Terug
Gepubliceerd op 06/11/2025

2025_CBS_07667 - Omgevingsvergunning - OMV_2025067985. De Vréstraat 20. District Deurne - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
ma 03/11/2025 - 19:00 Extra digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester; Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur

Afwezig

Johan Klaps, schepen

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2025_CBS_07667 - Omgevingsvergunning - OMV_2025067985. De Vréstraat 20. District Deurne - Goedkeuring 2025_CBS_07667 - Omgevingsvergunning - OMV_2025067985. De Vréstraat 20. District Deurne - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2025067985

Gegevens van de aanvrager:

NV Onze Haard met als adres Coppenolstraat 3 te 2000 Antwerpen

Ligging van het project:

De Vréstraat 20 te 2100 Deurne (Antwerpen)

Kadastrale percelen:

afdeling 31 sectie B nrs. 117V10 en 117T10

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen

Voorwerp van de aanvraag:

omvormen van een eengezinswoning met stallingen naar 4 eengezinswoningen met gemeenschappelijk erf

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-          05/11/1998: vergunning (ROL-19983197) voor het vernieuwen van voor- en achtergevel en dakterras;

-          02/05/1951: toelating (626#13468) voor een stal;

 

Vergunde toestand

-          functie:

  • eengezinswoning met garage en stal;

-          bouwvolume:

  • 2 bouwlagen met zadeldak en naastliggende garage van 1 bouwlaag voor de woning;
  • op het perceel stallen van 2 bouwlagen met zadeldak en aangrenzend schuren van 1 bouwlaag:

-          gevelafwerking:

  • woning:

-          parement in lichte gevelplakken en pvc buitenschrijnwerk;

-          plint in blauwe hardsteen;

-          dakbedekking in pannen;

  • stallen:

-          parement in grijze klampsteen en gewapend glazen buitenschrijnwerk;

-          plint in rode klampsteen;

-          dakbedekking in pannen;

 

Bestaande toestand

In overeenstemming met de vergunde toestand met uitzondering van:

-          gevelafwerking:

  • woning:

-          bruin houten buitenschrijnwerk;

  • stallen:

-          parement in rode steen en bruin houten buitenschrijnwerk;

-          inrichting:

  • volledig verhard terrein;


Nieuwe toestand

-          functie:

  • 4 eengezinswoning georiënteerd rond een ‘erf’;

-          bouwvolume:

  • stallen omgevormd naar woning 1 en 2 bestaande uit 1 bouwlaag met zadeldak;
  • woning 3 bestaande uit 2 bouwlagen met zadeldak;
  • garage omgevormd naar woning 4 bestaande uit 1 bouwlaag met zadeldak;

-          gevelafwerking:

  • woning 1,2 en 4:

-          parement in rode klampsteen en zwart alu buitenschrijnwerk;

-          dakbedekking in rode pannen;

  • woning 3:

-          parement in beige gevelplakken en bruin houten buitenschrijnwerk;

-          plint in blauwe hardsteen;

-          dakbedekking in rode pannen;

-          inrichting:

  • deels onthard perceel;
  • tuin achteraan op het perceel van 67m² horende bij woning 1;
  • terras van 13m² en 12 m² op de ontharde voorplaats horende bij woning 2 en 4;
  • terras van 22 m² op de eerste verdieping horende bij woning 3;
  • nieuwe carport voor 2 wagens en fietsenberging voor 11 fietsen achteraan op het perceel met ingang langs de De Vréstraat;

 

Inhoud van de aanvraag

-          gedeeltelijk slopen van aanbouw;

-          gedeeltelijk ontharden van voorplaats;

-          vermeerderen van het aantal woongelegenheden van 1 naar 4 eengezinswoningen;

-          wijzigen van de voorgevel;

-          wijzigen van de scheimuren;

-          doorvoeren van interne constructieve werken;

 

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

Fluvius System Operator

4 september 2025

17 september 2025

Voorwaardelijk gunstig

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

4 september 2025

6 oktober 2025

Voorwaardelijk gunstig

 

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Ondernemen en Stadsmarketing/ Klantencontacten en Dienstverlening/ Loket Thema Wonen - huisnummering

4 september 2025

9 september 2025

Stadsontwikkeling/ Mobiliteit

4 september 2025

12 september 2025

Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Vergunningen Milieu

4 september 2025

9 september 2025

 

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.

 

Het eigendom is gelegen in het gewestplan Antwerpen (Koninklijk Besluit van 3 oktober 1979 en latere wijzigingen). Het eigendom ligt, volgens dit van kracht zijnde gewestplan, in een woongebied. De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. (Artikel 5 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en toepassing van de ontwerpgewestplannen en de gewestplannen).

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Het gewestplan kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/gewestplan.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het gewestplan.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De aanvraag is in overeenstemming met de verordening hemelwater.

 

-          Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De verordening toegankelijkheid is niet van toepassing op de aanvraag.

 

-          Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Algemene bouwverordeningen

-          Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-          Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024. 
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

  • artikel 8 Visuele en vormelijke inpassing:

het vervangen van schrijnwerk naar een ander materiaal, kleur of met andere verdeling is verboden; het schrijnwerk in de gevels wordt aangepast t.o.v. de vergunde toestand;

  • artikel 9 Minimale hoogte van ruimten: 

minder dan de helft van de netto-vloeroppervlakte van de ruimte onder het schuine dak, heeft een minimale plafondhoogte van 2,60 meter gemeten vanaf 1,80 meter t.o.v. het vloerniveau; slaapkamer 1 in woning 4 voldoet hier niet aan;

  • artikel 32 POET-principe is leidend:  

er worden 2 parkeerplaatsen ingetekend voor 3 nieuwe wooneenheden.

 

-          Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-          MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

 

-          Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied. 

De berekende impactscore is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%.

De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist. 

 

-            Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).

Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).

Voor het project is geen pluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).

Het project is niet gelegen in een signaalgebied.

Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

Kijk de score van uw project na op (https://www.waterinfo.be/informatieplicht)

Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen. https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.

 

-          Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.

 

-          Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

 

-          Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009.
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen

-          Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.

 

-          Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.

 

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Functionele inpasbaarheid

Voorliggende aanvraag omvat geen functiewijziging. De bestaande woonfunctie blijft behouden en is daarmee in harmonie met de kenmerkende woonfuncties in de omgeving.

 

Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

De aanvraag heeft betrekking op een perceel met een eengezinswoning, bijgebouw/garage, stallen en schuren. De eengezinswoning blijft behouden, de stallen en het bijgebouw worden verbouwd tot 3 extra woningen. De schuren worden afgebroken en de binnenplaats wordt onthard en ingericht als gemeenschappelijk erf. 

 

Het volume wordt uitgezuiverd tot de woning met naastgelegen bijgebouw en de stallen met twee bouwlagen. Alle aanbouwsels en de verharding op de binnenplaats worden verwijderd. In de stallen worden twee compacte woningen voorzien met twee slaapkamers. Woning 1 krijgt een beperkte uitbreiding op het gelijkvloers voor de keuken, die gekoppeld is aan een private tuin. Gemeenschappelijk voor woning 1 en 2 wordt een kleine aanbouw voorzien waarin de inkomzones van beide woningen worden georganiseerd. Woning 2 krijgt een terras aan de voorzijde, gekoppeld aan het gemeenschappelijk erf. Woning 3 is de bestaande woning, die ongewijzigd blijft t.o.v. de vergunde toestand. Woning 4 in het bijgebouw heeft 2 slaapkamers en een buitenruimte aan het erf.

 

Links op het perceel wordt een overdekte gemeenschappelijke fietsenstalling voor 11 fietsen voorzien, met daarvoor een carport voor 2 auto’s. De autostaanplaatsen kunnen gunstig geadviseerd worden conform artikel 23 van de bouwcode (inrichting van de open ruimte). In voortuinen zijn halfverhardingen toegelaten voor het parkeren van wagens als het perceel breder is dan 8 meter en het groene karakter behouden kan blijven. De overkapping doet echter afbreuk aan het uitgezuiverde geheel en neemt als volume een te prominente plek in op het erf, dat zijn kwaliteit haalt uit het open karakter. De overkapping wordt daarom uitgesloten uit de vergunning. De parkeerplaatsen moeten aangelegd worden in waterpasserende klinkers die net als de rest van de paden op het erf 50 % groendoorgroeibaar zijn, en moeten afgeschermd worden van het erf door een groene haag.

 

Mits wordt voldaan aan de voorwaarden respecteert de aanvraag de goede ruimtelijke ordening van de plaats met betrekking tot de schaal, het ruimtegebruik en de bouwdichtheid.

 

Visueel-vormelijke elementen

De bestaande gebouwen behouden hun gevelafwerking in rode en beige baksteen, de uitbreiding gebeurt in rode baksteen. De bestaande woning behoudt ook het houten schrijnwerk. De andere woningen krijgen nieuw schrijnwerk in zwart aluminium en zinken dakgoten. De schuine daken worden bekleed met rode keramische dakpannen.

De nieuwe fietsenberging wordt voorzien met een houten gevelbeplanking en een dak in dezelfde keramische dakpannen als de naastliggende woning.

De carport was voorzien in dezelfde houten gevelbeplanking maar met een plat dak, maar wordt zoals hierboven geargumenteerd uitgesloten uit de vergunning. 

De materiaal- en kleurkeuzes zijn aanvaardbaar en visueel inpasbaar.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Artikel 9 van de bouwcode (minimale hoogte van ruimten) bepaalt dat onder schuine daken de helft van de netto-vloeroppervlakte van een verblijfsruimte een minimale vrije hoogte moet hebben van 2,60 m, te meten vanaf 1,80 m vanaf het vloerniveau. Slaapkamer 1 van woning 4 voldoet hier niet aan. Er is slechts een oppervlakte van 4,87 m² van de 10,93 m² met een vrije hoogte van 2,60 m. Aangezien de afwijking slechts 0,59 m² betreft (4,87 m² i.p.v. 5,46 m²) en de kamer verder voldoende kwaliteit heeft qua lichtinval en mogelijke indeling, kan deze beperkte afwijking toegestaan worden.

 

Langs de perceelsgrens aan de De Vréstraat wordt een haag voorzien van 1,80 m hoog. Artikel 23 van de bouwcode bepaalt dat voortuinen moeten afgesloten worden door een levende afsluiting, een muurtje of een hek, alle met een hoogte van maximum 1 meter. Dit wordt opgenomen in de voorwaarden bij de vergunning.

 

Er werd advies gevraagd aan de stedelijke dienst Stadsontwikkeling/ Omgeving/ Vergunningen Milieu. Het advies is gunstig:

“De uitvoerder van de sloopwerken dient de nodige maatregelen te nemen om stofemissies tijdens de afbraak zoveel mogelijk te beperken (Vlarem II hoofdstuk 6.12). De aanbevelingen en adviezen in de sloopinventaris moeten worden gevolgd.

Uit de plannen blijkt dat er warmtepompen worden voorzien. Warmtepompen zijn indelingsplichtig bij een elektrisch vermogen vanaf 5 kW. Indien dit het geval is, dan dient een melding of een omgevingsvergunning voor ingedeelde inrichtingen bekomen te worden alvorens geëxploiteerd wordt.

Op basis van de informatie in het aanvraagdossier is er geen indicatie dat er andere ingedeelde inrichtingen of activiteiten (IIOA’s) van toepassing zouden zijn.

Indien rekening wordt gehouden met bovenstaande, kan vanuit technisch oogpunt een positief advies gegeven worden de vergunning te verlenen.”

 

Mits het naleven van de gestelde voorwaarden voldoet de woning aan de actuele eisen wat betreft hinderaspecten, gezondheid en gebruiksgenot.

 

Mobiliteitsimpact (onder andere toetsing parkeerbehoefte)

Het algemene principe is dat een omgevingsvergunningsaanvraag in vele gevallen een parkeerbehoefte genereert. Om te vermijden dat de parkeerbehoefte (geheel of gedeeltelijk) wordt afgewenteld op het openbaar domein, dient het parkeren maximaal op eigen terrein te worden voorzien. Dit is het zogenaamde POET principe (Parkeren Op Eigen Terrein).

 

De parkeer- en stallingsnormen uit de tabel van artikel 32 van de bouwcode van kracht sinds 15 juli 2024, dienen te worden nageleefd bij nieuwbouw, herbouw, verbouwing, functiewijziging, volume-uitbreiding, wijzigen van het aantal wooneenheden en wijziging tussen de gedefinieerde subfuncties in paragraaf 3. Wie niet op eigen terrein voorziet in de werkelijke parkeerbehoefte, dient hiervoor een compensatie te betalen.

 

Voorliggende aanvraag genereert een werkelijke parkeerbehoefte van 3 parkeerplaatsen.

 

De parkeerbehoefte wordt bepaald op de uitbreiding en/of functiewijziging. Het huidig perceel is nu in gebruik als eengezinswoning met verhard erf, een bestaande schuur en bijgebouwen met aan landbouw functie. De bestaande woning wordt verbouwd en blijft in gebruik als eengezinswoning. De andere delen worden omgevormd tot 3 extra eengezinswoningen.

 

Bij projecten tot 5 wooneenheden is de parkeernorm 1.

De parkeerbehoefte is 3.

 

De plannen voorzien in 1 nuttige autostal- en autoparkeerplaats.

 

Er wordt een carport gebouwd voor 2 autostaanplaatsen. De nieuwe carport zou op een stuk perceel op de site komen te staan dat niet van de eigenaar van dit project is. Er is toestemming verleend om dit stukje perceel, in huidige toestand koterij en staanplaats voor één auto, mee in het ontwerp te nemen om een kwalitatieve fietsenberging en carport voor twee autoparkeerplaatsen te bieden. De eigenaar van dat perceelstukje, wonend in de De Vréstraat, mag gebruik maken van de gemeenschappelijke fietsenberging en één autoparkeerplaats benutten. Dat maakt dat er slechts 1 nuttige parkeerplaats is voor de 3 bijkomende woningen.

 

Het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 2.

 

Het (bijgestelde) aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt dan 3 – 1 = 2.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en autoparkeerplaatsen bedraagt 3 – 1 = 2.

Dit is het verschil tussen   aantal autostal- en/of autoparkeerplaatsen volgens de werkelijke parkeerbehoefte en het aantal te realiseren autostal- en autoparkeerplaatsen.

 

Het aantal ontbrekende autostal- en/of autoparkeerplaatsen wordt belast op basis van het belastingreglement op de omgevingsvergunning van 17 december 2019. In deze aanvraag is dit dus van toepassing op 2 plaatsen.

 

 

Fietsvoorzieningen:

Voor de woningen moeten er 11 fietsstaanplaatsen worden gerealiseerd. Deze worden voorzien in een gemeenschappelijke overdekte fietsenstalling op het gemeenschappelijk erf.

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

  1. Langs de perceelsgrens aan de De Vréstraat moet een voortuinafsluiting voorzien worden in overeenstemming met artikel 23 van de bouwcode, m.n. een levende afsluiting, een muurtje of een hek met een hoogte van maximum 1 meter.
  1. De bijgevoegde voorwaarden van Fluvius zijn na te leven.
  1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
  1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
  1. De carport wordt uitgesloten uit de vergunning. De twee parkeerplaatsen moeten aangelegd worden in waterpasserende klinkers die 50 % groendoorgroeibaar zijn conform de overige verhardingen op het perceel, en moeten afgeschermd worden van het erf door een groene haag. 

  

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

17 juni 2025

Volledig en ontvankelijk

4 september 2025

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

3 november 2025

Verslag GOA

17 oktober 2025

Naam GOA

Cynthia Steurs

 

Onderzoek

De aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, werden om hun standpunt gevraagd. Er werden geen standpunten, opmerkingen of bezwaren ingediend tijdens de openbaarmaking.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

  1. Langs de perceelsgrens aan de De Vréstraat moet een voortuinafsluiting voorzien worden in overeenstemming met artikel 23 van de bouwcode, m.n. een levende afsluiting, een muurtje of een hek met een hoogte van maximum 1 meter.
  1. De bijgevoegde voorwaarden van Fluvius zijn na te leven.
  1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.
  1. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.
  1. De carport wordt uitgesloten uit de vergunning. De twee parkeerplaatsen moeten aangelegd worden in waterpasserende klinkers die 50 % groendoorgroeibaar zijn conform de overige verhardingen op het perceel, en moeten afgeschermd worden van het erf door een groene haag.

 

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.