebouwd waardoor ook de afvoermonden verplaatst moeten worden en bovendaks voorzien zullen moeten worden conform de bepalingen van artikel 17 van de bouwcode. Dit wordt mee als voorwaarde bij de vergunning opgenomen.
Het bezwaar is deels gegrond.
5. Strijdigheid met artikel 18 van de Antwerpse bouwcode: Het bezwaar dat de scheidsmuur niet over de nodige materiaaldikte beschikt en geen brandoverslag heeft zoals die voorgeschreven zijn conform de bouwcode.
Beoordeling: De voorgestelde uitvoering van de scheidsmuur is inderdaad niet in overeenstemming met de bepalingen van artikel 18 van de bouwcode. Om hieraan tegemoet te komen wordt dit mee als voorwaarde bij de vergunning opgenomen.
Het bezwaar is gegrond.
6. Stabiliteit: Het bezwaar dat de volume-uitbreiding over alle verdiepingen scheuren veroorzaakt die te wijten zijn aan een stabiliteitsgebrek. De fundering en tussenvloeren zijn niet draagkrachtig genoeg om de nieuwe volume-uitbreiding te ondersteunen.
Beoordeling: Het bezwaar heeft betrekking op uitvoeringstechnische aspecten en is niet stedenbouwkundig van aard. De aanvrager is verplicht de werken uit te voeren zonder schade aan derden en volgens de regels van de kunst. Dit is echter een bezwaar van burgerrechtelijke aard. Er kunnen ook geen veronderstellingen genomen worden.
Het bezwaar is ongegrond.
7. Uitvoer van de werken: Het bezwaar tegen de onkundige en slordige uitvoer van de werken. De scheuren in het pleisterwerk, beton- en crepiresten en bouwafval dat achterbleef op wanden, brandladder en ramen samen met de uitblijvende afwerking van de werken zijn onaanvaardbaar en moeten volgens de regels van de kunst uitgevoerd worden.
Beoordeling: De aanvrager is verplicht de werken uit te voeren zonder schade aan derden en volgens de regels van de kunst. Dit is een bezwaar van burgerrechtelijke aard. Er kunnen ook geen veronderstellingen genomen worden.
Het bezwaar is ongegrond.
Het college sluit zich integraal aan bij:
- de bespreking van de ingediende bezwaren zoals geformuleerd in het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt deze beoordeling tot zijn eigen standpunt;
- het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.
Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:
Algemene voorwaarden
de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.
Stedenbouwkundige voorwaarden
1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
3. Conform het advies van de stedelijke dienst Monumentenzorg moet het schrijnwerk op niveau 1, 2 en 3 in wit pvc voorzien worden, met overal een T-verdeling.
4. Scheidsmuren dienen conform de bepalingen van artikel 18 van de bouwcode uitgevoerd te worden.
5. De afvoerkanalen van gassen dienen te voldoen aan artikel 17 van de bouwcode.
Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.