Terug
Gepubliceerd op 26/01/2026

2026_CBS_00195 - Omgevingsvergunning - OMV_2025096664. Kalverstraat 8. District Antwerpen - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
vr 23/01/2026 - 14:30 Extra digitaal
Goedgekeurd

Samenstelling

Aanwezig

Koen Kennis, schepen; Patrick Janssens, schepen; Nabilla Ait Daoud, schepen; Lien Van de Kelder, schepen; Johan Klaps, schepen; Ken Casier, schepen; Karim Bachar, schepen; Stijn De Rooster, schepen; Nathalie van Baren, schepen; Sven Cauwelier, algemeen directeur; Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester

Secretaris

Sven Cauwelier, algemeen directeur

Voorzitter

Elisabeth van Doesburg, waarnemend burgemeester
2026_CBS_00195 - Omgevingsvergunning - OMV_2025096664. Kalverstraat 8. District Antwerpen - Goedkeuring 2026_CBS_00195 - Omgevingsvergunning - OMV_2025096664. Kalverstraat 8. District Antwerpen - Goedkeuring

Motivering

Aanleiding en context

Er werd een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij het college van burgemeester en schepenen, die behandeld wordt volgens de vereenvoudigde procedure van het Omgevingsvergunningendecreet.

 

Projectnummer:

OMV_2025096664

Gegevens van de aanvrager:

BV URBAN LIVING PROJECT MANAGEMENT met als adres Michel De Braeystraat 55 te 2000 Antwerpen

Gegevens van de exploitant:

BV URBAN LIVING PROJECT MANAGEMENT (0500615713) met als adres Michel De Braeystraat 55 te 2000 Antwerpen

Ligging van het project:

Kalverstraat 8 te 2060 Antwerpen

Kadastrale percelen:

afdeling 7 sectie G nrs. 316V, 316F2, 316H2, 2459D en 2463B

waarvan:

 

-     20240322-0086

afdeling 7 sectie G nrs. 316H2, 316V, 316F2, 2459D en 2463B (SHS 1012, milieu)

Vergunningsplichten:

stedenbouwkundige handelingen, exploitatie van ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Voorwerp van de aanvraag:

aanpassen van de warmtebron voor de verwarming en koeling van gebouw SHS1012, het doorvoeren van interne structurele wijzigingen en het wijzigen van de gevels

 

Omschrijving stedenbouwkundige handelingen

 

Relevante voorgeschiedenis

-     04/10/2024: voorwaardelijke vergunning (OMV_2024087263) voor het bouwen van een meergezinswoning met 104 wooneenheden en de exploitatie van een warmtepomp (bouwveld 1012);

-     05/07/2024: bijstelling verkavelingsvergunning (OMV_2024010347) voor het bijstellen van contour lot 1 en vastleggen van de zone voor ontsluiting;

-     18/08/2023: verkavelingsvergunning (OMV_2023053674) voor het verkavelen van een terrein in 2 loten voor meergezinswoningen, 1 lot voor ontsluiting, slopen bestaande bebouwing en rooien van bomen (Slachthuissite fase 3);

-     02/06/2023: voorwaardelijke vergunning (OMV_2022165339) voor het heraanleggen van het openbaar domein op Slachthuissite;

-     05/08/2022: voorwaardelijke vergunning (OMV_2022024941) voor het realiseren van wijzigingen aan een reeds eerder toegekende vergunning en het exploiteren van een distributiecabine;

-     25/09/2020: bijstelling verkavelingsvergunning (OMV_2020090248) voor het bijstellen van de algemene voorschriften en van de voorschriften van lot 1;

-     4/2/1991: vergunning (86#900811) voor het bouwen van een vleeswarenfabriek.

 

Vergunde toestand

-     functie wonen:

  • meergezinswoning met 104 woongelegenheden op lot 1 (bouwveld 1012); 

-     bouwvolume: 

  • 6 bouwlagen en een teruggetrokken daklaag;
  • ondergrondse verdieping met fietsenberging;

-     gevelafwerking: 

  • gelijkvloerse lichtgrijze betonnen gevelplint;
  • gevelmetselwerk met zandkleurige tonaliteit op de verdiepingen;
  • dakverdieping in stalen gevelpanelen;
  • aluminium buitenschrijnwerk in lichtgrijze kleur;

-     inrichting: 

  • voorplein met verharding, groenzone en wadi.

 

Bestaande toestand

-     vergunning OMV_2024087263 ter uitvoering.


Nieuwe toestand

-     functie wonen ongewijzigd:

  • meergezinswoning met 104 woongelegenheden op lot 1 (bouwveld 1012); 

-     bouwvolume: 

  • 6 bouwlagen en een teruggetrokken daklaag;
  • uitgebreide ondergrondse verdieping met fietsenberging in functie van technische installaties;

-     gevelafwerking: 

  • gelijkvloerse lichtgrijze betonnen gevelplint;
  • gevelmetselwerk met zandkleurige tonaliteit op de verdiepingen;
  • dakverdieping in stalen gevelpanelen;
  • aluminium buitenschrijnwerk in lichtgrijze kleur;
  • bijkomende gevelroosters in functie van technische installaties;

-     inrichting ongewijzigd: 

  • voorplein met verharding, groenzone en wadi.


Inhoud van de aanvraag 

-     uitbreiden van de kelderverdieping; 

-     wijzigen van de gevels; 

-     doorvoeren van interne constructieve werken.

 

Omschrijving ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Voorgeschiedenis

Op 4 oktober 2024 verleende het college een vergunning voor het exploiteren van warmtepompen bij een nieuwbouw meergezinswoning met 104 wooneenheden (OMV_2024087263).

 

Inhoud van de aanvraag

De aanvraag omvat een aanpassing van de vergunde warmtepompen.

 

Aangevraagde rubriek(en)

 

Aangevraagde rubriek(en) SHS 1012, milieu
 

Rubriek

Omschrijving

Gevraagd voor

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW.

182 kW

Juridische grond

Het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, het decreet betreffende het integraal handelsvestigingsbeleid, het decreet betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en hun uitvoeringsbesluiten zijn van toepassing.

Regelgeving: bevoegdheid

Conform artikel 15 van het Omgevingsvergunningsdecreet is het college van burgemeester en schepenen voor zijn ambtsgebied in eerste administratieve aanleg bevoegd voor volgende aanvragen van:

 

  1. de gemeentelijke projecten;
  2. andere gevallen dan deze waarvoor de Vlaamse regering of de deputatie bevoegd is.

Argumentatie

Voorafgaand aan zijn beslissing neemt het college kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar.

 

Het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar luidt:

 

Adviezen

 

Externe adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies ontvangen

Advies

De Vlaamse Waterweg - Afdeling Regio Oost

24 november 2025

16 december 2025

Gunstig

De Vlaamse Waterweg - Afdeling Regio Centraal

24 november 2025

Geen advies ontvangen bij opmaak van dit verslag

 

Hulpverleningszone Brandweer zone Antwerpen

24 november 2025

27 november 2025

Voorwaardelijk gunstig

 

Interne adviezen

 

Adviesinstantie

Datum advies gevraagd

Datum advies

Stadsontwikkeling/ Mobiliteit

24 november 2025

2 december 2025

 

Toetsing regelgeving en beleidsrichtlijnen

 

Plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen en verkavelingen

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan GRUP Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen, goedgekeurd op 19 juni 2009. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zone: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Antwerpen.

 

Het eigendom is gelegen binnen de omschrijving van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP Slachthuissite, goedgekeurd op 25 februari 2019. Volgens dit plan ligt het eigendom in de volgende zones: Artikel 10. Zone voor Publiek Domein (Pu), Artikel 11. Zone voor Groen (Gr1) - Kalverwei en Kalverpad, Artikel 5. Zone voor Wonen (Wo1) - Kalverweibuurt en RUP contour - Algemene voorschriften.

 

(Gewestelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (GRUP's) kan u raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/grup. Gemeentelijke ruimtelijke uitvoeringsplannen (RUP's) kan u raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘goedgekeurde BPA’s en RUP’s'.)

 

De aanvraag ligt niet in een verkaveling.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan Slachthuissite.

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden.

 

Gewestelijke stedenbouwkundige verordeningen

-     Hemelwater: het besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater, tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is en tot opheffing van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen, buffervoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater.
(De verordening hemelwater kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Hemelwaterverordening 2023)
De verordening hemelwater is niet van toepassing op de aanvraag.

-     Toegankelijkheid: het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid (verder genoemd verordening toegankelijkheid).
(De verordening toegankelijkheid kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening toegankelijkheid)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de verordening toegankelijkheid op volgend(e) punt(en):

  • Artikel 15
    De breedte van de looppaden ter hoogte van de trapkernen op de kelderverdieping versmallen van 140 cm naar 106 cm, waar deze minstens 120 cm breed moeten zijn.

-     Publiciteit: het besluit van de Vlaamse regering van 12 mei 2023 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening voor publiciteitsinrichtingen.
(De verordening publiciteit kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > Gewestelijke publiciteitsverordening 2023)
De gewestelijke publiciteitsverordening is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Algemene bouwverordeningen

-     Voetgangersverkeer: het besluit van de Vlaamse regering van 29 april 1997 houdende de vaststelling van algemene bouwverordeningen inzake wegen voor voetgangersverkeer (verder genoemd verordening voetgangersverkeer), en de omzendbrief RO/98/2 van 23 maart 1998 betreffende de algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
(De verordening voetgangersverkeer kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Verordeningen > verordening wegen voor voetgangersverkeer)
De verordening voetgangersverkeer is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen

-     Bouwcode: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening (verder genoemd bouwcode), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 25 maart 2024 en in werking getreden op 15 juli 2024.
(De bouwcode kan je raadplegen via www.antwerpen.be, zoek op ‘regelgeving bouwen in Antwerpen’)
De aanvraag wijkt af van de bepalingen van de bouwcode op volgend(e) punt(en):

  • Artikel 8 Visuele en vormelijke inpassing
    De ramen in de fietsenberging worden vervangen door roosters en er worden ook bijkomende roosters in de plint voorzien;
  • Artikel 19 Afvalverzameling
    Het is niet duidelijk waar de gemeenschappelijke, afgescheiden en verluchte afvalberging van 35 m², zoals opgelegd in voorwaarde, voorzien wordt;

Stedenbouwkundige lasten: de gemeentelijke stedenbouwkundige verordening ‘Stedenbouwkundige lasten’ (verder genoemd verordening stedenbouwkundige lasten), definitief vastgesteld door de gemeenteraad in zitting van 29 april 2024.

(De verordening stedenbouwkundige lasten kan je raadplegen via https://www.antwerpen.be/nl/overzicht/vergunningen/regelgeving)

De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van de verordening stedenbouwkundige lasten.

 

Sectorale regelgeving

-     MER-screening:
Rekening houdend met de kenmerken van de aanvraag en zijn omgeving werd geoordeeld tijdens het volledig- en ontvankelijkheidsonderzoek dat de mogelijke milieueffecten van het project niet aanzienlijk zijn.

-     Programmatische Aanpak Stikstof: overeenkomstig het stikstofdecreet, het nieuwe beoordelingskader voor alle aanvragen die stikstofemissies veroorzaken, in werking getreden op 23 februari 2024.
Op basis van de toepassing van het stikstofdecreet kan redelijkerwijs worden vastgesteld dat de voorliggende aanvraag een verkeersdragend of een verkeersgenererend project is. Bijgevolg is het beoordelingskader voor stikstofoxiden veroorzaakt door mobiliteit van toepassing. De stikstofdepositie van het project en de effecten hiervan zijn onderzocht voor de Habitatrichtlijngebieden (SBZ-H) binnen een straal van 20 km rond het projectgebied. 

De berekende impact (https://www.waterinfo.be/informatieplicht) is lager dan of gelijk aan de minimis-drempel van 1%.

De kritische depositiewaarde ten aanzien van de SBZ-H wordt door het project niet overschreden. Bijgevolg is de opmaak van een passende beoordeling van de effecten van stikstofdepositie via de lucht ten aanzien van de SBZ-H niet vereist. 

-     Watertoets: overeenkomstig artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Waterwetboek), dient een vergunningsaanvraag onderworpen te worden aan de zogenaamde watertoets. Deze wordt uitgevoerd overeenkomstig het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 1.3.1.1 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018 (verder genoemd Watertoetsbesluit).
Het voorliggende project is gelegen in een zone waarvoor De Vlaamse Waterweg aangewezen is als adviesinstantie.

Voor het project is geen fluviale overstromingskans gemodelleerd (score A).

Het project is gelegen in een zone met een kleine pluviale overstromingskans (T1000) onder toekomstig (2050) klimaat (score B).

Het project is niet gelegen in een signaalgebied.
Na onderzoek blijkt dat het project waarschijnlijk geen schadelijke effecten op het watersysteem veroorzaakt.

Kijk de score van uw project na op https://www.waterinfo.be/informatieplicht.

Op volgende website worden oplossingen aangereikt om gebouwen te beschermen tegen waterindringing of in het geval van onvermijdbare waterindringing de kans op schade te verkleinen https://vmm.vlaanderen.be/publicaties/individuele-bescherming-tegen-overstromingen.

-     Rioleringstoets: overeenkomstig artikel 4.3.9 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 moet een omgevingsvergunningsaanvraag getoetst worden aan de zogenaamde rioleringstoets.
De rioleringstoets is niet van toepassing op de aanvraag.

-     Vlaamse codex Wonen van 2021: Gecodificeerde decreten over het Vlaamse woonbeleid, gecodificeerd op 17 juli 2020.
(De kwaliteitsnormen voor woningen, die in uitvoering van de Vlaamse codex Wonen van 2021 zijn opgemaakt, kan je raadplegen via www.wonenvlaanderen.be, zoek op “besluit Vlaamse codex van 2021”)
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van de Vlaamse codex Wonen van 2021.

-     Rooilijn: artikel 4.3.8 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO) van 15 mei 2009. 
(De VCRO kan je raadplegen via https://omgeving.vlaanderen.be/, ga naar Decreten en uitvoeringsbesluiten > Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO))
Artikel 4.3.8 is niet van toepassing op de aanvraag.
 

Beleidsmatig gewenste ontwikkelingen

-     Transformatieleidraad: Transformatieleidraad Ruimte geven aan de stad van morgen. Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad dit plan goed.
De transformatieleidraad kan je raadplegen via Transformatieleidraad.

-     Strategische Ruimteplan Antwerpen (SRA): Op 21 mei 2024 keurde de gemeenteraad het nieuwe plan goed.
Het strategisch ruimteplan Antwerpen kan je raadplegen via Strategisch Ruimteplan Antwerpen.

 

Omgevingstoets

 

Toetsing van de verenigbaarheid van het aangevraagde met de omgeving en de goede ruimtelijke ordening

 

Afwijking van de voorschriften

De aanvraag is in overeenstemming met de bepalingen van het ruimtelijk uitvoeringsplan Slachthuissite.

In dit RUP geldt een aansluitverplichting op het warmtenet, voor zover dit reeds gerealiseerd is.


In voorliggende aanvraag wenst de aanvrager de warmtevoorziening collectief te organiseren voor bouwvelden SHS 1012, SHS 1013 en SHS 1014 via een systeem van BEO-velden onder de loten SHS 1012 en SHS 1013, gecombineerd met warmtepompen. De wijziging van de warmtebron vereist aanpassingen aan de kelderverdieping. Deze technische aanpassingen aan bouwveld SHS 1012 zijn het voorwerp van voorliggende aanvraag.
De stelling van de exploitant dat er onvoldoende garanties bestaan met betrekking tot de warmtelevering kan niet worden bijgetreden.  De ondergrondse leidingen van het warmtenet zijn al geplaatst. Bijgevolg geldt een aansluitverplichting. De voorgestelde warmtevoorziening met BEO-velden kan dan ook enkel maar als een aanvulling op het warmtenet gezien worden, waarbij de BEO-velden een bijkomende duurzame warmtebron vormen op dit warmtenet. 

 

Functionele inpasbaarheid en Schaal - ruimtegebruik - bouwdichtheid

Voorliggende aanvraag omvat geen functiewijziging, noch een uitbreiding van het vergunde volume. De aanvraag blijft hierdoor inpasbaar in zijn omgeving, schaal en ruimtegebruik blijven gerespecteerd.

 

Visueel-vormelijke elementen

De ramen in de westgevel gericht naar het park, ter hoogte van de fietsberging, zoals voorzien in de vorige vergunning (OMV_2024087263) worden gesupprimeerd en vervangen door roosters (bouwcode, artikel 8).

Deze roosters zijn nodig om de luchttoevoer van de technische installaties te verzekeren.

In beide kopse gevels worden 6 verluchtingsroosters toegevoegd, alsook 2 in de oostgevel aan Kalverstraat. De verluchtingsroosters volgen de ritmering van het gebouw en worden voorzien van dezelfde afwerking en kleur als het aluminium schrijnwerk. De roosters worden op een aanvaardbare wijze aangebracht in de gevel. Hierdoor kan uitzonderlijk een afwijking op artikel 8 van de bouwcode gunstig worden geadviseerd.

 

De architecturale kwaliteit van het project en het gevelbeeld blijft gerespecteerd, de aanvraag blijft visueel inpasbaar in zijn omgeving.

 

Hinderaspecten – gezondheid – gebruiksgenot – veiligheid in het algemeen

Op de plannen is er geen gemeenschappelijke, afgescheiden en verluchte afvalberging voorzien van 35 m² (bouwcode, artikel 19), zoals opgelegd in de voorwaarden bij de vergunning (OMV_2024087263). Verwacht wordt om aan deze voorwaarde te voldoen bij ingebruikname van het gebouw. Deze voorwaarde wordt nogmaals opgenomen bij de vergunning.

 

De breedte van de looppaden in de trapkernen op de kelderverdieping voldoet niet aan de minimumbreedte, zoals opgelegd in de verordening Toegankelijkheid (2009). Deze zijn 106 cm breed voorzien, waar minimaal een breedte van 120 cm moet voorzien worden. Dit wordt opgelegd als voorwaarde bij de vergunning.

Bovendien wordt opgemerkt dat voor de aansluiting van de verschillende gebouwen op de BEO-velden, de aanleg van bijkomende leidingen noodzakelijk is onder het openbaar domein. De aanvrager beschikt op heden niet over de vereiste toelatingen om deze aansluitingen te realiseren. Voorliggend besluit impliceert geen goedkeuring voor de aanleg van deze leidingen onder het openbaar domein.

 

Toetsing van aanvaardbaarheid van de ingedeelde inrichtingen of activiteiten op het vlak van hinder en risico's voor de mens en het milieu

 

In de vergunde toestand van gebouw SHS1012 wordt voor het leveren van warmte beroep gedaan op het riothermie-warmtenet. De exploitant geeft aan dat er onvoldoende garanties bestaan over de beschikbaarheid ervan. Als alternatief wordt voorgesteld de warmte te halen uit een BEO-veld (Boorgat Energie Opslag) onder de loten SHS1012 en SHS1013, gecombineerd met een decentraal systeem van lucht/waterwarmtepompen, waarop ook SHS1014 wordt aangesloten. De wijziging van de warmtebron vereist beperkte aanpassingen aan de ondergrondse verdieping van SHS1012, waar bijkomende technische lokalen worden voorzien voor de installatie van warmtepompen.

 

Het BEO-veld bestaat uit 66 boringen met een diepte van 145 meter waarin telkens een warmtewisselaar wordt geplaatst die samen verbonden zijn met de water/waterwarmtepomp. De warmtepomp heeft een drijfkracht van 73,8 kW (koelmiddel 130 kg R1234ze). Omdat de warmtevraag groter is dan de vraag naar afkoeling, worden vier bijkomende collectieve lucht/waterwarmtepompen voorzien om de bodemtemperatuur in evenwicht te houden. De pompen hebben een individuele drijfkracht van 22,8 kW (koelmiddel 9,2 kg R32).

De CV-installatie werkt op lage temperatuur zodat een systeem nodig is om de warmte van de primaire productie op te waarderen voor sanitair warm water. Deze verdere opwarming vindt plaats via een collectieve boosterwarmtepomp met een drijfkracht van 17 kW (koelmiddel 30 kg R1234ze).

 

Alle pompen worden in de kelderverdieping geplaatst. Aan de noordgevel worden 10 gevelroosters voorzien om de lucht/waterwarmtepompen te voorzien van verse lucht (aanzuig). De afgeblazen lucht wordt gekanaliseerd en verdeeld over 6 gevelroosters in de westgevel en 6 gevelroosters in de oostgevel.

 

Voor de koeling wordt enkel gebruik gemaakt van passieve koeling (zonder compressor).

Door de nood aan grotere technische ruimtes voor de plaatsing van de warmtepompen en het BEO-veld, wordt de keldervloer 30 cm verdiept en over de volledige kelder doorgetrokken.

De bemaling wordt niet mee aangevraagd, maar gezien ze onlosmakelijk verbonden is aan de uitvoeringsfase, werden de mogelijke effecten al onderzocht. Het te verwachten maximaal debiet bedraagt 26,5 m³/uur of 636 m³/dag. Over een periode van twee maanden bedraagt het cumulatief bemalingsvolume 22.500 m³. Doordat het lokale grondwater verhoogde concentraties aan PFAS bevat, dient een waterzuiveringsinstallatie (actief kool) voorzien te worden. Daarnaast zullen nog verhoogde lozingsnormen voor PFAS en een aantal andere stoffen bekomen moeten worden. Mits toestemming van de beheerder kan het bemalingswater geloosd worden in het Lobroekdok, zoals bij eerdere bemalingen op de Slachthuissite. De invloed van bemalingswerken op de gekende bodemdossiers in de omgeving is nagekeken. De impact op de aanwezige verontreiniging met minerale olie wordt verwaarloosbaar klein geacht. Verder zijn geen relevante mobiele grondwaterverontreinigingen aanwezig en zijn ook geen nefaste effecten van de bemaling te verwachten.

 

Beoordeling

De stelling van de exploitant dat er onvoldoende garanties bestaan met betrekking tot de warmtelevering kan niet worden bijgetreden.
De installatie van BEO-velden is enkel aanvaardbaar voor zover het gaat om een bijkomende duurzame bron op het warmtenet. De BEO-velden die enkel kunnen voorzien worden als collectief back-up scenario en bijkomende duurzame bron op het warmtenet zullen bestaan uit 66 boringen onder lot SHS1013, tot een diepte van 145 m-mv. Het dieptecriterium ter hoogte van de projectlocatie bedraagt 150 m-mv. Aangezien verschillende bodemlagen doorboord worden bestaat er een risico op verticale grondwaterstroming. Mits naleven van de bepalingen opgenomen in afdeling 6.9.1. en bijlage 5.53.1 van Vlarem II is het risico beheersbaar en aanvaardbaar.

 

De afblaas van de warmtepompen gebeurt via een gesloten kanaal. De ruimte waarin ze zich bevinden zal via een open ventilatierooster met de omgeving verbonden zijn. Door deze verbindingen is geluidshinder mogelijk. Het maximale toegestane geluidsniveau (gemeten aan eigen en naburige terrassen en aan de perceelsgrens) bedraagt voor dag-, avond- en nachtperiode respectievelijk 40 dB(A), 35 dB(A) en 30 dB(A). Op basis van een akoestische prognose worden volgende milderende maatregelen voorgesteld:

-     In de afblaaskanalen worden geluiddempers (coulissendemper) voorzien met een reductie van minimaal 24 dB(A).

-     Ter hoogte van de aanzuig dient een akoestisch rooster te worden geplaatst.

-     Op de hele plafond en de wanden van de technische ruimte worden geluidsabsorberende houtwolcementpanelen geplaatst met achterliggend minimaal 100 mm minerale wol.

Het risico op geluidshinder is aanvaardbaar, gelet op de voorziene milderende maatregelen. Als voorwaarde wordt opgenomen dat na de realisatie van het project, de naleving van de normen bij vollast gecontroleerd wordt aan de hand van geluidsmetingen.

 

Gelieve er rekening mee te houden dat sommige koelmiddelen aan uitfasering onderworpen zijn om in het kader van duurzaamheid en in geval van accidentele vrijstelling, de impact op het milieu te milderen. Meer informatie over in de toekomst toegelaten koelmiddelen en hun eventuele uitfaseringstermijn kan teruggevonden worden op https://www.vlaanderen.be/veka/energie-en-klimaatbeleid/energie-en-klimaatbeleid-voor-ondernemingen/f-gassen/20-februari-2024-nieuwe-f-gassenverordening-gepubliceerd.

 

De beoordeling van de bemaling en het lozen van het bemalingswater zal gebeuren op basis van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.

 

Advies aan het college

 

Advies over de stedenbouwkundige handelingen

Aan het college wordt voorgesteld om voor de stedenbouwkundige handelingen de omgevingsvergunning te verlenen onder voorwaarden.

 

Geadviseerde stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.

2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

3. Voor de 104 wooneenheden moet conform artikel 26 van de bouwcode een gemeenschappelijke, afgescheiden en verluchte afvalberging van 35 m² voorzien worden.

4. De looppaden in de trapkernen ter hoogte van de kelderverdieping dienen minstens 120 cm breed te zijn.

 

Advies over de ingedeelde inrichtingen of activiteiten

Mits de algemene, sectorale en bijzondere milieuvoorwaarden worden nageleefd, kunnen de hinder en risico’s voor mens en milieu tot een aanvaardbaar niveau beperkt worden. Er wordt voorwaardelijk gunstig advies gegeven de vergunning aan te passen.

 

Geadviseerde rubriek(en)

 

Rubriek

Omschrijving

Geadviseerd voor

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW. (inrichting SHS 1012, milieu)

182 kW

 

Geadviseerde bijzondere milieuvoorwaarden

1. Na de realisatie van het project wordt de conformiteit van de technische installatie met de geldende richtwaarden voor geluid gecontroleerd door middel van geluidsmetingen bij vollast.

Fasering

 

Procedurestap

Datum

Indiening aanvraag

17 oktober 2025

Volledig en ontvankelijk

24 november 2025

Start openbaar onderzoek

geen

Einde openbaar onderzoek

geen

Gemeenteraad voor aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van gemeentewegen

geen

Uiterste beslissingsdatum

23 januari 2026

Verslag GOA

21 januari 2026

Naam GOA

Axel Devroe en Bieke Geypens

Onderzoek

Er zijn geen aanpalende eigenaars waarvan de scheidingsmuren met het project zouden worden opgericht, uitgebreid of afgebroken, die om hun standpunt gevraagd moesten worden.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college sluit zich integraal aan bij het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar en maakt dit tot zijn eigen motivatie.

Artikel 2

Het college beslist de aanvraag tot omgevingsvergunning goed te keuren en aan de aanvrager de vergunning af te leveren, die afhankelijk is van de strikte naleving van volgende voorwaarden:

 

Algemene voorwaarden

de algemene voorwaarden die aan de vergunning zijn gehecht en er integraal deel van uitmaken.

 

Stedenbouwkundige voorwaarden

1. De bijgevoegde brandvoorzorgsmaatregelen zijn op het moment van eerste ingebruikname/exploitatie na te leven.

2. Na uitvoering van de werken moet voldaan zijn aan de elementaire veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten, opgelegd door de Vlaamse Codex Wonen van 2021 en het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van de Vlaamse Codex Wonen van 2021.

3. Voor de 104 wooneenheden moet conform artikel 26 van de bouwcode een gemeenschappelijke, afgescheiden en verluchte afvalberging van 35 m² voorzien worden.

4. De looppaden in de trapkernen ter hoogte van de kelderverdieping dienen minstens 120 cm breed te zijn.

 

Bijzondere milieuvoorwaarden

1. Na de realisatie van het project wordt de conformiteit van de technische installatie met de geldende richtwaarden voor geluid gecontroleerd door middel van geluidsmetingen bij vollast.

Artikel 3

Het college beslist de plannen waarvan een overzicht als bijlage bij dit besluit is gevoegd, goed te keuren.

 

De vergunning omvat thans volgende rubriek(en):

 

Rubriek

Omschrijving

Gecoördineerd

16.3.2°a)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen, airconditioningsinstallaties, en andere installaties voor het fysisch behandelen van gassen met een geïnstalleerde totale drijfkracht van 5 kW tot en met 200 kW. (inrichting SHS 1012, milieu)

182 kW

Artikel 4

Dit besluit heeft in principe geen financiële gevolgen.